Posts Tagged ‘Galerie Ron Mandos’

Galerie – Beeldende kunst in Amsterdam

Max Pinckers en Michiel Burger, Mamihlapinatapai. T/m 4/11 in Vlaams Cultuurhuis de Brakke Grond, Nes 45.

Mamihlapinatapai heet de duo-expositie van de jonge Vlaamse documentairefotograaf Max Pinckers (Brussel 1988) en zijn Nederlandse collega Michiel Burger (Deventer 1983) in de Brakke Grond, Dat betekent zoveel als ‘een blik die gedeeld wordt door twee mensen, waarbij de een hoopt dat de ander iets doet wat de ander ook zou willen doen maar beiden niet durven’.

In de achterste zaal is het complete fotoarchief van Michiel Burger aan de muren bevestigd, geprint op A4-tjes, genummerd en keurig gerangschikt op thema. Daartussen, in lichtbakken op de vloer, staan esthetische foto’s uit Pinckers’ fotoreeks The Fourth Wall, waaruit de enorme invloed van Bollywood op het dagelijks leven in India spreekt.

In de Witte Zaal zijn de werken van de twee fotografen gecombineerd. Op posterformaat. En blijken de overeenkomsten veel groter dan de verschillen. De mooiste combinatie gaat deels schuil achter een enorme pilaar, een interventie van Gauthier Oushoorn. Het schilderachtige tableau van Pinckers is gemaakt in een uitgestorven, kitscherig hotel met nagemaakte oude Griekse beelden en fresco’s, waar veel Bollywoodfilms worden opgenomen. Op de kale foto ernaast is de uitgemergelde, doodzieke vader van Burger te zien. 32-C-5 Euthanasia luidt de titel.

Carli Hermès, Reflections. T/m 28/10 in Galerie Pien Rademakers, KSNM Laan 291.

‘De klassieke uitstraling en de seksuele spanning zijn enkele aspecten die bijdragen aan de gelaagdheid,’ schrijft galeriehouder Pien Rademakers in het voorwoord van de catalogus bij de nieuwste expositie van fotograaf Carli Hermès (Schijndel 1963).

De typering van oud-Playboy-hoofdredacteur Jan Heemskerk bij een vorige gelegenheid, toen Hermès modellen fotografeerde door netten en glasplaten, voorzien van veelkleurige verf, was nog net iets treffender. En plastischer. ‘Hermès verstaat de zeldzame kunst een feilloos oog voor hip, trendy en stijlvol te paren aan een feilloos oog voor een lekker wijf’.

Dat doet Hermès – die fotografie studeerde aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag en aan de Bournemouth School of Art in Engeland, en vervolgens naam maakte met gewaagde fotografie voor merken als Martini, Levi’s en WE – al jaren, telkens weer nét even anders. En of hij nu mode- of naaktreportages maakt, reclamecampagnes of vrij werk, zijn foto’s zijn altijd übergestileerd én prikkelend.

Zijn nieuwste serie heet Reflections, en bestaat uit elf foto’s die speciaal zijn gemaakt om de nieuwe ‘conceptuele galerieruimte’ op KNSM-eiland in te luiden, waar Galerie Pien Rademakers na twaalf jaar Prinsengracht naartoe is verhuisd.

Het concept: met één of twee projectoren ‘kleedt’ Hermès zijn naakte, bloedmooie modellen ‘aan’, terwijl zij klassieke houdingen aannemen. Of anders gezegd: als een bodypainter legt Hermès een laagje van veelkleurig licht op ze; hun gladde huid verandert in een testbeeld, in een vuurrode zon, in een schaduwrijke plek tussen de bomen of in enorme QR-code. Dat lijkt simpel, maar is monnikenwerk; bij de kleinste beweging; bij ieder zuchtje verandert het beeld, en Hermès gebruikt de computer alleen om de modellen vrijstaand te maken.

Maar het resultaat is ernaar. Je zou bijna over het hoofd zien dat de modellen poedelnaakt zijn, zo verhullend is het licht. Geen mens nam dan ook aanstoot aan de posters die ter gelegenheid van de opening in grote aantallen in de stad waren te zien.

Mokum 50 jaar! T/m 11/11 in Galerie Mokum, Oudezijds Voorburgwal 334

Voor de jubileumtentoonstelling bij de 50e verjaardag van Galerie Mokum maakten alle schilders uit de stal van de oudste galerie van Amsterdam een nieuw werk van 50 x 50 cm. Burgemeester Eberhard van der Laan kwam afgelopen zaterdag naar de Oudezijds Achterburgwal om de expositie te openen; hij nam het eerste exemplaar in ontvangst van het vuistdikke jubileumboek Mokum 50, met werk van 44 ‘Mokumse’ kunstenaars, en overhandigde eigenaar Rutger Brandt een erepenning van de stad.

Boek en expositie tonen figuratieve kunst in de volle breedte, van verfijnd Realisme en pointillistische werken tot Fijnschilderkunst en wat losser, impressionistischer werk. Er hangen stillevens, portretten, landschappen en  stadsgezichten, van schilders als Matthijs Röling en Sam Drukker, Jantina Peperkamp en Robert Vorstman. Een aantal kunstenaars nam de jarige galerie als uitgangspunt: Arnout van Albeda schilderde een chocoladetaart, Jan Maris de stenen boogbrug over de Oudezijds Voorburgwal voor de galerie, Nico Heilijgers de gevel van de galerie. Door de ramen zijn het hondje van galeriehouder Brandt en een schilderij van Heilijgers zelf zichtbaar.

herman de vries, drawings 2012 & two stones. T/m 27 oktober in Art Affairs, Veemkade 354.

Ze liggen er mooi bij, op massief houten palen: maar het blijven gewoon twee stenen. Of toch niet? Navraag leert dat kunstenaar-filosoof herman de vries – hij schrijft zijn naam zonder hoofdletters, om hiërarchieën te vermijden – de ene in de buurt van Digne vond, waar zijn ‘aardmuseum’ is gevestigd. De ander vond hij in het Duitse Steigerwald, vlakbij zijn huis. Er is verder niets met de stenen gebeurd; het gaat de vries, die voor hij kunstenaar werd als landbouwkundige werkte, om de overeenkomsten in structuren in de natuur. Op micro- en macroniveau. Bij de grijze steen kun je je bijvoorbeeld een hele rotswand kunnen voorstellen.

Naast de stenen hangen in Galerie Art Affairs 23 recente, etherische, sprankelende potloodtekeningen. Ze bestaan uit strepen en streepjes in een groot aantal groentinten, sommige heel ‘dicht’, andere luchtiger, meer open, waar velden, wolken en zwermen in te herkennen zijn. ‘Het veld is zowel één als veel’, noteerde de 81-jarige de vries treffend in een kattebelletje dat hij voor de opening van de expositie schreef.

Isaac Julien, Better Life (Ten Thousand Waves). T/m 20/10 in Galerie Ron Mandos, Prinsengracht 282.

Een waardevolle aanvulling op Isaac Juliens ‘9 screen video installation’ Better Life (Ten Thousand Waves) – het absolute hoogtepunt van de expositie Expanded Cinema in EYE – zijn de foto’s onder dezelfde noemer, nu te zien in galerie Ron Mandos.

Het zijn metersgrote, haarscherpe beelden uit de ruimtelijke installatie, een groot aantal met Maggie Cheung: als een martial arts-krijger tegen een helgroene achtergrond, in gepeins verzonken, uitkijkend over een futuristische stad. Voor het lieve sommetje van 38.000 euro hangt de Chinese superster boven je bed.

Ook de 20 minuten durende ‘single screen video’ The Leopard laat zien dat de Britse kunstenaar, die furore maakte met Baadasssss Cinema (2002), een vermakelijke documentaire over Blaxploitation, zijn wilde haren kwijt is. De film ontleent niet alleen de titel, maar ook zijn fraaie, maar trage visuele stijl aan Luchino Visconti’s meesterwerk Il Gattopardo.

15

10 2012

Galerie – Beeldende kunst in Amsterdam

Sofie Knijff, Translations. T/m 24/3 in Galerie Ron Mandos, Prinsengracht 282.

Sofie Knijf zat op de Toneelschool in Maastricht en speelde bij De Trust en Het Nationale Toneel voordat ze een carrièreswitch maakte en naar de Amsterdamse Fotoacademie ging. Sindsdien werkt ze als huisfotograaf van theatergezelschap De Warme Winkel en reist ze de wereld over om even theatrale als ingetogen foto’s te maken van kinderen die hun toekomstdroom acteren.

Bij Galerie Ron Mandos zijn nu foto’s te zien uit Mali en Zuid-Afrika. Van een donker jochie uit Hombori, bijvoorbeeld, een dorp in een regio die wordt geteisterd door droogte en armoede. Maar hoe onzeker zijn toekomst ook moge zijn, de jongen op de foto straalt een rotsvast vertrouwen in de toekomst uit: hij wordt journalist als hij later groot is, Hij kijkt er ernstig bij. Vastberaden. Op zijn neus heeft hij een zwarte bril zonder glazen, hij ‘draagt’ een blauw jasje, niet van stof maar met verf op zijn blote bast aangebracht.

Het gaat Knijff overigens niet om het vastleggen van de armoede; ook is het haar niet te doen om de verkleedpartij. Het draait om de verbeelding; om de alleszeggende blik van de kinderen.

De serie groeit overigens nog steeds; Knijff is net terug uit Brazilië, binnenkort vertrekt ze naar Groenland om de kinderen in een inuît-dorp te fotograferen.

Fritz Bornstück, Klaas Kloosterboer, Simon Hemmer en Jan van der Ploeg, Whatever Lola Wants. T/m 24/3 bij Gerhard Hofland, Bilderdijkstraat 165-C.

‘Whatever Lola Wants’ heet de groepstentoonstelling bij Gerhard Hofland, naar een liedje van Sarah Vaugahn, dat ook wordt gespeeld door Terry Snyder and The All Stars. In de studio van Jan van der Ploeg neemt de platenhoes van die uitvoering, ontworpen door Josef Albers, een prominente plaats in. De galeriehouders en de kunstenaars vonden de titel “los, eigentijds en toch dwingend”.

Hun werken hebben verder niet zo veel met elkaar van doen; de schilderijen van de jonge Duitser Fritz Bornstück niet met die van zijn landgenoot Simon Hemmer, die ook weer weinig raakvlakken hebben met de twee enorme lappen van Klaas Kloosterboer. Op zichzelf zijn ze overigens intrigerend genoeg.

Het meest bijzonder aan de expositie is de bijdrage van Van der Ploeg. Hij liet een poster drukken op basis van een van zijn hypnotiserende, uit geometrische vormen opgebouwde schilderijen. Te koop voor 50 euro, de oplage is 250 stuks. Het werk leent zich goed voor het bekleden van een gehele wand.

27

02 2012

Galerie – Beeldende kunst in Amsterdam

6x Rijksakademie Alumni. T/m 3/12 in Galerie Ron Mandos, Prinsengracht 282.

Door de bezuinigingen van het Rijk en de gemeente staat de toekomst van de Rijksakademie van beeldende kunsten op het spel. Om het belang van deze broedplaats voor toptalent uit binnen- en buitenland nogmaals te onderstrepen, toont Galerie Ron Mandos nu werk van zes oud-studenten: Jacco Olivier, Maurice van Tellingen, Arthur Kleinjan, Maurice Braspenning, Inti Hernandez en Hans Op de Beeck.

Van laatstgenoemde is Sea of Tranquility te zien, een dromerige combinatie van live-opnames en computer gegenereerde 3D sets, vernoemd naar het enorme cruiseschip waarop het half uur durende, niet lineaire en dialoogloze beeldverhaal zich afspeelt.

Er worden lichtgevend blauwe puddinkjes geserveerd in het uitgestorven restaurant, een vrouw ondergaat een ooglidcorrectie, kapitein Johan Leysen doet weinig anders dan strak voor zich uit kijken. Niemand lijkt zich te vermaken; alleen de danseressen van het showorkest lachen, maar zij worden ervoor betaald.

Sea of Tranquility is bepaald geen Love Boat: het cruiseschip is getransformeerd tot fata morgana van het menselijke verlangen even uit de alledaagse werkelijkheid te ontsnappen.

Koert Stuyf: No End to Dreaming. T/m 30/11 in Meneer Malasch, Postjesweg 2.

Serieuze Zaken aan de Lauriergracht is niet meer; Rob Malasch is neergestreken in Amsterdam West. Niet met een gewone galerie maar met een ‘multimedia project’, Meneer Malasch geheten. De eerste tentoonstelling is gewijd aan kunstenaar/choreograaf Koert Stuyf (Amsterdam, 1938). Samen met zijn muze, de danseres Ellen Edinoff, maakte Stuyf tot halverwege de jaren ’70 naam met onconventionele en experimentele dansvoorstellingen. Nu maakt hij frisse acrylschilderijen en potloodtekeningen; kleurrijke (veel geel, groen en rood), wat kinderlijke werken, die stuk voor stuk kunnen worden gezien als hommage aan Edinoff.

In de enorme ruimte zijn tevens Fong Leng-achtige jurken te zien van de Britse Zandra Rhodes, en zwart-witfoto’s van Stuyf waarop Edinoff danst in de jurken. Maar de grootste attractie is buiten voor de deur van Meneer Malasch. Het zand onder de trottoirtegels is vervangen door een laag schuimplastic – zoals Stuyf in 1970 deed voor het Stedelijk Museum –, waardoor de stoep veert en voorbijgangers spontaan beginnen te ‘dansen’.

De rubriek Galerie verschijnt iedere vrijdag in Het Parool.

14

11 2011

Galerie – Beeldende kunst in Amsterdam e.o.

P P P Pier Paolo Pasolini. T/m 28 oktober bij Metis-nl, Lijnbaansgracht 316.

1 november 1975, in de nacht van Allerheiligen, werd de Italiaanse schrijver, filmregisseur, dichter, essayist, homoactivist, marxist en polemist Pier Paolo Pasolini vermoord, waarschijnlijk door het hoerenjoch Pino Pelosi. Pasolini’s zwaar verminkte lichaam – er was onder meer twee keer met zijn eigen auto over hem heen gereden – werd de volgende ochtend gevonden op het strand van Ostia.

Wie wil zien waar Pasolini voor stond, kan terecht in Italiaans restaurant L’Ozio in de Ferdinand Bolstraat (films) en in galerie Metis-nl. De ambitieuze, breed meanderende expositie combineert films, grafiek en foto’s van, over en met Pasolini.

De Italiaanse Letizia Battaglia, die bekend werd door haar foto’s van maffiaslachtoffers, fotografeerde Pasolini in 1972, tijdens een discussie over zijn I Racconti di Canterbury (The Canterbury Tales), waarin hij naar eigen zeggen de puurheid van het menselijk lichaam bezingt, maar die desalniettemin was verboden door de censuur. Rechts en links stonden ook nu weer lijnrecht tegenover elkaar; de vrijheid van expressie tegenover wetten die schennis van de eerbaarheid strafbaar stellen. Pasolini, die pornografie als consumptiegoed van het kapitalisme zag, moet zich totaal onbegrepen hebben gevoeld, zo valt af te lezen van Battaglia’s fraaie zwart-witfoto’s.

De Mexicaanse Graciela Iturbide keerde terug naar het desolate strand van Ostia; Alfredo Jaar maakte de associatieve film Le Ceneri di Pasolini, waarin hij betoverende scènes uit Pasolini’s meesterwerken combineert met nieuwsbeelden van zijn uitvaart en pratende hoofden, onder meer van een piepjonge Bernardo Bertolucci, de schrijver Alberto Moravia en van Pasolini zelf.

Van Marlene Dumas, ten slotte, zijn drie immense litho’s te zien, in 1988 uitgegeven onder de titel Le Ceneri di Gramsci (‘de as van Gramsci’), samen met een verhalend gedicht van Pasolini over Antonio Gramsci, de mede-oprichter en eerste leider van de Communistische Partij). Bijzonder zijn ook de schetsen die Dumas maakte van Gramsci en Pasolini. “De schijn van (sexuele) vrijheid…”, noteerde ze in de kantlijn. “Ze wordt van bovenaf verleend en niet van onderaf veroverd”.

Armed and Relatively Dangerous. Vijf sculpturen van Thom Puckey. T/m 27 november in het Kunstfort bij Vijfhuizen.

De Franse filmmaker Jean-Luc Godard stelde decennia geleden dat voor een film niets anders nodig is dan een meisje en een pistool. Voor een beeld geldt hetzelfde, zo bewijzen vijf recente sculpturen van de in Engeland geboren, in Amsterdam wonende Thom Puckey.

Ze tonen jonge, beeldschone, naakte vrouwen met allerhande wapentuig. Een meisje ligt gestrekt achter een mitrailleur. Tegen de heupen van een zittende vrouw zonder armen steunen twee pistolen. Een liggende vrouw heeft in beide handen een karabijn – haar pose lijkt op die van Frank Capa’s wereldvermaarde foto van een vallende soldaat.

De uit zwart en wit marmer gebeitelde beelden, waarin het 19e-eeuwse realisme en de 20e-eeuwse popcultuur samenkomen, zijn steenhard en zijdezacht tegelijk. Ze zijn bovendien uitstekend op hun plaats in het Kunstfort bij Vijfhuizen, onderdeel van een voormalig, immens verdedigingscomplex bedoeld om vijandige troepen buiten Amstetrdam te houden.

Pär Strömberg & Stief Desmet. T/m 22 oktober in Galerie Ron Mandos, Prinsengracht 282.

Zijn tweets na de overwinning van Zweden op het Nederlands elftal laten zien dat Pär Strömberg zich ook om aardse zaken bekommert. Zijn schilderijen in Galerie Ron Mandos tonen een andere kant: Strömbergs (fysieke) landschapsschilderijen zijn hommages aan de goden en oude werelden.

Strömberg schildert in oneindig veel blauwtinten – ijselijke blauwtinten. Koude winternachten, besneeuwde bergtoppen en naaldbomen, een grote, ronde maan, hutjes waar geen licht brand, en hier en daar het silhouet van een eenzame, verdwaalde wandelaar. Je gaat bijna vanzelf op zoek naar een bloedspoor, of een lijk.

Strömbergs ijle, mystieke werken zullen niet ieders kopje thee zijn; daarvoor balanceren ze teveel op de rand van kitsch. Zijn vakmanschap, dat spat van alle schilderijen, zowel de kleine, fijne als de overweldigend grote, is echter onmiskenbaar.

Deze rubriek verschijnt iedere vrijdag in Het Parool.

19

10 2011

Een dromerig, driedubbel gelaagd wajangspel

Carroussel. Daniel de Roo, 2010. Mixed media, video. 171x70x58 cm.

Eigenlijk is het zo simpel als wat. Op een witgeschilderde houten kist die tegen een witte muur is gepositioneerd, staan twee witte, wankele, vellen papier – ze zijn licht gevouwen, zodat ze rechtovereind blijven staan. En zodra daar van achter uit de zaal de lichtsequenties van een echt theaterstuk op worden geprojecteerd, verandert het wankele bouwwerk in een echt theater. Als bij toverslag. Een theater waarin alleen het licht voortdurend verandert – verder gebeurt er niets. Het stuk moet de kijker er zelf bij verzinnen, wat verbluffend weinig moeite kost.

Het is de grote kwaliteit van ‘sculpturale video-installaties’ van de jonge Amsterdammer Daniel de Roo: ze zetten direct de verbeelding in werking. De Roo studeerde vorige jaar zomer cum laude af aan de Gerrit Rietveld Academie, met een soortgelijke, al even prikkelende installatie: een filmstudio op miniformaat. Dankzij een beamer komen een cameraman, geluidsman, regisseur en de acteurs tot leven op een uitgeknipte witte achtergrond, waarvoor papieren silhouetten van een statief, een lamp en drie stoelen zijn geplaatst. Het resultaat is een dromerig, driedubbel gelaagd wajangspel.

Zijn filmstudio bezorgde De Roo de Beeldende Kunst Aanmoedigingsprijs 2009 en de Ron Mandos Young Blood Award, bestaand uit een geldbedrag en een presentatie in de galerie, waar het fraaie fröbelwerkje nu opnieuw te zien is.

Ook in de overige vier werken speelt De Roo een schrander spel met werkelijkheid en kunstmatigheid. De wind lijkt het dichte doek van een circustent in beweging te zetten (‘wat zou erachter gebeuren?’, denk je als vanzelf); een filmprojector van multiplex projecteert een documentaire over de werking van televisie op een oud beeldscherm (het is net een duel tussen twee cowboys zoals ze tegenover elkaar staan).

De afmetingen spelen een belangrijke rol in het werk van De Roo. Een icoon als de kerk presenteert hij op minuscuul formaat, als een uiterst fragiel object dat bij het eerste het beste zuchtje lijkt om te vallen. Ook de twee stoere brandweermannen in de sculpturale video-installatie ‘Heros’ – projecties op geboetseerde mannen van klei die niet hard wordt – zijn net iets kleiner dan in werkelijkheid.

En zoals het papieren minikerkje alleen een voorkant heeft, als de huizen in de oude westerns, hebben de brandweermannen ook maar één kant, een achterkant. Het wringt en het vergroot de desoriëntatie. De iconen blijven zichtbaar; dat het ook mensen zijn, zie je maar zo over het hoofd.

A Cinematography of Silence van Daniel de Roo. T/m 17 juli in Galerie Ron Mandos, Prinsengracht 282 Amsterdam. www.ronmandos.nl.

17

06 2010