Het Van Gogh Museum vernieuwt: conservator Fleur Roos Rosa de Carvalho over de nieuwe inrichting

entree01

Vanaf vrijdag 28/11 presenteert het Van Gogh Museum zijn vaste collectie in een compleet nieuwe opstelling, waarin de ontwikkeling van Van Gogh als kunstenaar centraal staat. In de aanloop worden verschillende onderdelen van het museum belicht. Aflevering 1: conservator Fleur Roos Rosa de Carvalho over de nieuwe inrichting.

“De oude opstelling was gebaseerd op de locaties waar Vincent van Gogh verbleef, nu gaat het om episodes in zijn ontwikkeling als kunstenaar,” zegt Fleur Roos Rosa de Carvalho, terwijl we de eerste zaal op de eerste verdieping van het Van Gogh Museum betreden. “Vroeger heette de eerste zaal Nuenen, naar het Brabantse dorp waar Vincent van Gogh De aardappeleters schilderde. Maar hoeveel mensen weten waar dat ligt of wat het vertegenwoordigt? Nu gaat deze zaal over Van Goghs ambitie om boerenschilder te worden. Het is hetzelfde verhaal, maar anders ingestoken.”

Rosa de Carvalho, conservator prenten en tekeningen, wijst naar de naam op de muur: ‘boerenschilder’. Het is een paar dagen voordat het museum zijn vaste collectie – de grootste verzameling Van Goghs ter wereld – in een compleet nieuwe opstelling presenteert. Er moeten nog een aantal prenten en schilderijen op de juiste plek worden gehangen. En er wordt nog gewerkt aan de entree, waar een video-installatie komt te hangen waarop te zien zal zijn hoe Van Gogh na zijn dood een cultureel icoon is geworden.

entree02

Rosa de Carvalho: “Het was al heel lang de ambitie van het Van Gogh Museum om de vate collectie eens onder handen te nemen, ik denk dat elk museum die ambitie koestert. Een aantal musea heeft het de afgelopen tijd ook vrij ambitieus gedaan, zoals het Rijksmuseum en het Mauritshuis. Vaak gaat dat samen met een verbouwing, bij ons was het echter een wens die echt van binnenuit kwam. Alles is anders: rijker, en misschien ook wel complexer.”

In de nieuwe presentatie staat de ontwikkeling van Vincent van Gogh als kunstenaar centraal. Het verhaal van Van Goghs leven en kunstenaarschap loopt als een rode draad door alle verdiepingen, waarbij niet alleen de schilderijen, maar ook zijn tekeningen en brieven een vaste plek hebben gekregen. Ook worden mythes rondom Van Gogh belicht, zoals zijn zelfmoord, ziekte en oor, en wordt hij meer dan voorheen in de context van zijn tijd geplaatst.

“Het was onze ambitie het hele gebouw te onderwerpen aan één verhaal: dat van Van Gogh als kunstenaar. Maar bij Van Gogh lopen leven en kunst op allerlei manieren door elkaar. We hebben daarom geprobeerd ook zijn hogere ambitie te benoemen. Duidelijk te maken dat hij zo werd geraakt door alles wat hij zag, en dat hij die emoties wilde overbengen op het publiek. Dat het zijn ambitie als kunstenaar was om mensen te troosten, te raken. Dat verklaart volgens ons waarom er hier iedere dag weer zoveel mensen komen uit alle hoeken van de wereld: iedereen haalt wel iets uit Van Gogh.”

entree03

Er zijn meer accenten gelegd, aldus Rosa de Carvalho. “Voorheen hing alles vrij gelijkmatig. Nu durven we meer te laten zien welke beelden belangrijk zijn voor het verhaal; we isoleren bepaalde schilderijen en brengen andere juist samen in groepjes.”

De zalen hebben ook wat meer allure gekregen. “In het ontwerp van Rietveld hielden de wanden een centimeter of twintig onder het plafond op. Alle wanden zijn verhoogd; de schilderijen kunnen nu wat meer de ruimte in ademen.”

Op de uitgesproken kleuren geschilderde muren zijn veelzeggende citaten uit Van Goghs brieven aangebracht, zoals “In plaats van te proberen weer te geven wat ik voor me zie, gebruik ik de kleur om me krachtig uit te drukken”. Ook voor de nieuwe zaalteksten is uit Van Goghs correspondentie geput. “Hij kon zelf als geen ander beschrijven wat hij deed. Bij De tuin der geliefden stond vroeger dat hij experimenteerde met de pointilistische techniek, nu zeggen we dat hij dat doet om prille liefde en intiem samenzijn uit te drukken.”

Rosa de Carvalho hoopt dat alle veranderingen voor Amsterdammers een stimulans zullen zijn voor een hernieuwde kennismaking met Van Gogh. “Er komen al heel erg veel toeristen, maar we hadden het idee dat vooral onze naaste buren alles al dachten te weten over Van Gogh. Ik denk dat ze verrast zullen zijn. Van Gogh is niet zomaar een schilder, hij is een nationale held!”

25

11 2014

Hamartía – More or Less Louis van Gasteren is een prachtig portret van twee regisseurs

hamartiaprem

“Ik hou me nooit aan de regels, anders was de film er nooit gekomen”, zei regisseur Rudolf van den Berg eerder deze week op het IDFA na de wereldpremière van Hamartía – More or Less Louis van Gasteren, zijn bewonderenswaardige portret van cineast Louis van Gasteren (die natuurlijk allang IDFA’s Living legend Award had moeten krijgen).

Van den Berg kent Van Gasteren al dertig jaar en komt vaak bij hem over de vloer; ze delen een fascinatie voor de Tweede Wereldoorlog, die als een rode draad door het werk van beiden loopt. In 2007 geeft Van Gasteren Van den Berg ongelimiteerd toegang tot zijn oeuvre van ruim tachtig films. Waarom hij is uitverkoren als biograaf, vergeet Van den Berg te vragen. In de jaren erna filmt de regisseur Van Gasteren regelmatig thuis in Amsterdam en op verschillende plekken in de stad. Steeds mondt het gesprek uit op die ene tragedie: in 1943 bracht de toen 21-jarige Louis van Gasteren een Joodse onderduiker om het leven in zijn huis in Amsterdam.

71421_1

Na de oorlog beweerde Van Gasteren altijd dat deze daad in verzetsverband was gepleegd. In 1989 maakte hij bekend dat hij de zaak zou verwerken in het lang verwachte Er is geen vliegtuig naar Zagreb, maar toen die film eind 2012 eindelijk te zien was, ontbrak iedere verwijzing naar de oorlog. Van den Berg, bewonderaar van Van Gasteren, onderzoekt waarom. Top op het bot.

Na de wereldpremière prees Van den Berg de moed van Van Gasteren om mee te werken aan zijn film. Terecht, maar Van den Berg kan zelf ook niet genoeg worden geprezen. Nadat ik aan het begin van deze eeuw een stuk over Van Gasteren had geschreven voor Skrien kwam ik ook geregeld bij hem over de vloer, en ben ik ook weleens gepolst of ik zijn biografie wilde schrijven. Ik durfde er niet aan – net als vele, vele anderen. Van den Berg gelukkig wel; zijn Hamartía is een spannend portret geworden, dat beide kunstenaars recht doet.

Hamartía – More or Less Louis van Gasteren van Rudolf van den Berg. Wo 26/11, 23.00 uur, in Het uur van de wolf, NPO2.

25

11 2014

Aernout Mik op IDFA: wat is dat eigenlijk, de werkelijkheid?

mik

Hoe kunstenaars en documentairemakers proberen vat te krijgen op de werkelijkheid, en hoe toeschouwers proberen te bevatten wat ze zien, vormt het uitgangspunt van een gegidste IDFA-rondleiding door het Stedelijk Museum. Aan de hand van de meest uiteenlopende werken; in anderhalf uur wordt onder meer stilgestaan bij Marlene Dumas’ portret van Osama Bin Laden en bij een marmeren beeld van Alberto Giacometti uit 1929.

Ook Aernout Miks virtuoze (video)installatie Cardboard Walls maakt deel uit van de tour. Het is een confrontatie met de gevolgen van de kernramp die zich in 2011 voltrok in Fukushima, Japan. De dubbelfilm toont verschillende situaties, zowel reële als imaginaire, die zijn veroorzaakt door de catastrofe, verbeeld door mensen die de regio moesten ontvluchten en die sindsdien niets anders rest dan een leven in provisorische kartonnen huisjes.

image004-712209

In eerste instantie doen hun collectieve improvisaties concrete herinneringen aan de traumatische gebeurtenissen herleven. Maar dan wordt, in een uitbarsting van wanhoop, ook de tijdelijke behuizing vernietigd. “Wat voor verhaal zou hier achter zitten?,” vraagt de gids, staand tussen een labyrinth van kartonnen schotten, die voor de videoschermen zijn opgehangen. “Waar leid je dat uit af? En wanneer wordt een kunstwerk een verhaal?” De hamvraag: “Vind je het werk sturend of niet? Wordt het gepresenteerd alsof het de werkelijkheid is? En wat is dat eigenlijk, de werkelijkheid? Bij het journaal worden toch ook keuzes gemaakt?!”

Er is nog een tweede werk van Mik te zien op IDFA, de filminstallatie Raw Footage (2006), in de Tuinzaal van De Brakke Grond, eveneens als onderdeel van Paradocs, het IDFA-onderdeel dat laat zien wat er zoal gebeurt op het grensvlak van film en kunst, waarheid en fictie, en vorm en verhaal.

Ook deze installatie gaat over de keuzes die er bij het journaal worden gemaakt. Voor iedere minuut nieuwswaardig materiaal schieten journalisten een veelvoud aan beelden die om uiteenlopende redenen onbruikbaar zijn. Uit uren en uren van deze zogenoemde war rushes, afkomstig van persbureaus als Reuters en ITN, compileerde Mik Raw Footage. En maakt hij zichtbaar hoe doelloos, onoverzichtelijk en chaotisch oorlog (ook) is.

Aernout Mik, Raw-Footage_original

Een man fietst langs en toont vrolijk zijn pistool aan de camera, geitjes lopen door een platgebombardeerde winkelstraat. Twee soldaten spelen een potje jeu de boules, anderen zijn aan het snacken, terwijl diep in de achtergrond een man met zijn handen in de lucht staat.

Zonder de context zou je de oorlog bijna vergeten. Maar dan toont Mik op beide schermen beelden van journalisten met opschrijfboekjes, fototoestellen en draaiende camera’s, die op zoek zijn naar een verhaal en naar context. “Don’t you have someone who talks English?,” vraagt een journalist aan een jonge soldaat, die steeds zenuwachtiger met zijn wapen zwaait.

In samenhang met deze installatie heeft Mik een filmprogramma samengesteld met documentaires over over beeldvorming; films die óók de achterkant van het nieuws tonen, (iconische) beelden herinterpreteren of nieuwe betekenis geven.

partie1

Er zit een enkele recent films tussen,  zoals Sergei Loznitsa’s belangwekkende documentaire Maidan (2014), verder bestaat Miks selectie vooral uit fijne klassiekers, zoals Hupert Saupers Kisangari Diary (1998), Johan Grimonprez meesterwerk dial H-I-S-T-O-R-Y (1997) en Letter to Jane van Jean-Luc Godard en Jean-Pierre Gorin.

De meest bijzondere film is waarschijnlijk 1974, une partie de campagne van de Franse meester Raymond Depardon. Die kreeg in 1974 van de toenmalige Franse Minister van Financiën Valéry Giscard d’Estaing de opdracht een film te maken over de presidentscampagne die hij ging voeren, met François Mitterrand als belangrijkste tegenstander. Depardon is overal bij; bij openbare én besloten bijeenkomsten; op kantoor met het campagneteam en bij zijn hoofdpersoon als die de resultaten van de verkiezingen afwacht.

Giscard d’Estaing won de verkiezingen. En stapte direct daarna naar de rechter om vertoning van de film te verbieden; het beeld dat de boerenzoon Depardon van hem had geschetst, beviel de stijve, ijdele politicus niet.

Het zou tot 2002 duren voordat 1974, une partie de campagne in Frankrijk mocht worden vertoond.

IDFA duurt t/m 30/11. Tot dan is Raw Footage gratis te zien in De Brakke Grond. De (Engelstalige) rondleidingen in het Stedelijk Museum zijn dagelijks om 11.00 uur. (kaartverkoop via www.idfa.nl).

23

11 2014

Still the Water van Naomi Kawase: lyrische evocatie over leven en dood

21STILL-THE-WATER-C-2014-FUTATSUME-NO-MADO-Japanese-Film-Partners-Comme-des-C

Als de mooie puber Kaito het levenloze lichaam van een drenkeling vindt, wordt hij getroost door zijn klasgenoot Kyoko. Terwijl hun liefde opbloeit, verslechtert de relatie tussen Kaito en zijn gescheiden moeder. En moet Kyoko zich neerleggen bij het feit dat haar moeder, een sjamaan die in nauw contact met de goden en de natuur staat, spoedig zal overlijden. Net als in haar eerdere werk staat de onvervreemdbare band tussen mens en natuur centraal in Naomi Kawase’s lyrische evocatie Still the Water. De fotografie is wonderschoon, de dialogen zijn soms net wat te nadrukkelijk. > Mijn recensie is te lezen op VPRO Cinema.

22

11 2014

Mijn IDFA-tips

TWFTFB

– Those Who Feel the Fire Burning
– Alles in de Brakke Grond, maar vooral Aernout Miks video-installatie Raw Footage
– Of Men and War
– The Look of Silence
– In the Basement
– Ulrich Seidl – A Director at Work
– We Come as Friends
– The Forecaster
– Cititzenfour
– Something Better to Come
– Democrats
– 1974, une partie de campagne
– Amsterdam Art Weekend at IDFA: The Artist Is Present
– Hamartía
– Messi
– Georgica
– National Gallery
– Het nieuwe Rijksmuseum – De film
– The Great Museum
– If mama ain’t happy, nobody’s happy

19

11 2014

Film van de week: Stray Dogs van Tsai Ming-liang

Stray Dogs

In Stray Dogs speelt Tsai Ming-liangs vaste acteur en muze Lee Kang-Sheng een alleenstaande man die een grijpstuiver verdient door – altijd maar weer in de stromende regen – als levend reclamebord langs de drukke wegen van Taipei te hangen. Terwijl hij werkt, struinen zijn zoon en dochtertje rond in enorme shopping malls, waar ze zich te goed aan aan gratis proefmaaltijden en een lieve medewerkster zich over hen ontfermt.

Stray Dogs is naar eigen zeggen de zwanenzang van de Taiwanese meesterfilmer Tsai Ming-liang, die aan het eind van de vorige eeuw furore maakte met films als Vive l’Amour (1994), The River (1996) en The Hole (1999). Zijn preoccupaties zijn nog altijd dezelfde: eenzaamheid en water. De shots zijn nog altijd lang en statisch, en schitterend gekadreerd. Maar de vrolijke intermezzi uit zijn eerste film zijn al een tijd verdwenen. En toch is er hoop. Een heel klein beetje hoop.

19

11 2014

Xavier Dolan over Mommy: wraak op het echte leven

mommy_26006375_st_1_s-low

“Nee”, antwoordt regisseur, scenarist en acteur Xavier Dolan op de vraag of hij, met vijf films in vijf jaar, nog tijd heeft voor een privéleven. “Ik heb geen vriendje, mijn familie zie ik nauwelijks. Ik had een kat; Jack Dawson, naar Leonardo DiCaprio’s personage in Titanic, maar ik heb een allergie… Nee, dus. Dat is een issue, en daarom neem in een break. Misschien hadden jullie dat al gehoord, ik heb het links en rechts al aangekondigd. Ik trek me een tijdje terug uit de filmwereld en ga weer studeren. Kunstgeschiedenis, ik kan niet wachten! Het lijkt me heerlijk om op te trekken met mensen van mijn eigen leeftijd, om een normaal leven te leiden. Ik begin aan mijn reis naar ‘normaalheid’.

In 2009 won het Canadese wonderkind Xavier Dolan (Montreal 1989) met zijn regiedebuut J’ai tué ma mère, over de relatie tussen een homoseksuele tienerjongen en zijn moeder, drie prijzen op het festival van Cannes. In sneltreinvaart maakte hij vervolgens Les amours imaginaires (2010), Laurence Anyways (2012) en Tom à la ferme (2014). Voor zijn vijfde film, het licht-hysterische moeder-zoondrama Mommy, kreeg Dolan het afgelopen voorjaar in Cannes de Juryprijs.

xavierdolan

Naar verluidt was Dolan woedend toen zijn vorige film was afgewezen voor de Gouden Palm-competitie. Of de cirkel nu rond is, nu hij het met zijn vijfde film wel tot de belangrijkste sectie van het festival van Cannes heeft geschopt? “Ho ho! Dat is helemaal niet waar. Ik heb nooit gezegd dat ik woedend was. Ik heb zegge en schrijve één keer gezegd dat ik teleurgesteld was. Teleurgesteld. Dat is iets anders dan woedend. En ik vind het nog steeds vreemd dat het zo moeilijk te begrijpen is dat mensen teleurgesteld zijn. Iedereen heeft toch ambitie?! Iedereen wil toch vooruit?!”

De een wil ceo worden, de ander koopt aandelen in de hoop schatrijk te worden, aldus Dolan. En hij wilde in de competitie van Cannes. En de Gouden Palm winnen “Hoger bestaat niet voor filmmakers. Maar het is geen doel op zich. Mijn doel is om met geweldige kunstenaars samenwerken. Ik zou bijvoorbeeld dolgraag willen werken met Kate Winslet, zodat ik haar eindelijk kan vertellen hoeveel ik van Titanic houd.”

mommy_26006375_st_12_s-low

Maar voorlopig dus even niet, hoewel hij verschillende scripts heeft klaarliggen. “Ik kan niet meer. Ik ben er fysiek niet toe in staat. Ik weet wat het vraagt om een film te maken, en daar heb ik de energie niet voor op dit moment. Al die nachten zonder slaap, breken me op.”

Op de vraag of met Mommy de cirkel ook thematisch gezien rond is, zegt Dolan dat dat ook even door zijn hoofd is gegaan. “Ik heb heel ouder-kindrelaties behandeld, maar telkens weer op een andere manier. J’ai tué ma mère gaat over een zoon die zijn moeder afwijst, Mommy over een moeder en zoon die zoveel van elkaar houden dat het systeem, de maatschappij, hen afwijst.”

Zijn films zijn autobiografisch. Maar ook weer niet, aldus Dolan, als hem wordt gevraagd waarom de vader zo vaak afwezig is. “Ik heb geen ‘vader-issues’. Echt niet. Toen ik klein was, was mijn vader er niet veel, en had ik een problematische relatie met hem. Nu niet meer; we zijn heel close. Ik houd van hem. En ik ben trots op hem, hij is een uitstekende acteur, in Tom à la ferme speelt hij de barman…”

anne-dorval-and-antoine-olivier-pilon-in-xavier-dolans-mommy

Maar, vervolgt Dolan, wat hem als kind nu eenmaal heeft getekend, is dat hij altijd met zijn moeder samen was en dat hij haar verdriet zag; de problemen en het verdriet van een alleenstaande moeder, aan de onderkant van de middenklasse. Met gevoel voor understatement: “Mijn moeder was niet zo goed in een aantal moedertaken. Het was geen ongelukkige tijd, maar het heeft er wel voor gezorgd dat ik me op de moederfiguur ben gaan focussen. Waar zij het vroeger niet voor mij opnam, wil ik het haar in mijn films juist wel voor haar zoon laten opnemen. Waar ze niet voor zichzelf opkwam, laat ik de moeder in mijn films dat juist wel doen. Als ze verkeerd deed, laat ik het haar nu juist goed doen. Het is een soort wraak op het echte leven.”

In Mommy vangt Dolan de moeder-zoonrelatie in een benauwend, vierkant kader. “Ik had dat nooit eerder gezien in de bioscoop, maar heb het zelf al wel eens toegepast in een videoclip voor de Franse band Indochine. Eigenlijk alleen omdat mijn cameraman het wilde. Toen hij er voor het eerst over begon, had ik geen idee. Eén op één, wat bedoel je? Eén voor allen, allen voor een? Niet dus, hij doelde op de beeldverhouding.”

Gp44Q

Toen Dolan de clip opnam, realiseerde hij zich hoe intiem het resultaat was. “Niet voor niets was het lang geleden de ratio voor portretfotografie. Het leek ons een goed idee om het ook voor Mommy te gebruiken. O nee, het leek míj een goed idee. Mijn cameraman vond het verschrikkelijk. Bij bijna elk shot klaagde hij dat het een aard had: ‘dit is zo mooi, dit kan toch niet in zo’n smal, vierkant kadertje’. Maar ik stond erop: het nauwe kader isoleert de protagonisten, en dat was precies de bedoeling.”

Het had hem heerlijk geleken, en toch heeft Dolan geen moment overwogen om zelf de hoofdrol te spelen in Mommy. “Ik deed het in J’ai tué, toen ik nog van niets wist. Nu denk ik beter te weten wat ervoor nodig is. En ik heb veel woede in me. Dat had goed van pas kunnen komen, want dat joch is woest. Maar ik ben te oud nu, het is te laat. Ik was stikjaloers op Antoine [hoofdrolspeler Antoine-Olivier Pilon]. Ik heb geprobeerd hem alles te vertellen wat ik heb geleerd van mijn eerdere fouten. Ik heb geprobeerd hem precies te laten doen wat ik zelf gedaan zou hebben.”

16

11 2014

And life is over there van Femmy Otten: licht, subtiel en kwetsbaar

otten01

Op een monitor in de entree van Galerie Fons Welters is de openingsperformance te zien van Femmy Ottens solotentoonstelling And life is over there. Bezoekers staan en zitten tegen de galeriemuren in de belendende ruimte, rond een enorm gipsen borstbeeld dat op de vloer ligt – mobieltjes en fototoestellen natuurlijk in de aanslag.

Een baby huilt, een galeriemeisje loopt voor de camera langs. Dan komt een danseres in een fladderig, crèmekleurig jurkje het beeld in schuiven en begint een hoboïst te spelen. Voetje voor voetje bereikt de dansers het vloerbeeld – een wit gelaat met de blik omhoog, waarop met acrylverf een portretje is aangebracht. Uiterst voorzichtig gaat ze erop staan en wringt ze haar lichaam in allerlei bochten. Na verloop van tijd stapt ze weer op de vloer en begint ze rondjes te draaien. Haar bewegingen worden sneller. Geëxalteerder; heur haar wappert woest voor haar ogen. En dan is het weer voorbij: het kunstwerk is tot leven gedanst.

otten00

Het is niet zomaar een openingsperformance; Otten was zelf verantwoordelijk voor de choreografie. Zij danst al haar hele leven en de dans sijpelt ook door in haar beeldende werk.

In 2013 won Otten (Amsterdam 1981) de Volkskrant Beeldende kunstprijs voor haar zinnelijke, ambachtelijk werken (“Zij bedrijft de liefde met haar materiaal”, meende de jury), in het voorjaar van 2014 was ze een van de drie beelden kunstenaars die waren uitverkoren om een staatsieportret van koning Willem-Alexander te maken.

Bij Galerie Fons Welters is nu te zien wat Otten allemaal vermag; ze zette de complete achterruimte naar haar hand met gipsen en houten beelden en reliëfs, schilderijen, tekeningen, schetsen, muurschilderingen en foto’s.

otten05

Haar ‘totaalinstallatie’ bestaat uit vervreemde houten beeldjes van wezens die half man en half vrouw zijn, drie armen hebben, en van de romp van een man in innige verstrengeling met de vrouw uit wier schoot hij lijkt te groeien. Een prachtig, verfijnd olieverf-zelfportretje hangt vlakbij een gelaagd schilderij van een boom in bloei waarnaast een zilveren servies lijkt te poseren.

Er hangt een ingelijste zwart-witfoto van een naakte vrouw zonder hoofd, waarboven met spelden twee prachtige, zeer fijnzinnige potloodportretjes zijn bevestigd. Today, my head lies in my feet heet het werk, wat het mysterie er niet minder op maakt. Eén heeft een enorme, handtekening-achtige kras op zijn wang. Want schoonheid op zich kan zo stomvervelend zijn, zoals Otten meermaals liet optekenen.

Otten laat zich niet beperken door het kader van het doek of papier; de galeriemuren voorzag ze van serene lijnen, waterige kleurmonsters, mythologische wezens en pastellerige bloemmotieven die eruit zien als verbleekte grotschilderingen. En daartussen, op de grond, ligt het gipsen vloerbeeld The restless gods. Pontificaal en kwetsbaar tegelijk; licht, subtiel en kwetsbaar. Het is bijna onbestaanbaar dat iemand erop is gaan staan.

And life is over there van Femmy Otten. T/m 15/11 in Galerie Fons Welters, Bloemstraat 140.

otten04

Otten02

13

11 2014

Internationale kunstexposities op het witte doek. Creatief gefilmd.

Matisse.PA

Ik kan me er weinig bij voorstellen, maar bij Pathé zijn vanaf vandaag weer internationale kunstexposities op het witte doek te zien. Ze zijn ‘creatief gefilmd’, aldus het persbericht.

De eerste in de reeks is de tentoonstelling Henri Matisse: The Cut-Outs, gefilmd in Tate Modern, Londen en MoMA, New York. Tickets (12,50 euro) zijn te koop via www.pathe.nl/art.

Vorig jaar waren er al tentoonstellingen van Manet, Munch en Vermeer te bewonderen in Pathé Tuschinski, Buitenhof en Groningen. Na Matisse volgen onder meer Hermitage Revealed en de grootse dubbelexpositie van het latere werk van Rembrandt in de National Gallery in Londen en het Rijksmuseum in Amsterdam. Tegen die tijd maar eens uitzoeken hoe je meer ziet…

 

09

11 2014

Rennen op de mooiste plekken van de stad

2014 08 01 Definief VOORKaft Amsterdam RENT

Hardlopen is de hype al lang voorbij in Amsterdam: bijna ieder weekeinde is er wel ergens een loopje (zondag a.s. is bijvoorbeeld de Olympisch Stadionloop), het wemelt van de hardloopclubs, het aantal solo-lopers op een willekeurige zondagochtend is enorm.

Voor lopers die wat meer van de omgeving willen ervaren tijdens hun fysieke inspanningen is er nu Amsterdam RENT, een gids met 25 routes die je ‘op de mooiste plekjes van de stad’ brengen. Het handzame boekje is een initiatief van Maaike Marechal, ‘een hardloopster met oog voor de schoonheid van Amsterdam en omgeving’. Eerder maakte ze al Den Bosch RENT; er zijn plannen voor Rotterdam RENT.

Marechals begeleidende teksten over de buurten zijn een combinatie van Wikipedia-informatie en VVV-promopraat. De vijf interviews met markante hardlopers ontstijgen nauwelijks het niveau van de schoolkrant. “Tussen het eerste contact, via het contactformulier op Dolf Jansen zijn site, en het moment van het interview zit een half jaar. Maar dan wordt het wachten wel beloond.”

Maar de gekozen routes zijn mooi en divers. Ze kwamen tot stand in samenwerking met 17 atletiekverenigingen, loopgroepen en running crews uit de verschillende buurten (ze figureren op de talrijke foto’s), variëren van 5,9 tot 10,5 kilometer, en voeren naar alle hoeken van de stad – van de Grachtengordel, het Vondelpark en het Westerpark tot Ouderkerk aan de Amstel, de Gaasp en Landschapspark De Oeverlanden.

De routes hebben hetzelfde begin- en eindpunt, en eindigen zoveel mogelijk bij een horecagelegenheid. Soms is er een koppeling met een andere route mogelijk. Ook handig: ze staan allemaal op hardlopen.nl en Runkeeper en kunnen op je telefoon worden gedownload.

Amsterdam RENT door Maaike Marechal, Uitgeverij Routemakers, ISBN 978-90-822446-0-1

08

11 2014