Nieuwe Telefilms in juli, september en oktober

Vanaf zaterdag 17 juli zendt de Publieke Omroep zes nieuwe tekenfilms uit. Althans, maanden geleden werd de eerste nieuwe Telefilm, het charmante Sekjoeritie van Nicole van Kilsdonk, al uitgezonden op een doordeweekse avond – heel toepasselijk tegenover de Gemeenteraadsverkiezingen, met alle gevolgen van dien voor de kijkcijfers.

Twee andere nieuwe Telefilms, het houterige ontvoerings/familiedrama Kom niet aan mijn kinderen van Ron Termaat (zou Paula van der Oest die niet regisseren?) en het geslaagde Zuidas-drama Win-win van Jaap van Heusden, zijn intussen al even in de bioscoop te zien geweest. Blijven er drie echte nieuwe Telefilms over. De laatste reis van meneer van Leeuwen van Hanro Smitsman, Köfte van Michiel van Jaarsveld en Lellebelle van Mischa Kamp (‘een film over en mét seks’).

Ze worden uitgezonden in juli, begin september en begin oktober. Op Nederland 1, 2 en 3. Lang leve de horizontale programmering! En lang leve de netmanagers, natuurlijk! Zo wordt het natuurlijk nooit wat met drama van eigen bodem…

12

07 2010

Stedelijk en Di Sciullo van elkaar af

Pierre di Sciullo (rechts) tijdens zijn pitch. V.l.n.r.: Voormalig SM-directeur Gijs van Tuyl, extern adviseur Gerard Hadders en Marjolijn Bronkhuyzen, hoofd Communicatie en Marketing.

Het Stedelijk Museum en Pierre di Sciullo bereiken overeenstemming over afwikkeling samenwerking’, laat het onzichtbare museum weten in een persbericht. De Sciullo begon begin 2009, na het winnen van een omvangrijke pitch, met zijn werk. Eind 2009 was een aantal ontwerpen drukklaar. In februari 2010 kreeg hij echter een brief: ‘I, as the new director of the Stedelijk Museum, in essence have a different view than my predecessor on the museum’s graphic identity’ liet de nieuwe directeur Ann Goldstein hem weten.

Begin vorige week eiste Di Sciullo nog voor het Amsterdamse kantongerecht dat de overeenkomst zou worden nagekomen, en dat het Stedelijk een rectificatie plaatst in de Volkskrant, NRC, Telegraaf, Trouw en Het Parool met de boodschap dat Di Sciullo de grafisch ontwerper is die de huisstijl gaat maken.

En nu is de zaak dus in den minne geschikt. Benieuwd hoeveel er is betaald, maar geen van de partijen geeft nader commentaar. Hier moeten we het mee doen:

‘Nadat het Stedelijk Museum eerder dit jaar bekendmaakte de samenwerking met grafisch ontwerper Pierre di Sciullo te beëindigen, hebben het Stedelijk en Pierre di Sciullo overeenstemming bereikt over de afwikkeling van de samenwerking.

In maart 2010 maakte het Stedelijk Museum na zorgvuldig beraad en met diep respect voor ontwerper Pierre di Sciullo bekend de samenwerking met de ontwerper te beëindigen. Dit besluit werd genomen door Ann Goldstein, directeur van het Stedelijk Museum, met instemming van de Raad van Toezicht.

Het proces dat leidde tot de keuze voor Pierre di Sciullo werd in 2006 gestart tegen de achtergrond van een heropening van het museum in 2009. Tegen de tijd dat Ann Goldstein werd benoemd als nieuwe directeur van het Stedelijk Museum per januari 2010, werkte Pierre di Sciullo in een constructieve samenwerking met het museum aan de visuele identiteit. Ann Goldstein heeft als nieuwe directeur van het Stedelijk Museum echter een andere visie op de visuele identiteit en de branding van het Stedelijk, en besloot de samenwerking te beëindigen.

Het Stedelijk Museum benadrukt dat Pierre di Sciullo op zeer professionele wijze en zeer vakkundig zijn opdracht uitvoerde. Als gerespecteerd kunstenaar en ontwerper met een internationale reputatie maakt zijn werk een belangrijk onderdeel uit van de collectie van het Stedelijk Museum. Het Stedelijk maakt van deze gelegenheid gebruik om zijn waardering uit te drukken voor de ontwerper en voor allen die aan het ontwerpproces hebben bijgedragen.

12

07 2010

Ingrepen in en aan een monumentaal gebouw

Art Dubai confirms position as leading art fair in the Middle East with strong sales and record attendance - Art Dubai official sponsor of annual Rietveld Academy graduation show van Mrova (foto Dietmar Gunne)

Vlak voor de officiële opening van de Eindexamenexpositie van de Gerrit Rietveld Academie waren twee mannen in de weer om een enorme tag van de witte gevel van het monumentale gebouw te verwijderen. Met hogedrukspuiten, enorme borstels en groene zeep. Dat is dan tenminste duidelijk: de graffiti – een rokend, slordig getekend, Bart Simpson-achtig mannetje – hoort niet bij het eindexamenwerk. En het wapperende spandoek erboven dus wel, net als de gouden vlaggenhouders onder de naam van de school, en de rode lijn die over de metershoge gevel loopt.

In en rond de Rietveld is dezer dagen het werk te zien van 189 studenten, afkomstig uit alle windstreken, afstuderend in disciplines als Textiel, Mode, Beeld & Taal, Keramiek, Fotografie, Beeldende Kunst, Grafisch Ontwerp en Audiovisueel. Zij doen dat met foto’s, fröbelwerkjes en haarfijne tekeningen, enorme abstracte doeken, maquettes en installaties, glaswerk, films en performances. En ingrepen in en aan het gebouw.

Read the rest of this entry →

De V van… ja waarvan eigenlijk?

Toneel- en filmregisseur Theu Boermans is bezig met een musical naar Soldaat van Oranje, die vanaf oktober te zien in De TheaterHangaar. Dat is een nieuw theater op voormalig Marine Vliegkamp Valkenburg in Katwijk. Om ervoor te zorgen dat er straks een beetje publiek komt naar de grootschalige productie, is nu de stad reeds vol posters gehangen. Ze zijn oranje – dat treft. En er staat geen foto van de hoofdrolspelers op, alleen de titel in grote zwarte kapitalen: SOLDAAT VAN ORANJE – DE MUSICAL. Erboven staat een kroontje, achter de titel een grote, intrigerende V.

Waar staat die V voor? Op het wereldwijde web heb ik het niet kunnen vinden. Op mijn twittervraag kreeg ik twee antwoorden: Ik denk voor \”verschrikkelijk dat overal een musical van gemaakt moet worden\”, schreef Suska. Zal wel victorie zijn. of erik hazelhovv roelvzema? of misschien de V van uitVerkocht al! aldus Robbert Blokland.

Tonneke Mulder, hoofd marketing & fondsenwerving van Terschellings Oerol, aan wie ik de vraag ook had voorgelegd, belde het productiekantoor. Het antwoord is een beetje teleurstellend… Tijdens de voorbereidingen is uitgebreid over het verhaal gesproken en kwam een aantal kernwoorden terug waar het verhaal om draait. Die beginnen allemaal met een V. V staat dus onder mee voor vriendschap, verliefdheid, vrijheid, verraad… (Kennis is teleurstelling…)

Toen Paul Verhoevens film in 1977 in de bioscoop werd uitgebracht, stond er overigens ook geen acteur op het affiche. Soldaat van Oranje werd aan de man gebracht met een rood wit blauw affiche. In het middelste witte vlak stond de filmtitel. In grote oranje kapitalen. Pas veel later, hij was intussen een grote ster, verscheen Rutger Hauer op posters en dvd-hoesjes.

09

07 2010

Schilders maken andere films dan filmmakers

Pixelwalk van Hannah Kay Piché

De afdeling Voorheen Audiovisueel (VAV) van de Gerrit Rietveld Academie combineert disciplines als film, video, animatie, geluid, nieuwe media, beeldende kunst, schilderen, performance en vertelkunst. In een ideale wereld leidt dat tot aanstekelijke disciplinaire dubbelzinnigheden, want schilders maken andere films dan filmmakers.

Veel afstudeerwerk van de dertig jonge, uit alle hoeken van de wereld afkomstige performers, uitvinders, vertellende en tekenende schilders, filmende installatiemakers en timmerende en bouwende verbeeldenaars is echter teleurstellend recht-toe-recht-aan. Dat geldt – zoals de laatste jaren te doen gebruikelijk – met name de producties die in de filmzaal worden vertoond.

Read the rest of this entry →

08

07 2010

Zoek de 10 verschillen

Op het affiche van Jaws, Steven Spielbergs iconische zomerblockbuster uit 1975, duikt de gigantische witte haai op onder een meisje dat naakt in zee zwemt. De film werd een enorm succes, dus er kwamen talrijke vervolgen. En zoals die films variaties op een thema waren, werd ook voor de posters het geniale stramien van het origineel gekopieerd. Op het affiche van Jaws 2, uit 1978, duikt de witte haai op achter een meisje dat aan het waterskiën is; op dat van Jaws 3-D (1983) achter de filmtitel, die in perspectief is gezet zodat het niemand kan ontgaan dat de film in 3D is.

Wél mooi is de teaserposter van Jaws: The Revenge (1987). Daarop vormt de snoet van de verticaal uit de diepte opduikende haai de A. Op de poster werd later hetzelfde titelbeeld gebruikt, maar staat ook nog een vrouw die op de voorplecht van een wiebelend bootje met een harpoen de haai van het vege lijf probeert te houden. Nóg mooier is het Poolse affiche van Jaws 2, waarop ontwerper Edward Lutzcyn de van onder opduikende, gigantische witte haai twee bekken vol vervaarlijk glimmende tanden gaf.

Ook goedkope inhakers als Up from the Depth, L’ultimo squalo en Piranha kregen posters die opzichtig verwijzen naar Jaws. En hetzelfde geldt – natuurlijk – voor de 3D-versie van Piranha die binnenkort in de bioscopen verschijnt. Op de Franse variant dobbert maar weer eens een meisje nietsvermoedend op een luchtbedje; onder haar lichten de bijtgrage tandjes van een school piranha’s op. Ook de tagline laat weinig aan de verbeelding over: Sea, Sex… and Blood. Origineel is het niet, effectief wel…

06

07 2010

Actie! – 1 april 2010, 10.37 uur, Zandkreek Hoofddorp

Regisseur Marco van Geffen (3e van links) overlegt met de Poolse actrice Dagmara Bak (2e van links). rechts aan de tafel Rifka Lodeizen. Foto Bob Bronshoff.

In het daags voor de opnamen naar alle medewerkers rondgestuurde call sheet was al omstandig gewaarschuwd: ‘Please be carefull with the wooden floor, don’t wear high heels!’ stond er bovenaan het lijstje do’s and don’t’s: ‘use the carpets as much as you can!’.

De opsomming werd vervolgd door ‘No smoking in the house, preferably also not in the garden’ en ‘We are not allowed to move the HiFi stereo or to use it, the same for the Japanse knife set. Please don’t touch them.’

Voor de slechte verstaander was er naast de voordeur van de betreffende Hoofddorpse woning ook nog een handgeschreven A4-tje geplakt: ‘Please wipe your feet!’.

Alle waarschuwingen waren niet voor niets; de doorzonwoning waar de filmploeg was neergestreken voor opnamen van Onder ons mag er zijn. Een design salontafel (waarvan de glazen hoeken zijn afgeplakt), een designbank, een enorme platstreken aan de muur, een fantastische draaitafel, enorme boksen, een mooie kast met goeie boeken, cd’s, elpees en dvd’s (veel Volkskrant-dvd boxen!)… en alles smaakvol. Het huis is voor twee weken gehuurd; de gezegende eigenaren zitten een paar kilometer verderop in een hotel. ‘Een prachtig huis, toch?’, zegt regisseur Marco van Geffen vol bewondering. ‘Ik voel me hier wel thuis.’

Terwijl de woonkamer uiterst omzichtig wordt uitgelicht, wacht een Hoofddorper moeder op de eerste verdieping het moment af dat haar zeventien maanden oude zoon naar de set wordt geroepen. De dreumes is via via in de film terechtgekomen; volgens zijn moeder, die toneelschool heeft gedaan, geniet hij enorm van alle aandacht.

In Onder ons wordt de zorg voor het ventje toevertrouwd aan de Poolse au-pair Ewa. Het verlegen, naar binnen gekeerde meisje komt in ‘een spiraal van twijfel en isolement’ terecht als ze meent te weten wie de verkrachter is die het provinciestadje onveilig maakt.

Ewa wordt gespeeld door de Poolse, in Warschau gecaste Dagmara Bak. Zij nestelt zich op de vloer met het jochie, dat direct met de kleurpotloden begint te kliederen. De hoogzwangere moeder (Rifka Lodeizen) zit aan tafel, een laptop voor haar neus. Vader (Guy Clemens) zit met de afstandsbediening voor de breedbeeldtelevisie; een productiemedewerker dreunt het nieuws over de serieverkrachter op dat later echt uit de tv zal komen.

Van Geffen instrueert de acteurs, in het Nederlands en in het Engels: het moet klein, en heel precies, zowel de blikken als de timing luisteren nauw. ‘In deze scène wordt Ewa’s vermoeden wie de dader is groter en neemt bij de vrouw des huizes het onbehagen toe over dat vreemde Poolse meisje in haar huis.’

Onder ons is het eerste deel van de trilogie Het drama van het gelukkige gezin, die zich richt op de familie als de kern van onze samenleving, de familie als veilige haven, en de angst voor verstoring van die veiligheid. Het script van Onder ons, geschreven door Van Geffen en Jolein Laarman, was geselecteerd voor de NHK Sundance Award 2009. Het tweede deel van de trilogie, Geen naam, is reeds uitverkoren voor ‘De oversteek’, het samenwerkingsprogramma van het Filmfonds, het Mediafonds, de Publieke Omroep en het CoBO-fonds om filmtalent te stimuleren.

Onder ons wordt verteld vanuit drie perspectieven: dat van de soms bereidwillige, dan weer angstige gastouders; dat van de bezorgde, maar ook opportunistische Poolse vriendin van Ewa, die au pair is bij een andere familie; en dat van de geïsoleerde Ewa zelf. Van Geffen, wiens kortfilm Het zusje in 2007 te zien was op het festival van Cannes: ‘Op die manier wordt Onder ons in de vorm zelf ook een onderzoek van het gegeven dat we naar anderen kijken, een oordeel vellen, maar misschien nooit werkelijk tot die andere persoon door kunnen dringen.’

Scenario: Jolein Laarman & Marco van Geffen Regie: Marco van Geffen Camera: Ton Peters Montage: Peter Alderliesten Productie: Lemming Film, Joost de Vries & Leontine Petit Uitvoerend producent: Marion Welmers Production Design: Elsje de Bruijn & Jorien Sont Muziek: Rec Sound Met: Dagmara Bak, Rifka Lodeizen, Guy Clemens, Natalia Rybicka & Reinout Bussemaker Kleur, ± 90 minuten Omroep: BOS (Boeddhistische Omroep Stichting) Distributie: Cinéart Te zien: September 2011

www.bobbronshoff.nl

04

07 2010

Rake klappen en losse flodders

Boksfilms zijn bijna even oud als de film zelf. De Amerikaanse zakenman en uitvinder Thomas Edison was op 16 juni 1894 de eerste die twee ‘acterende’ boksers filmde met zijn kinetoscoop. En in 1897 was het titelgevecht tussen Jim Corbet en Bob Fitzsimmons het eerste sportevenement dat op film werd vastgelegd.

Boksen leent zich goed voor film; het is een ogenschijnlijk simpele, overzichtelijke sport, die ook voor leken direct te begrijpen is. Twee mannen gaan elkaar – zo goed als naakt; hun getrainde lijven zijn goed zichtbaar – te lijf, met hun vuisten en niets anders. De sterkste wint. Het heeft zowel iets primitiefs als iets mythisch.

Er hangt een zweem van tragiek en romantiek rond de sport. Vooral van romantiek. Vooral in Hollywood-films.

De meeste Hollywood-films laveren tussen twee uitersten: enerzijds de geromantiseerde biografische films over boksers die tot de verbeelding spreken, anderzijds de films waarin boksen een (halfbakken) metafoor is voor het leven zelf. Soms win je, soms verlies je. Een man wordt gevormd door de klappen die hij krijgt. Wie het beste kan incasseren, komt het verst.

Michael Manns Ali (2001) is een voorbeeld uit de eerste categorie. Will Smith kwam bijna twintig kilo aan, imiteerde vaardig Ali’s dictie, leerde boksen en werd genomineerd voor een Oscar. Maar het is allemaal buitenkant; de beweegredenen en angsten van de charismatische dienstweigeraar, stand-up comedian, politicus én sporter blijven onderbelicht.

De Rocky-films bevinden zich aan de andere kant van het spectrum. Rocky Balboa is waarschijnlijk de bekendste bokser uit de filmgeschiedenis, maar de eerste Rocky gaat eigenlijk niet over boksen. Het is in de eerste plaats een liefdesverhaal, een feelgood film. Rocky is de ultieme representant van de Amerikaanse droom, een nul die een held wordt, omdat hij de moed heeft in de ring te gaan staan om te doen wat hij het beste kan: boksen. En hoeveel klappen hij ook moet incasseren, hoe zijn gezicht ook opzwelt, aan het eind van het gevecht is het leed geleden. De winnaar staat nog overeind en wordt bejubeld.

En zo wordt boksen, toch allesbehalve een feelgood sport, eigenlijk heel vaak misbruikt in feelgood Hollywood-films. Arm tegen rijk, zwart tegen wit, jong tegen oud, goed tegen slecht, met meisjes: het sluit naadloos aan bij de blockbusterclichés. Boksfilms, of beter: films waarin wordt gebokst, bieden de mogelijkheid om veilig te genieten van een gevaarlijke sport. Boksfilms worden bezocht door mensen die het niet in hun hoofd zouden halen naar een echt boksgevecht te gaan.

Zelfs ook als acteurs niet kunnen boksen, kan een gevecht nog meeslepend worden verbeeld. Dankzij de montage, en omdat de meeste acteurs wel kunnen acteren. Toen bleek dat de trainingssessies tot niets leidden, schreef Sylvester Stallone het sleutelgevecht uit de eerste Rocky-film helemaal uit. 32 pagina’s tekst: een linkse hoek, een rechtse hoek, een stap naar achteren, een stap naar voren, gevolgd door een uppercut – het was pure poëzie. Het gevecht werd vervolgens wekenlang, acht uur per dag, ingestudeerd, als de choreografie van een gewelddadige dans.

Joyce Carol Oates, schrijfster van On Boxing, een klassiek geworden essay over the sweet science, heeft weinig op met Rocky. Hij is weggelopen uit een stripboek, schrijft ze. Hij heeft het lichaam van een bodybuilder, niet van een bokser, en zijn wedstrijden zijn ‘comic book matches’, hoe Stallone ook zijn best heeft gedaan de stijl te imiteren van de legendarische bokser Rocky Marciano (49-0-0 met 43 knock- outs).

Boksen gaat volgens Oates over geslagen worden, meer dan over slaan, net zoals het meer gaat over het incasseren van pijn, zo niet een verwoestende psychologische verlamming, dan over winnen.

Een van de weinige films waarin dat ook zo is, is Martin Scorsese’s on-Amerikaans sombere Raging Bull uit 1980, gebaseerd op de memoires van bokser Jack LaMotta (‘de stier van de Bronx’, die tussen 1949 en 1951 wereldkampioen bij de middengewichten was). Bij Scorsese is naast de zelfhaat en zelfdestructie geen plaats voor valse romantiek; Raging Bull laat zien dat de schoonheid van de sport in de nederlaag schuilt, in de pijn.

De enscenering van de vechtscènes is fabuleus: gestileerd zwart-wit, veel slow motion, close-ups en vreemde camerahoeken. Bloed en zweet spetteren alle kanten op. Elk gevecht is in een andere stijl gefilmd, afhankelijk van hoe LaMotta zich voelde. Een gevecht tegen zijn grote rivaal Sugar Ray Robinson dat hij op punten verloor, is bijna zonder focus in beeld gebracht. Soms zijn de gezichten van de boksers niet zichtbaar, dan zit het touw van de ring ervoor, of bevinden ze zich net buiten het frame.

De film kreeg acht Oscar-nominaties maar won er slechts twee, voor de montage (Scorsese’s partner Thelma Schoonmaker) en voor de mannelijke hoofdrol van Robert De Niro. De Niro wás Jack LaMotta, hij rookte zelfs dezelfde sigaren. Tijdens de opnamen verdween hij drie maanden spoorloos om dertig kilo aan te komen voor de rol. En voordat de opnamen begonnen, bokste hij gedurende een jaar meer dan duizend rondes met de echte Jack LaMotta. ‘Toen ik klaar met hem was, kon hij zo als beroeps aan de slag’, zei de bokser later over de acteur.

Op Nederland 3 zijn t/m vrijdag iedere avond boksfilms te zien. Woensdag 30 juni Ali en Cinderella Man, donderdag 1 juli Million Dollar Baby en Girlfight, vrijdag 2 juli de documentaire Tyson.

30

06 2010

Slechts één poster maakt benieuwd naar de film

Goede bedoelingen kunnen de studenten van Lichting 2010 van de Nederlandse Film en Televisie Academie niet worden ontzegd. In tegendeel. De jongafgestudeerden zijn idealisten; hun 13 afstudeerfilms laten zien dat ze hun onderwerp bewonderen of er zielsveel van houden, en dat ze graag willen dat het publiek óók van het onderwerp gaat houden; een enkel filmpje eindigt zelfs met een website en een telefoonnummer.

Goed gemaakt zijn ze wel, maar de meeste filmpjes zijn al te braaf en bleu. En exact hetzelfde kan worden gezegd van de bijbehorende filmposters.

Read the rest of this entry →

29

06 2010

Zoek de 10 verschillen

Saul Bass’ duizelingwekkende Vertigo-affiche blijft een onuitputtelijke bron van inspiratie. Het stond recent model voor de thriller Buried en de Deense film Alting bliver godt igen en het heeft er alle schijn van dat ook de vormgeving van de boekcover van The Terrible Privacy of Maxwell Sim (De afschuwelijke eenzaamheid van Maxwell Sim) erdoor is beïnvloed.

Die tandenborstels staan er overigens ook niet voor niets: de titelheld van de nieuwe satire van Jonathan Coe is vertegenwoordiger in milieuvriendelijke tandenborstels…

29

06 2010