Posts Tagged ‘Cannes’

‘Als ik dan toch kan kiezen, dan kies ik de beste’

Toen de Franse actrice Juliette Binoche ruim tien jaar geleden werd gevraagd of ze niet eens naar Hollywood wilde, liet haar antwoord aan duidelijkheid niets te wensen over: Nee, zei ze, ik wil een film maken met Abbas Kiarostami (Taste of Cherry, The Wind Will Carry Us, De witte ballon). ‘Ik had zijn film gezien, en vond ze fantastisch. Als ik dan toch kan kiezen, dacht ik, dan kies ik de beste.’

Haar wens is uitgekomen. Binoche had een rolletje in Kiarostami’s Shirin (2008) en een formidabele, op het afgelopen filmfestival van Cannes onderscheiden hoofdrol in Copie conforme, de eerste film die de gelauwerde Iraanse regisseur in het Westen opnam. Maar vanzelf is het niet gegaan, aldus Binoche op het afgelopen festival van Cannes.

‘Het leven is helaas niet zo simpel. Je kunt zeggen wat je wilt, je kunt dromen wat je wilt, maar je moet een beetje geluk hebben. Toen ik zei dat ik graag met Abbas wilde werken, leek dat zo goed als onmogelijk. Hij werkte in Iran, met niet professionele acteurs, en in het Farsi. Maar iedere keer dat ik hem zag, zei ik: ik wil graag eens met je werken. Abbas zei nooit nee. Maar hij zei ook nooit ja. Wat hij wel zei? Kom naar Teheran. Maar ik was een beetje bang, door de nieuwsbulletins en de kranten: de kloof tussen het Westen en het Midden-Oosten, de nucleaire dreiging, de repressie, de burka’s… Ik heb twee kinderen, dus het was best een stap. Maar het was een feest. Ik ben nooit eerder zo hartelijk ontvangen; de mensen in Teheran zijn zo gastvrij. Naar buiten toe mogen de vrouwen misschien gesloten overkomen, binnenskamers zijn het net Italianen: sterken geesten, met een groot hart.’

Read the rest of this entry →

17

08 2010

Gouden Palm voor hallucinante Thaise fabel

Actrice Charlotte Gainsbourg en Gouden Palm-winnaar Apichatpong Weerasethakul.

De Thaise regisseur Apichatpong Weerasethakul heeft zondagavond in Cannes de Gouden Palm gewonnen voor zijn film Uncle Boonmee Who Can Recall His Past Lives. Het was voor het eerst dat de Palme d’Or, de hoogste onderscheiding van het festival van Cannes, naar Thailand ging. ‘Deze Palm is heel belangrijk voor de geschiedenis van Thailand en het Thaise volk’ zei Weerasethakul dan ook. Hij bedankte alle ‘Thaise geesten en spoken’, en zijn ouders, die hem dertig jaar geleden voor het eerst meenamen naar een kleine bioscoop.

Uncle Boonmee – totstandgekomen dankzij een bijdrage van het Rotterdamse Hubert Bals Fonds – is een intuïtieve, hallucinante, multi-interpretabele fabel, waarmee Weerasethakul andermaal zijn verbondenheid met de ongerepte natuur, mythen en grote mysteries (reïncarnatie, animisme) laat zien. Centraal staat een man met een nieraandoening, die in zijn laatste levensdagen bezoek krijgt van zijn pasgestorven vrouw. Ook zijn lang verdwenen zoon verschijnt aan hem – in een niet-menselijk vorm (half mens, half aap, met rode, lichtgevende ogen). Weerasethakul voert ook nog een sprekende meerval op, die een beeldschone prinses bevredigt.

De Gouden Palm is niet de eerste, wel de meest prestigieuze onderscheiding voor Weerasethakul (Bangkok, 1970), die vanwege de onlusten in Thailand grote moeite had op het festival te geraken. In 2002 kreeg hij in Cannes de Prix Un Certain Regard voor Blissfully Yours; met Tropical Malady won hij twee jaar later de Juryprijs.

De jury onder leiding van de Amerikaanse regisseur Tim Burton verdeelde ook de overige prijzen over de meest interessante, cinefiele producties. De op een na belangrijkste prijs, de Grote Prijs, ging naar de Fransman Xavier Beauvois voor diens serene Des hommes et des dieux, over de Franse trappistenmonniken die in 1996 in Algerije werden vermoord door fundamentalisten. De Juryprijs, zeg maar de bronzen medaille, ging naar Mahamat-Saleh Haroun voor Un homme qui cri, een schijnbaar eenvoudige parabel over een vader en zoon ten tijde van de oorlog in Tsjaad.

De magistrale Franse acteur Mathieu Amalric, die buiten de Franse landgrenzen nog het meest bekend is door zijn rol als schurk in de James Bond-film Quantum of Solace, werd geëerd als beste regisseur voor Tournée. Tournée, waarin Amalric zelf te zien is als een televisieproducent die na een jarenlange vlucht naar Frankrijk is teruggekeerd met een groep Amerikaanse burlesquedanseressen, werd tevens onderscheiden met de Fipresci-prijs van de internationale filmpers.

De Zuid-Koreaan Lee Changdong kreeg de prijs voor het beste scenario voor Poetry, een delicaat, prachtig gedoseerd drama over een oma met Alzheimer, die troost vindt in poëzie nadat haar kleinzoon wordt verdacht van verkrachting.

Ook de acteursprijzen zijn uitstekend terechtgekomen: de Italiaan Elio Germano en de Spanjaard Javier Bardem deelden de prijs voor de beste acteur – de eerste gedeelde acteursprijs in de geschiedenis van het festival. Germano werd bekroond van zijn rol van een tegen het onrecht strijdende vader in Daniele Luchetti’s La nostra vita; Bardem voor zijn aandeel in het weergaloze Biutiful van de Mexicaan Alejandro Ganzáles Iñárritu. Hij speelt een paranormaal begaafde rommelaar met uitgezaaide prostaatkanker die zo goed en zo kwaad als het gaat voor zijn twee kindjes probeert te zorgen.

De Française Juliette Binoche (die de poster van deze 63ste festivaleditie siert) werd bekroond voor haar rol in Copie conforme, de eerste ‘westerse’ van de Iraniër Abbas Kiarostami. Binoche draagt de film, als een wispelturige galeriehoudster in Toscane, die de dag doorbrengt met een Britse schrijver die wel met liefde en toewijding kan kijken naar kunstvoorwerpen, maar de schoonheid van alles wat hem omringt niet ziet.

De Camera d’Or, de prijs voor het beste debuut, ging naar Año bisiesto van Michael Rowe, opgenomen in de parallelsectie Quinzaine des réalisateurs. R U there van David Verbeek viel buiten de prijzen; de Prix Un Certain Regard ging naar de Zuid-Koreaan Hong Sang-so voor Ha Ha Ha. Toch had Verbeek ook reden tot tevredenheid: zijn film werd in Cannes verkocht aan onder meer Frankrijk en Rusland.

25

05 2010

‘Wall Street blijft nog wel even actueel’

‘Eigenlijk wilde ik geen sequel maken. Ik zag het nut niet zo. Maar in 2008, na de vrije val van de beurzen en de ineenstorting van de financiële markten, was alles anders. Dit was hét moment. Dit was het moment om terug te komen.’

23 Jaar na Wall Street presenteert regisseur Oliver Stone Wall Street – Money Never Sleeps. Daarin wordt de voormalige beurskoning Gordon – ‘Greed is Good!’ – Gekko na acht jaar uit de gevangenis ontslagen. Hij heeft een boek geschreven: Is Greed Good?. ‘Hij is een ander mens’, benadrukte Michael Douglas op een hectische persconferentie op het festival van Cannes (de slachtpartij voor de deuren van de persconferentieruimte was minder erg dan die op de beursvloer van Wall Street, maar veel scheelde het niet). ‘Tijdens zijn gevangenschap is zijn zoon overleden aan een overdosis; zijn dochter wil hem niet meer zien. Dat vond ik een interessant uitgangspunt; ik wilde het archetype niet zomaar herhalen.’

De 65-jarige Douglas, die in 1987 een Oscar won voor zijn iconische rol, vertelde zich er altijd over verbaasd te hebben dat Gekko een voorbeeld is geworden voor economiestudenten en jonge beursmedewerkers. ‘Gekko is de bad guy! Een haai in een pak die bedrijven te gronde richt en mensen kapot maakt… Onvoorstelbaar. Aan de andere kant: slechteriken zijn nu eenmaal altijd populairder dan goedzakken.’

Stone vult aan: ‘Wall Street was altijd bedoeld als moraliteit; ik denk dat de film door velen verkeerd is begrepen. In 1987 dacht ik echt dat de grote beursondernemingen de waarschuwingen ter harte zouden nemen; dat het systeem zou worden hervormd. Maar het tegendeel is waar: het is alleen maar erger geworden.’

Dat het kapitalisme in zijn huidige vorm niet goed werkt, moge duidelijk zijn, stelt Stone, wiens vader zijn leven lang op Wall Street werkte. ‘Er moet nu écht iets gebeuren. Niet alleen in de Verenigde Staten maar in de hele wereld, kijk naar Griekenland en Portugal… De winsten op Wall Street moeten niet langer in de zakken van de bazen verdwijnen, maar worden belegd in onderzoek naar nieuwe, schone energievormen.’ Acteur Eli Wallach, die een beurshandelaar van de oude stempel speelt, is niet optimistisch. Afgemeten: ‘Je kunt het spel wel veranderen. Maar mensen veranderen niet.’

Het succes van Wall Street opende vele deuren voor de filmmakers, maar dan vooral van kleinere banken en beursbedrijven. ‘Goldman Sachs en de andere grote investeringsbanken van deze wereld lieten ons niet binnen’, lacht Stone. ‘We hebben gefilmd bij de Royal Bank of Canada. Zij hebben ons geweldig geholpen.’

Stone prijst zich ook gelukkig met de uitnodiging van Cannes – pas zijn eerste officiële selectie in een carrière die films omvat als Platoon, JFK en Natural Born Killers. De wereldwijde release van Wall Street – Money Never Sleeps, die aanvankelijk was gepland voor april, werd daarop verplaatst naar het najaar. ‘Dat Wall Street constant in het nieuws is, hoeft onze film niet per se goed te doen’, aldus Douglas. ‘Want misschien denken mensen wel: waarom zouden we naar een film gaan over iets dat we al op het nieuws hebben gezien?’ ‘Het is geen documentaire over Wall Street of het kapitalisme’, benadrukte regisseur Oliver Stone. ‘Het is een speelfilm over mensen en relaties. Overigens denk ik dat de crisis in de herfst nog lang niet voorbij is. Onze film blijft nog wel even actueel.’

19

05 2010

Robin Hood op doktersvoorschrift in wereldpremière zonder de regisseur

Als de 63e editie van het prestigieuze filmfestival van Cannes vanavond begint, is Ridley Scott, de regisseur van de openingsfilm Robin Hood er niet bij. De 72-jarige Brit kampt met de naweeën van een knieoperatie; zijn doktoren hebben hem dwingend geadviseerd in de Verenigde Staten te blijven. ‘Mijn herstel verloopt minder voorspoedig dan verwacht’, aldus Scott in een persverklaring. ‘Het is met pijn in mijn hart dat ik de openingsavond aan me voorbij moet laten gaan. Maar gelukkig zijn producent Brian Gazer en de hoofdrolspelers Russell Crowe en Cate Blanchett wel van de partij om onze film te vertegenwoordigen. In gedachten ben ik bij ze.’

Scotts late afzegging is niet de enige kopzorg van festivaldirecteur Thierry Frémaux: in de aanloop naar het festival werd Cannes geteisterd door een woeste storm, en ook de IJslandse vulkaan Eyjafjallajokull blijft een constante bron van zorg. De schema’s van met name de Amerikaanse sterren zijn strak; sluiting van de luchthaven van Nice kan veel roet in het eten gooien. Maar Frémaux’ grootste kopzorg waren de films. Veel producties van grote namen als Terence Malick, Clint Eastwood en Gus Van Sant, van Tran Anh Hung, Wong Kar-wai en Anton Corbijn, waren niet op tijd klaar.

Dus konden in eerste instantie slechts zestien competitietitels worden gepresenteerd. Later werden er nog films aan toegevoegd van een onbekende Hongaar en een dito Chinees. En maandag werd bekendgemaakt dat het Irak-drama Route Irish van Cannes-habitué Ken Loach als 19e film meedingt naar de Gouden Palm. ‘Het is een moeilijk jaar’, aldus Frémaux, die niet uitsluit dat er in de loop van het festival nóg een titel wordt toegevoegd. ‘Een selectie is iets dynamisch. We willen altijd verbeteringen aanbrengen en als we de kans krijgen zullen we dat zeker doen.’

Ook nu herbergt de competitie al een aantal veelbelovende titels, van vermaarde arthouse-regisseurs als Abbas Kiarostami, Takeshi Kitano, Alejandro González Iñárritu, Apichatpong Weerasethakul en Mike Leigh. Ze zijn afkomstig uit alle hoeken van de wereld, maar vooral uit Azië en uit Frankrijk zelf: vier stuks, waaronder Tournée van acteur-regisseur Mathieu Amalric en Hors la loi van de Franse Algerijn Rachid Bouchareb. Die film was al goed voor een relletje: politiek rechts beschuldigde Bouchareb van geschiedvervalsing – zoals dat gaat zonder de film te hebben gezien.

Tegenover de vier Franse titels staat slechts één Amerikaanse: Fair Game van Doug Liman, een politieke thriller met Naomi Watts en Sean Penn. Wall Street – Money Never Sleeps, Oliver Stone’s goed getimede vervolg op Wall Street (1987), wordt buiten competitie vertoond, net als de nieuwe films van Woody Allen en Stephen Frears.

In de sectie Un certain regard, de tweede competitie bedoeld voor kunstzinnige producties, zijn films opgenomen van veteranen als Jean-Luc Godard en Manoel de Oliveira, van Cristi Puiu, Lodge Kerrigan en David Verbeek: R U There. In R U There combineert Verbeek flarden uit het leven van een jonge professionele gamer (Stijn Koomen) tijdens een toernooi in Taiwan met beelden uit Second Life, waar hij de rust en liefde lijkt te vinden die hij in het echte leven node mist.

Verder is het Nederlandse aandeel, zoals bijna altijd, bescheiden. Licht van André Schreuders is geselecteerd door het parallelfestival Quinzaine des Réalisateurs. De kortfilm, opgenomen op 8mm, verhaalt over een oudere, alleenstaande vrouw (Leny Breederveld) die aan het einde van haar leven een tocht onderneemt naar een klooster, en onderweg enkele bijzondere ontmoetingen heeft. Een aantal coproducties kwam tot stand met geld van Nederlandse fondsen of inbreng van de CineMart, de coproductiemarkt van het filmfestival Rotterdam (zoals Mein Glück van de Wit-Rus Sergei Loznitsa, de enige debuutfilm in de Gouden Palm-competitie). Nanouk Leopolds Brownian Movement en Rudolf van den Bergs Tirza, volgens velen kansrijk voor een van de selecties, werden gewogen en te licht bevonden.

Leopold en Van den Berg moeten zich maar troosten met de gedachte dat de wegen van de selectiecommissies soms ondoorgrondelijk zijn. Met name de keuze voor de openingsfilm moet zijn ingegeven door de wens toch ook nog enkele Hollywoodsterren naar Zuid-Frankrijk te lokken; de filmische kwaliteiten van Robin Hood kunnen onmogelijk de doorslag hebben gegeven.

Scotts Robin Hood is een soort prequel, waarin wordt uitgelegd hoe Robin Longstride (gespeeld door de Nieuw-Zeelandse rouwdouw Russell Crowe) Robin Hood werd. Met heel veel exposé, een vleugje romantiek (Cate Blanchett is Marion Loxley) en veel actie, met name aan het begin en het einde. In de spectaculaire openingsbeelden vliegen de pijlen de legendarische Engelse boogschutter om de oren, kokende pek weet hij maar net te ontwijken. In het minstens zo overweldigende slot verbeeldt Scott de Franse inval aan de Britse kust als een soort D-day, compleet met landingsvaartuigen.

De opening van het festival van Cannes is voor het eerst rechtstreeks te volgen in negen Nederlandse bioscopen, waaronder Pathé Tuschinski. Daar worden speciale vertoningen georganiseerd met live beelden vanaf de rode loper; aansluitend wordt Robin Hood vertoond. Voor de gelegenheid is Cinemec Ede omgetoverd tot Cinemec Castle. Banieren, deurwachters en schandpalen zorgen voor de juiste sfeer; gasten die verkleed komen krijgen een prijzenpakket.

11

05 2010

David Verbeek naar Cannes

R U THERE van David Verbeek is geselecteerd voor de sectie Un certain regard van het festival van Cannes, de tweede competitie bedoeld voor kunstzinnige producties.

R U THERE is opgenomen in Taiwan en gaat over een jonge professionele gamer (Stijn Koomen) die de wereld over reist om mee te doen aan videogamewedstrijden. De echte wereld interesseert hem niet, hij leeft zijn leven in de virtuele werkelijkheid en heeft daar alles onder controle. Nadat hij op straat getuige is van een dodelijk ongeluk, raakt hij uit balans en begint hij te twijfelen aan de zekerheden in zijn eigen bestaan. David Verbeek maakte eerder onder meer Shanghai trance, Melody Z, Yu-lan en Beat. R U THERE is geproduceerd door IDTV Film en de VPRO in co-productie met de Franse producent Petites Lumières.

Over Your cities grass will grow van regisseuse Sophie Fiennes, mede geproduceerd door het Nederlandse Kasander Film, wordt in het hoofdprogramma buiten competitie vertoond, in het onderdeel Special Screenings. Het is een ‘cinematografische reis’ waarin de alchemistische creatieve processen van de Duitse kunstenaar Anselm Kiefer worden blootgelegd. Andere Nederlandse coproducties in het hoofdprogramma zijn You my joy van de Rus Sergei Loznitsa, gecoproduceerd door Lemming Film (opgenomen in de Gouden Palm-competitie), en Adrienn Pál van de Hongaar Ágnes Kocsis, gecoproduceerd door Isabella Films (te zien in Un certain regard).

Licht van André Schreuders is geselecteerd door het parallelfestival Quinzaine des Réalisateurs. De kortfilm, opgenomen op 8mm, verhaalt over een oudere, alleenstaande vrouw (Leny Breederveld) die aan het einde van haar leven een tocht onderneemt naar een klooster, en onderweg enkele bijzondere ontmoetingen heeft.

Nanouk Leopolds Brownian Movement en Rudolf van den Bergs Tirza haalden het dus niet. Voor de Gouden Palm-competitie zijn in totaal slechts 18 titels geselecteerd. Daaronder zijn nieuwe films van Alejandro González Iñárritu, Abbas Kiarostami, Takeshi Kitano en Mike Leigh. De 63e editie van het Festival van Cannes opent 12 mei met Robin Hood van Ridley Scott.

15

04 2010

Film van de Week: Das weisse Band

weisseband

‘Ik weet niet zeker of het verhaal dat ik jullie vertellen wil in alle details overeenstemt met de waarheid, maar toch geloof ik dat ik het relaas van de eigenaardige gebeurtenissen in ons dorp vertellen moet, omdat deze mogelijk een licht kunnen werpen op de ontwikkelingen van ons land.’ Zo begint Das weisse Band (ondertitel: Eine Deutsche Kindergeschichte), de eerste periodefilm van de Oostenrijkse misantroop Michael Haneke: in voice over begint een mannenstem over de gebeurtenissen te vertellen die zich hebben afgespeeld in het Eichwald, een landelijk en protestants dorpje in het noorden van Duitsland waar hij onderwijzer was. Het is 1913 – maar de Eerste Wereldoorlog lijkt nog heel ver weg.

Wat volgt is een uiterst secure parabel over opvoeding en onwrikbare waarden, verpakt als whodunit waarin de jonge daders natuurlijk niet worden ontmaskerd. Het in bedwelmend mooi zwart-wit geschoten Das weisse Band – eerder dit jaar op het festival van Cannes bekroond met de Gouden Palm en de prijs van de filmjournalisten – is de Film van de Week, en misschien wel van het jaar…

Das weisse Band van Michael Haneke draait in 15 zalen.

19

11 2009

De ‘verkeerde’ Verhoeven

Paul Verhoeven                  Paul Verhoeven

Paul Verhoeven Paul Verhoeven

Tijdens het afgelopen filmfestival van Cannes werd in een klein zaaltje in de krochten van het festivalpaleis een nieuwe film van Paul Verhoeven vertoond: de 145 minuten durende Franse productie Teenagers. Voorafgaand kreeg iedereen een pen, een provisorisch bedrukt T-shirt en een gestencild persmapje in handen gedrukt. Niemand vroeg zich af of dat niet vreemd was voor een film van Paul Verhoeven.

De film was nauwelijks bezig of de zaal stroomde zo goed als leeg. Dit was een andere Verhoeven. De journaliste die de ‘verkeerde’ Verhoeven – een blozende zestiger met geblondeerd haar en een diamantje in zijn oor – om indruk te maken de groeten van Joe Esterhazy had gedaan, en het nauwelijks kon geloven dat hij wel even koffie met haar wilde drinken, zag ook in dat ze een ander voor zich had.

De Fransman – die tien jaar aan zijn film werkte, het scenario schreef, produceerde en regisseerde en zelf de kostuums en de soundtrack maakte – heeft dezelfde voor- en achternaam (‘Vóór de Franse revolutie was het nog Van Der Hoeven’), niet het talent van de Nederlander.

Ik had voor aanvang van het festival al contact gezocht met Verhoeven, omdat het me wel curieus geval leek. Sindsdien krijg ik de ene na de andere mail waarin ik op de hoogte wordt gebracht van het wel en wee van de film.

Zo meldde hij dat ‘de tweede vertooning van de film “Teenagers”, de 21ste Mei, in Cannes, nog “‘gekker” (was) dans de eerste : er waren tweemaal zoveel mensen dans plaatsen in de zaal ! Sommige hebben een uur lang gewacht on kunnen binnen treden… Daarna, om 20 uur, was er een “open bar” in het Belgisch Paviljoen (de jonge Quentin, die de hoofdrol had, was aanwezig, en is Belg). Wat de mensen beval, was de positieve kant van de film, vooral het derde deel, en ze waren zeer tevreden.

En recent kreeg ik een mail dat de film in de officiële selectie zit van het Festival van Philadelphia (US). ‘Philadeplhia is een stad van 5.000.000 inwoners, het was dus geen mini-festival in een dorpje van de Cevennes…!’ schreef Verhoeven. ‘Het is een goed teken van de waarde van deze film.’

Of de film te zijner tijd in Nederland te zien zal zijn is nog de vraag. Ook Cinekid-directeur Sannette Naeyé stond in Cannes na tien minuten weer buiten.

30

06 2009