Posts Tagged ‘Bob Bronshoff’

Actie! – Tweede Doodweg 15, 2114 AP Vogelenzang. 14 september 2012, 20.47 uur

“Ik ben op mijn best als de mise-en-scène de indeling van het huis bepaalt en niet andersom. Draaien in een bestaand huis betekent voor mij een aaneenschakeling van concessies. Een lange gang is te kort, de kamers zijn altijd te klein en vooral ook te laag. Om nog maar te zwijgen van de indeling, die zelden overeenkomt met wat ik in mijn hoofd heb.”

Voor zijn film Borgman heeft Alex van Warmerdam in de bossen rond Bloemendaal een moderne villa laten verreizen. Je zou het niet zeggen, maar het is voor het grootste deel van multiplex. Met een (niet werkend) kookblok en een (echte) vleugel, een houten vloer, behang met Escher-achtige patronen en kunst aan de muur van de schilder Ysbrant. En buitenmuren waarop ‘de tijd is aangebracht’ in de vorm van roest, mos, vlekjes en lekwater.

In de villa woont een welgesteld Westers gezin, bestaand uit een hardwerkende vader, een schilderende moeder en drie kindertjes, samen met een Deense au-pair. “Alles is nep,” zegt Van Warmerdam terwijl ‘de set’ in gereedheid wordt gebracht voor opnames. “Er is geen wc in het huis en er is geen stromend water.”

Ook de oprijlaan met bocht is speciaal aangelegd, net als de vijver en de tuin, die in de film ingrijpende veranderingen ondergaan. Er staat een gastenverblijfje, een tuinhuis en een carport, een productiekantoor en een speciale tent waar de kinderen zich kunnen vermaken als er geen opnamen zijn.

Voor Abel en De Noorderlingen liet Van Warmerdam ook alle sets al bouwen in de studio, voor Kleine Teun liet hij een boerderij neerzetten, voor De laatste dagen van Emma Blank een huis. “Film is bouwen voor mij, dan heb je de illusie onder controle. Het is zoveel efficiënter, maar in Nederland gebeurt het zelden, omdat er natuurlijk een prijskaartje aan hangt. Maar wat dacht je van Ben Hur? Of van Hitchcock, die liet ook veel bouwen. Of Kubrick? Die filmt heel Vietnam in een buitenwijk van Londen.”

In de woonkamer wordt de flatscreen aangezet door 1st AD Willem Quarles van Ufford. Popeye verschijnt in beeld. “Ha, dat is leuk”, zegt Van Warmerdam. “Maar is het de goeie scène?” Cameraman Tom Erisman moet van de leren bak af, zodat de drie kinderen des huizes en het Deense kindermeisje voor de televisie kunnen plaatsnemen. “Moet je lachen?” vraagt Van Warmerdam aan een van de kinderen. ‘Nu mag je nog lachen, straks niet meer hoor.”

Hoofdrolspeelster Hadewych Minis – badjas, rubber laarzen – krijgt een glas wijn in handen gedrukt. “Willem, welke scène doen we eerst?” vraagt ze. “Je komt van buiten”, legt Van Warmerdam uit. “Maar waar laat ik mijn wijn dan als ik de deur dicht moet schuiven?” wil Minis weten. Van Warmerdam plaats de kinderen in de juiste positie op de bank en zegt: “Laten we het een keer grof doen, dan hebben we een idee”.

Zo geschiedt. “Stine, will you bring the children to bed?”, bitst Minis tegen het Deense kindermeisje (Borgman is een coproductie met Denemarken en België). “Yes, madam”, antwoordt de Deense actrice Sara Hjort Ditlevsen. “Maar we hebben onze ijsjes nog niet op”, protesteren de kinderen. Het helpt niet, achter elkaar marcheren ze de kamer uit. Als de Daltons. Buiten staat een windmachine te loeien. Van Warmerdam – handen in zijn zakken – kijkt stuurs naar de monitor.

“Jullie hebben het goed voor elkaar, hè”, zegt hij tussen de repetities tegen de kinderen die tevreden aan hun ijsjes likken. Dan, tegen niemand in het bijzonder: “De wind mag trouwens wel een tandje harder.” “Wie regelt de wind?”, vraagt Quarles van Ufford in zijn portofoon. Buiten het zicht wordt aan de knoppen gedraaid; met het nodige kabaal waait iets omver.

Even later is de rust in de tuin wedergekeerd. En wordt de scène razendsnel opgenomen – met Minis in een crèmekleurig jurkje en op rode hakken in plaats van een badjas en rubber laarzen, de juiste scène van Popeye op de flatscreen en precies de goeie wind achter de halfgesloten jaloezieën.

Borgman | Nederland, 2013 | Productie Graniet Film | Producent Marc van Warmerdam | Scenario en regie Alex van Warmerdam | Camera Tom Erisman | Montage Job ter Burg | Production design Geert Paredis | Muziek Vincent van Warmerdam | Sound design Peter Warnier | Kostuumontwerp Stine Gudmundsen-Holmgreen | Make-up Marike Willard-Hoogveld | Casting Annet Malherbe | Met Jan Bijvoet, Hadewych Minis, Jeroen Perceval, Sara Hjort Ditlevsen, Eva van de Wijdeven, Annet Malherbe, Tom Dewispelaere, Alex van Warmerdam | Kleur, ± 110 minuten | Distributie Cinéart | Te zien vanaf 29 augustus 2013 | Foto Bob Bronshoff

07

05 2013

Hoofdweg 143-147, 1057 CN Amsterdam. Vrijdag 15 februari, 11.39 uur.

‘Wordt er iemand begraven hier?!,’ vraagt een bijdehante Amsterdammer die voorbij komt fietsen. Regisseur Norbert ter Hall kan er wel om lachen: ‘Soms word je er knettergek van, maar als je de weg niet afzet, levert het meestal een fijne interactie op. Al die geluiden krijg je er gratis bij; die hoef je er niet meer onder te zetten in de montage. Het zorgt ervoor dat het echt klinkt, dat het echt oogt. Het is een beetje documentair.’

Op de hoek van de Hoofdweg en de Postjesweg in Amsterdam-West ligt de straat open. Drie arbeiders staan een beetje te lummelen in het gat, ze leunen op hun scheppen. Op het trottoir staat een kleine graafmachine.

Het gat is niet echt, althans, er wordt niet echt aan de leidingen gewerkt. Het is gegraven voor de opnames van het tweede seizoen A’dam – E.V.A. (Amsterdam en vele anderen). Eva (van de Wijdeven) is hoogzwanger. Woest komt ze naar buiten waggelen. ‘Ja hallo,’ roept ze – haar een hand op haar dikke buik, de andere in haar rug. ‘Hebben jullie het water afgesloten?’

‘Is er wat?,’ antwoordt een van de werkmannen rustig. ‘Dat kan niet. Het moet weer aan. Het water. Ik bedoel: ik kan elk moment bevallen en ik moet, moét water hebben. Voor het bevalbad.’

‘In hoeverre hecht je aan de accuratesse van de tekst?,’ vraagt first assistant Wouter Severijn. ‘Nu niet,’ antwoordt Ter Hall. ‘We draaien eerst een totaalshot, maar straks wel.’

In de tweede reeks van A’dam – E.V.A. (opnieuw geschreven door Robert Alberdingk Thijm) gaan Adam (opnieuw gespeeld door Teun Luijkx) en Eva een nieuwe fase in, legt Ter Hall uit tussen twee takes. ‘In de eerste reeks ontmoetten ze elkaar en moesten ze uitzoeken of ze met elkaar verder wilden. Aan het einde van de serie was Eva zwanger. En met een baby verandert er een heleboel. We kunnen nog wel even vooruit, ook met de bijverhalen die zich kriskras in de stad afspelen. Voordat we de hele stad hebben gezien, zijn we wel vijf seizoenen verder.’

Als een enorme wolk voor de zon is verdwenen en een vrachtwagen voorbij is gereden, kunnen de opnames verder. ‘Jullie moeten precies hetzelfde doen en zeggen als net, alleen zijn jullie nu niet in beeld,’ legt Severijn uit aan de werkmannen. ‘We doen het nog een paar keer, en telkens zetten we de camera ergens anders.’

Eva komt weer naar buiten. ‘Hallo hallo,’ roept ze, zoals in het script staat. ‘Het mag wel wat bozer,’ zegt Ter Hall als de take klaar is. ‘Je bent te aardig.’ De camera wordt weer een stukje verplaatst. Severijn wijst Ter Hall erop dat als hij op het fietspad blijft staan de kans groot is dat hij van zijn sokken gereden wordt.

‘Sorry, we zijn hier nog even bezig,’ zegt een van de werkmannen. ‘Dat moet dan een andere keer,’ riposteert Eva. ‘Straks laat de slijmprop los en dan kan het elk moment beginnen. Het duurt zeker een uur voordat het bad vol is en als de vliezen breken dan moet ik gewoon beginnen.’ Ter Hall lacht. ‘We hebben hem.’

A’dam – E.V.A. Scenario: Robert Alberdingk Thijm | Regie: Norbert ter Hall | Camera: Richard van Oosterhout | Montage: Wouter Jansen, Annelies van Woerden | Productie: NTR/VARA/VPRO | Uitvoerend producent: Han van der Werff en Ed Keij | Muziek: Jasper Boeke | Kleur, 8 x 50’ | Omroep: NTR/VARA/VPRO | Te zien: voorjaar 2014 op Nederland 2.

De rubriek Actie! verschijnt maandelijks in de Filmkrant. Suggesties? Stuur een mail. Foto’s Bob Bronshoff.

08

03 2013

Actie! – Amstel 57 G, 1018 EJ Amsterdam. Maandag 4 juni 2012, 18.29 uur.

Op de hoek van de Amstel en de Nieuwe Keizersgracht, tegenover een enorme woonboot, is een tafel neergezet, waarop een forse camera is geposteerd. Ernaast staat een wiebelig keukentrapje. En een grote oranje pilon, opdat niemand het wankele bouwwerk omver zal lopen of fietsen.

Er is veel pers op de set van &ME, een romantische komedie van Norbert ter Hall. De regisseur poseert geduldig voor de fotografen met zijn Nederlandse hoofdrolspeler Teun Luijkx. De twee kennen elkaar nog van A’dam-E.V.A. Die veelgeprezen serie was in zijn geheel in Amsterdam gesitueerd, &ME is een internationale speelfilm, die voor het grootste deel wordt opgenomen in België.

Luijkx speelt een verhuizer bij het Europees Parlement. “Het Europees Parlement verhuist twaalf keer per jaar van Brussel naar Straatsburg en weer terug,” aldus Ter Hall. “Omdat er nooit een keuze is gemaakt tussen de twee steden. Dat heeft iets heel menselijks. Het is daarom een mooie metafoor; de drie hoofdpersonages in &ME vinden het ook moeilijk om te kiezen.” Ter Hall schreef zelf het scenario, op basis van de roman Fremdkörper van Oscar van den Boogaard: “Jules et Jim anno 2012”.

“Clear the frame, please”, roept de opnameleider. Niet om interessant te doen, maar omdat een groot deel van de crew van &ME nu eenmaal geen Nederlands spreekt. Er lopen zeven verschillende nationaliteiten rond, als Ter Hall goed heeft geteld. “De opnameleider is Engels, de setdresser Vlaams, de geluidsman komt uit Duitsland. Of uit Oostenrijk, dat weet ik eigenlijk niet zeker. Mark Waschke, die een in de liefde teleurgestelde homoseksueel speelt, die vanuit Berlijn naar Brussel is gekomen om een nieuw leven te beginnen, is Duits. En onze hoofdolspeelster Verónica Echegui is Spaans; ze was naast Bruce Willes te zien in The Cold Light of Day en wordt al de nieuwe Penélope Cruz genoemd…”

DOP Richard van Oosterhout, een Nederlander die in België woont, die ook verantwoordelijk was voor de fraaie fotografie van A’dam-E.V.A., klimt op de tafel. “Omdat de film maar voor een klein gedeelte in Nederland speelt, is het belangrijk om Amsterdam direct neer te zetten,” legt Ter Hall uit. Daarom maken we eerst een establishing shot van de Magere Brug. De Skinny Bridge kent iedereen; hij figureerde ook in de James Bond-film Diamonds Are Forever.”

Terwijl Van Oosterhout de camerabeweging repeteert naar de woonboot waar de interieurscènes zullen worden opgenomen, staat Ter Hall te ginnegappen met de opnameleider. “Larry, what do you think of Amsterdam so far,” vraagt hij. “So far, so good,” antwoordt Larry.

Dan is het tijd voor het shot. “Let’s quieten down, please,” roept Larry, die van het ene op het andere moment weer in zijn taak van opnameleider schiet. “Make sure that nobody is in the windows of the boats.” De Amstel hoeft niet afgezet te worden, beslist Ter Hall. “De fietsers horen erbij. We zijn in Amsterdam!” “Roling!,” zegt Larry. Na twee takes is Ter Hall tevreden. “Het is goed. We gaan naar binnen.”

&ME (Nederland 2012) | Scenario en regie: Norbert ter Hall |Camera: Richard van Oosterhout |Montage: Isabel Meier | Productie: Phanta Vision, Petra Goedings | Uitvoerend producent: José van Doorn | Production Design: Pepijn van Looy | Muziek: Jasper Boeke | Met: Teun Luijkx, Veronica Echegui, Mark Waschke, Rossy de Palma, Pamela Knaack, Charles Howard, Rafael Cébrian | Kleur, ± 90 minuten | Omroep: NTR | Distributie: Cinéart | Te zien: 14 maart 2013

26

12 2012

Actie! – Waterlandkerkje, 23 maart 2012, 12.58 uur

Dat het een bizarre samenloop van omstandigheden is, is nog voorzichtig uitgedrukt. In het voorjaar waren fotograaf Bob Bronshoff en ik op de set van Boven is het stil. Het was een ommelandse reis; maar binnen een half uur zaten we weer in de auto. Alles liep gesmeerd; hoewel er weinig licht was, had Bob al snel een prachtige foto en er gebeurde ook genoeg voor een sfeerrijk stukje. We wilden het aanvankelijk plaatsen in het Nederlands Film Festival-nummer van de Filmkrant; Jeroen Willems stond er immers in de spotlights. Er kwam iets tussen, een ander interessant filmpje, en Boven is het stil schoof door. Die kon maanden later ook nog, misschien wel in het mei-nummer rond het festival van Cannes…
Toen diende de volgende deadline zich aan. We stuurden Boven is het stil. Kort daarna kwam Bob Jeroen op straat tegen; ze praatten over Bruce Springsteen en Bob meldde nog dat de Zeeland-foto in het volgende nummer zou verschijnen. Jeroen was benieuwd. Maar hij heeft het niet meer gezien. Op de dag dat de Filmkrant verscheen, overleed hij aan een hartaanval. Macaber is het: de dag dat wij op de set waren timmerde, zaagde en schroefde hij eigenhandig een doodskist in elkaar. Op de foto van Bob baadt hij in een hemels licht…

“Je moet alleen maar passen en meten en kijken of het stevig is. Schroeven doen we later”, zegt Nanouk Leopold gedecideerd. Jeroen Willems kijkt een goed naar de blankhouten doodskist en pakt dan een enorme houtklem van een muur die vol gereedschap hangt. Als de opnameleider vraagt of iedereen klaar is voor opname, komt er een vliegtuig over.

Even later is het stil, en gaat Willems aan de slag. Hij zet het achterschot in de kist, slaat er eens op, zet vervolgens de houtklem erop en draait hem aan. Hij stampt de randen aan en loopt een rondje om de kist om te zien of alle naden sluiten. Ondertussen draait de camera om hem heen, soms op enige afstand, dan weer dicht op de huid.

Een enorm reflectiescherm dat op het erf, achter het raam staat opgesteld, zorgt voor een soort Bijbels licht in de stal. Willems legt de deksel op de doodskist, werkt vervolgens een randje bij met schuurpapier, blaast het fijne zaagsel weg en voelt met zijn vlakke hand dat het goed is. De camera draait maar door; de take duurt minuten. Leopold ziet op de monitor die ze voor haar buik draagt dat het goed is. “We zijn gestopt”, zegt de opnameleider.

In Waterlandkerkje, een dorp in Zeeuws Vlaanderen met nog geen 500 inwoners, in een boerderij langs de weg van Oostburg naar IJzendijke, vinden opnames plaats voor Boven is het stil, Nanouk Leopolds verfilming van de veelbekroonde debuutroman van Gerbrand Bakker uit 2006. Het is er prachtig.

“Ik vind Zeeland en Groningen de mooiste vlakke stukken van Nederland. We hebben ook in Groningen rondgekeken, maar hier is het nog net iets lieflijker. Dat past goed bij het verhaal”, aldus Leopold, die zelf het scenario uit het boek destilleerde. Bakker heeft zich er niet mee bemoeid; hij speelt wel een piepklein rolletje.

In Boven is het stil besluit de boerenzoon Helmer van Wonderen dat zijn bejaarde vader ‘naar boven’ moet; uit het zicht. De vijftiger vindt het tijd om op eigen benen te staan; hij haalt de woonkamer en de voormalige ouderlijke slaapkamer leeg, schildert de boel en koopt nieuwe spullen. En hij uit te zien naar de dood van zijn oude, zieke vader.

Na de eerste lange take is er een korte pauze, omdat er een batterij moet worden verwisseld. Willems, die Helmer speelt, maakt van de gelegenheid gebruik om een sigaret op te steken. “We doen het nog een keer hetzelfde”, zegt Leopold, nadat ze met haar cameraman heeft overlegd. De tweede take kruipt de cameraman bijkans in de kist.

“Kijk even naar het raam”, zegt Leopold tijdens de derde take tegen Willems. Hij zucht eens diep. Dan pakt hij een elektrische boormachine en boort hij uiterst zorgvuldig een aantal gaatjes op een rij. “Ik hoef de boormachine niet zo te zien”, zegt Leopold tegen de cameraman. Voorzichtig duwt ze hem in de richting waar ze hem hebben wil. De derde take duurt zes minuten.

“Wat doen we met die kleine dingetjes?” vraagt Willems vervolgens, terwijl hij een handje pluggen uit een glazen pot pakt.

“Je kunt ze afbeitelen of afschuren”, zegt de setdresser.

“Wil je het schroeven ook nog laten zien?”, vraagt de 1st AD op hetzelfde moment aan Leopold.

De regisseur staat in gepeins verzonken. “Iedereen zegt wat anders”, mompelt ze.

“Jij bent de baas”, zegt Willems.

“Okee”, zegt Leopold. “Bikken. Alleen maar bikken. Laten we weer gaan draaien.”

Boven is het stil (Nederland 2013) | Scenario en regie: Nanouk Leopold | Camera: Frank van den Eeden | Montage: Katarina Wartena | Productie: Stienette Bosklopper (Circe Films) en Els Vandevorst (N279 Entertainment) | Uitvoerend producent: Ada Goosens | Production Design: Elsje de Bruijn | Met: Jeroen Willems, Henri Garcin, Loes Wouterson, Wim Opbrouck, Lies Visschedijk, Martijn Lakemeier | Kleur, ± 100 minuten | Omroep: VPRO | Distributie: Cinéart Nederland  | Te zien vanaf: voorjaar 2013 (ovb)

06

12 2012

Galerie – Beeldende kunst in Amsterdam

Bob Bronshoff, Een roadtrip in 14 songs – Het Amerika van Bruce Springsteen. T/m 11/11 in Melkweg Galerie, Lijnbaansgracht 234a.

Well the cops finally busted Madame Marie for tellin’ fortunes better than they do. This boardwalk life for me is through. You know you ought to quit this scene too…’ Soms sta je precies op het juiste moment op de juiste plek, en schalt het nummer door de Melkweg Galerie waarop de foto van Bob Bronshoff is geïnspireerd.

Samen met journalist René Sommer maakte de Amsterdamse fotograaf Bob Bronshoff een roadtrip door het Amerika van Bruce Springsteen. 14 nummers van Springsteen vormden de roadmap voor hun reis. Ze waren in Philadelphia, Washington, en Bruce’s ‘hometown’ Freehold, ze kwamen terecht tussen de daklozen in Tent City in Lakewood.

De Springsteen-song 4th of July Asbury Park (Sandy) leidde Bronshoff en Sommer naar de 4th of July-viering in Asbury Park, een badplaats aan de Jersey Shore. Daar stuitten ze op de waarzegster Sabrina Castello, de kleindochter van Madame Curie, die in 1932 in een minuscuul blauw huisje de badgasten al een kijkje in hun toekomst gaf.

World Famous Forune Teller staat er op de gevel. Binnen hangt een foto van Sabrina met Springsteen en een van haar zussen. “Hij is een vriend van de familie,” vertelt ze in het fotoboek dat naar aanleiding van de rondreis is verschenen bij Schilt Publishing. “Hij was is de buurt en kwam gedag zeggen. We hebben zijn handpalm niet gelezen.”

Lang niet alle verhalen gaan over Springsteen, de setjes fraaie foto’s – elke locatie is goed voor een portret en een foto van de omgeving – zijn zeker niet alleen interessant voor Springsteen-adepten. Ze vertellen de verhalen van gewone Amerikanen. Niet alleen van Sabrina, maar ook van een architect van een 9/11-herdinkingsmonument, een hotdogverkoper, van een dakloze man, een soldaat, een moeder wier zoon werd doodgeschoten door de politie van New York, en van een muzikant die graag in Springsteens voetsporen zou treden.

Van het boek Een Roadtrip in 14 Songs is een een limited edition verschenen van 50 exemplaren. Genummerd en gesigneerd door de makers, inclusief een print (40×60 cm) naar keuze uit het boek, voor € 100. In de nacht van 6 op 7 november, als in de Verenigde Staten de verkiezingen plaatsvinden, is in de Melkweg de President’s Night, met lezingen, debatten en veel nieuws vanaf het front. Bronshoff geeft om 21.00 een rondleiding door zijn expositie.

Rob Scholte, Key Works. T/m 4/11 in Jaski Art Gallery, Nieuwe Spiegelstraat 29.

Rob Scholte maakt weer grote schilderijen. In de beste postmodernistische traditie, alsof de tijd heeft stilgestaan, schildert hij bestaande, overbekende beelden na – uit dure reclames (Porsche, Benson & Hedges) en uit plaatjesboeken; uit de massamedia en uit zijn eigen omvangrijke archief. In een uiterst precieze realistische stijl. Maar met een twist. De fles wijn uit 1984 is van een wel heel bijzonder huis: Chateau Migraine. De (houten) dames op het doek Little Red Riding Hood dragen geen kapjes maar een soort tulbanden.

In Jaski Art Gallery hangen negen fonkelnieuwe werken van Scholte (Amsterdam 1958), allemaal 1,5 bij 1,5 meter. De ironische titels vormen een aanwijzing voor de dubbele of driedubbele bodems die in de doeken zijn verstopt.

Zo liggen op 1 Night Stand twee banden met snelle velgen samen in een tweepersoons hotelkamer bed. Op Blind Man staat een asbak met daarop een kitscherig tafereeltje van mannen met pruiken en vrouwen met ruisende rokken, vrij naar het schilderij Het blindemanspel van de Amsterdamse schilder Cornelis Troost, die zich weer liet inspireren door de Galante Stijl-periode en de moralistische schilderijen van William Hogarth.

Scholte is nog altijd een copycat. Met een twist.

Alex Winters, The World Turns Just Before The Perfect Drawing. T/m 2/12 in De Service Garage, Cruquiusweg 79.

Wat je ziet als je binnenwandelt in De Service Garage, een enorme loods aan de rafelranden van Oost? Geen idee, eigenlijk.

In een zaaltje staat een in elkaar geknutselde dj-set: twee platenspelers waarop getekende elpees liggen en een mengpaneel. Aan het plafond draait een discobol langzaam rondjes. Hij glinstert niet, maar is gitzwart. Het vierkante discovloertje geeft geen licht, maar is van laminaat. Uit de boksen die in de vier hoeken hangen komt geen muziek, maar klinken zinnen als ‘bend and abandon rules’ en ‘inspiration dates’ als: plaats een contactadvertentie, zet je telefoonnummer er achterstevoren in, en doe niets totdat iemand contact me je opneemt.

De andere zaal is een soort van huiskamer, met twee enorme, bijna lege kasten, en midden in de ruimte een televisie, waarop een performance van kunstenaar Alex Winters (IJsselham 1977) te zien is. Aan de muren hangen tal van spiegels waarop zelfportretten zijn getekend.

De handouts die bij de ingang liggen, geven een clou – niet veel meer dan dat. Het zijn zelf ook kunstwerkjes: ze bevatten allemaal een uniek, getekend zelfportret van de kunstenaar.

29

10 2012

Actie! – Statenlaan 8, 6828 WE Arnhem. Dinsdag 14 augustus 2012, 11.07 uur.

“Uit hoeveel beeldjes het filmpje bestaat? 12 per seconde en het filmpje duurt 6 minuten, dus reken maar uit. We zitten nu net boven de 3500, dus we moeten nog even…” Regisseur Mascha Halberstad is even achter haar Canon 7D-camera vandaan gekomen om een knotwilgje een paar millimeter naar rechts te verplaatsen. De miniboompjes zijn gemaakt van hout en echte takjes. Tussen de kale takken liggen sneeuwvlokjes, gemaakt van “dat filterspul dat in afzuigkappen zit, je weet wel, waar je ook winterjassen mee voert”.

In de werkruimte van animatiekunstenaar Huub Kistemaker, in een monumentaal pand waar vroeger het Stedelijk Gymnasium was gevestigd, is Halberstad bezig met de opnamen van Dag meneer de Vries, een stop motion-filmpje voor de reeks NTR KORT!, naar een scenario van Fiona van Heemstra (Willemspark, Pim & Pom).

Daarin draait het om een stokoude baas, die zijn dagen slijt voor het raam van zijn Waterlandse houten huisje. Tot een onverwachte boodschapper hem wakker schudt; tijdens een koude winterdag wordt meneer De Vries verrast met een pakket waarin zijn oude Friese doorlopers zitten. Dan beseft hij dat hij niet achter de geraniums wil sterven, maar als de persoon die hij ooit was. Halberstad schilderde zelf de Hollandse wolkenlucht.

Het Waterlandse huis is gemodelleerd naar een pandje in Holysloot. Het ijs is plexiglas, de rollator van meneer De Vries is door Kistemaker gesoldeerd van staaldraad, zijn ieni mini medailles maakte hij van epoxy klei. De sneeuw die door een keukenzeef naar beneden komt dwarrelen, is speelgoedsneeuw die vermalen is in een blender. Halberstad spreekt zelf van een ‘houtje-touwtje film’.

Halberstad is in 1995 afgestudeerd aan de ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten in Arnhem; daarna maakte ze animaties voor onder meer de VPRO-programma’s Waskracht en Villa Achterwerk. Samen met Kistemaker creëerde ze de fraaie stop-motion animaties in Nicole van Kilsdonks Patatje Oorlog.

Halberstad frommelt wat aan het polarisatiefilter dat voor de lens is geplakt. Het past niet helemaal. “Eigenlijk ben ik een heel ongeduldig persoon”, zegt ze. “Ik kan wel animeren, maar het moet allemaal niet te lang duren.” Dat is relatief; Halberstad en Kistemaker zijn drie maanden lang drie dagen per week met meneer De Vries in de weer geweest. “Maar hele normale werkdagen hoor. Stop-motion is ook voor ongedurige mensen goed te doen. Als je alles tenminste goed hebt uitgedacht. Het is heel direct; je kunt meteen zien wat je doet.”

Dat werkt. Halberstad liet al een stukje van Dag meneer de Vries zien aan haar zoontje van zeven. “Die moest heel hard huilen. ‘Hij gaat toch niet dood, mama?!’, vroeg hij. ‘Het is maar een pop’, antwoordde ik. Daarna liet ik het stukje aan een volwassen vriendin zien. Zij moest ook huilen. Ons monnikenwerk is niet voor niets.”

Dag meneer de Vries, een coproductie tussen Viking Film en de NTR met steun van het Filmfonds, het Mediafonds en het CoBO-fonds, gaat in première op het Nederlands Film Festival. Op De Avond van de Korte Film, zaterdag 29 september, worden de KORT!-jes van vorig jaar uitgezonden (Nederland 2, 23.15 uur). Dag meneer de Vries komt volgend jaar op televisie; de producent is met verschillende distributeurs in gesprek of het ook als voorfilm in de bioscoop kan gaan draaien.

Dag meneer De Vries | Productie Viking Film, Marleen Slot | Scenario Fiona van Heemstra | Regie Mascha Halberstad | Animatie Huub Kistemaker | Muziek Miguel Boelens | Geluidsnabewerking Jeroen Nadorp | Kleur, 6 minuten | Te zien op het NFF, als onderdeel van KORT!; volgend jaar op tv bij de NTR.

01

10 2012

Actie! – Von Guerickstraat 119 1097 RA Amsterdam. Woensdag 21 maart 2012, 17.02 uur

Biga… Hey, biga! Voor een huis op de hoek van de Von Guerickstraat en de Von Liebigweg in het Amsterdamse Betondorp staat een Antilliaanse jongen te roepen. Hij heeft een petje achterstevoren op zijn hoofd en tatoeages op zijn gezicht en nek; met zijn beide handen vormt hij een roeptoeter. Zijn zwarte Renault Twingo staat scheef op de stoep geparkeerd. Uit het open raampje schalt rapmuziek.

Als regisseur Eché Janga zijn opgerolde scenario in de lucht steekt, komt acteur Ton Kas aansloffen. Hij heeft zijn handen in zijn zakken en ziet er een beetje verfomfaaid uit. “Ik dacht dat je lag te slapen”, zegt de Antilliaanse jongen. “Kom, laten we gaan.” Kas loopt onverstoorbaar richting de voordeur, gevolgd door Janga, de opnameleider, camera, licht en geluid. Een licht-assistent staat te haspelen met een enorm stuk piepschuim; hij krijgt hulp van zijn zoontje, die geen moment van zijn zijde wijkt. Aan de overkant van de straat kijkt een stel Marokkaanse jochies toe, voorovergebogen over de sturen van hun fietsen.

“Ik voel me niet zo lekker, Frank”, zegt Kas op fluistertoon. “Ik denk dat ik vandaag maar thuis blijf.” “Lul geen shit man”, riposteert Franklin. “Het is lekker weer om te gaan vissen. Kom pak je spullen.” Kas zegt niets. Hij loopt naar de voordeur en probeert de sleutel in het slot te steken.

Regisseur Eché Janga studeerde in 2010 af aan de Filmacademie met MO, een fraaie schets van het einde van de vriendschap tussen een Hollandse en een Marokkaanse jongen, gesitueerd in Slotermeer. Hij won er de Tuschinski Award mee, de Nassenstein Startprijs en de ‘Nieuwe Haring’ van het Leids Film Festival.

Samen met MO-scenarist Sammy Reijnaert maakte Janga vervolgens de NTR KORT! Ter observatie; ook werken ze aan het De Oversteek-lowbudgetfilmproject Altijd Zondag (voor Topkapi Films) en de One Night Stand Stockholm (voor Circe Films).

One Night Stand, een initiatief van de NTR, VARA en VPRO, biedt nieuwe makers de kans een film van vijftig minuten te maken. Voor de zevende reeks werden 112 voorstellen ingediend; vijftien daarvan werden vervolgens geselecteerd voor een ontwikkelingstraject, daarna werden acht scenario’s geselecteerd die productiesubsidie kregen.

In Stockholm draait het om Ben, een buschauffeur die in een moment van onachtzaamheid een fataal ongeluk heeft veroorzaakt, en tijdens zijn taakstraf de Antilliaanse draaideurcrimineel Franklin leert kennen. Ben wordt gespeeld door Kas; de rapper Jerrely Slijger, beter bekend onder zijn artiestennaam Kempi, is Frank(lin).

“We doen het eerst op jouw manier, dan op mijn manier”, zegt Janga na de repetities tegen d.o.p. Tibor Dingelstad, die ook het fraaie camerawerk voor Mo deed. “Ssssssht!”, doet de opnameleider naar de buurtkinderen. “Ton klaar? Jerrely klaar? Stilte voor opname!” De jochies zwijgen. De straatafzetters brengen geroutineerd een auto tot stilstand.

Na iedere take haasten cast en crew zich naar de monitor. “Vind je die pan zo goed?”, wil Dingelstad weten. Na een andere take wijst opnameleider op de enorme schaduw van de boom. Kas twijfelt een beetje over zijn tekst (“Ik kom er moeilijk tussen”); Slijger wil weten of het goed was. Dat was het, antwoordt Janga: “Hou dit vast; precies de juiste energie!”

Als de scène er naar ieders tevredenheid op staat, wordt nog een keer apart het geluid opgenomen. Slijger ratelt zijn teksten op terwijl hij een jointje draait. “Biga, Biga! Kom man, we gaan zwemmen”, zegt hij. “O nee, we gaan vissen! Stom!” “Even concentratie, jongens”, maant de opnameleider. “Kom, pak je spullen”, zegt Kempi. “Ik heb geen zin, geloof ik”, riposteert Kas. “Kom op Ben, snel! Straks zijn alle vissen weg”, improviseert Slijger. “Ik heb een zwembroek voor je meegenomen. Een Speedo!” Hij lacht. “Nu ben je verkocht, toch?!

One Night Stand – Stockholm / Scenario: Sammy Reijnaert / Regie: Eché Janga / Camera: Tibor Dingelstad / Geluid: Michiel de Boer / Montage: Björn Mentink / Productie: Marloes Luinge / Uitvoerend producent: Juri Keuter / Production Design: Mares Thomassen / Muziek: Christiaan Verbeek / Met: Ton Kas, Jerrely Slijger, Lili Kooijman, Layla Mino / Kleur, 50 minuten / Omroep: NTR / Te zien: première op het Nederlands Film Festival in september 2012; op tv in het voorjaar van 2013

27

04 2012

Actie! – Neptunus 405, 1115 VE Duivendrecht. 15 december 2011, 10.08 uur

Hoofdrolspeelster Kim Feesntra en regisseur Mark de Cloe. Op de achtergrond Teun Kuilboer en Robert de Hoog. Foto Bob Bronshoff.

Famke Janssen was model voordat ze het Bondmeisje Xenia Onatopp speelde in Goldeneye (1995). Daphne Deckers was model voordat ze een rolletje kreeg in de James Bondfilm Tomorrow Never Dies (1997), net als Rebecca Romijn (van Sports Illustrated en Victoria’s Secret naar X-Men, 2000) en Doutzen Kroes (van Victoria’s Secret naar Nova Zembla, 2011).

Het volgende vaderlandse ‘model turned actress’ is er ook alweer: Kim Feenstra. Feenstra won op haar 20e de televisieshow Holland’s Next Top Model, en is sindsdien niet alleen frequent te zien in modebladen als Harper’s Bazaar, Avantgarde, Beau Monde en de Glamour, maar ook in allerlei tv-programma’s, van Expeditie Robinson tot Ranking the Stars.

Toen regisseur Mark de Cloe (Het leven uit een dag, Life is Beautiful, Shocking Blue) nadacht over de casting van Sekstapes, een aflevering uit het tweede seizoen van de veel geprezen BNN-misdaaddramaserie Van God los, moest hij direct aan Feenstra denken. Hoewel hij haar alleen kende van Ranking the Stars vond hij haar intrigerend en dacht hij dat haar uitstraling goed zou passen bij het personage van Joyce, die heen en weer wordt geslingerd tussen twee liefdes: de spannende Stan (Teun Kuilboer) en haar degelijke ex Bart (Robert de Hoog).

De vraag was natuurlijk of ze kon acteren. De Cloe vroeg of Feenstra op auditie wilde komen liet haar improviseren met Kuilboer en De Hoog. De energie spatte er vanaf. Tijdens acteertrainingen met spelcoach Elisabeth Hesemans leerde ze vervolgens hoe ze ervaringen uit haar eigen leven kon gebruiken; hoe ze kon schakelen tussen verschillende spelintenties.

Op een waterkoude ochtend moet het gebeuren, op de krappe galerij van een flat in Duivendrecht. Op nummer 405 is het huis van Bart, waar Stan en Joyce de oude sekstapes van Joyce komen ophalen. De Cloe geeft nog wat aanwijzingen van achter de monitor, dan beginnen de repetities.

De mannen komen half vechtend, half strompelend de deur uit, Feenstra – vale spijkerbroek en blauw trainingsjackie – komt erachteraan. “Schiet! Schiet!”, roept ze. Er wordt gedaan alsof er wordt geschoten. Een van de mannen blijft rochelend en kreunend liggen, de ander rent weg, Feenstra rent achter hem aan.

Omdat er bij de opnamen geschoten gaat worden, worden er oordoppen uitgedeeld aan alle crewleden. Omdat er geschoten gaat worden, is er ook haast: naast de flat staat een lagere school waar het over een halfuur speelkwartier is. “Let allemaal goed op je oren”, zegt de opnameleider. “En actie!”

De mannen vallen voor de tweede keer naar buiten, Feenstra komt er weer achteraan en gilt “Schiet! Schiet!”. Als er nu (met losse flodders) wordt geschoten klinkt een oorverdovende knal. Een oud vrouwtje dat met haar boodschappentrolley richting de voordeur van de flat schuifelt, kijkt verstoord omhoog. “Okee, heel goed” roept De Cloe. “We doen hem nog een keer.”

In het huis neemt De Cloe Feenstra nog even apart; op de galerij wordt snel een beschermingsfilter voor de camera bevestigd. De scène wordt voor de tweede keer opgenomen, en binnen drie minuten voor de derde keer, maar nu wat closer. De opnameleider heeft nog geen “cut” geroepen, of de schoolbel rinkelt. De Cloe steekt tevreden zijn duim omhoog. “Heel erg goed, Kim!”

Van God los – Sekstapes / Scenario: Paul Jan Nelissen en David Lammers Regie: Mark de Cloe / Camera: Jan Moeskops / Montage: Elsbeth Kasteel / Productie: Pupkin Film / Uitvoerend producent: Marion Welmers / Production Design: Alfred Schaaf en Marielle Nap / Muziek: Paleis van Boem / Met: Kim Feenstra, Teun Kuilboer, Robert de Hoog en Vincent van der Valk / Kleur, 50 minuten / Omroep: BNN / Te zien: 1 april 2012

04

03 2012

Actie! – Plein 4, 2511 CR Den Haag. 1 december 2011, 15.12 uur.

Regisseur Robert Oey luistert naar generaal Peter van Uhm. In de vensterbank ligt de sabel van Van Uhm in Afghanistan gesneuvelde zoon Dennis. Rechts Jeroen de Bruin (camera) en Mike van der Sluijs (geluid). Foto Bob Bronshoff.

De afdeling bedrijfsmaatschappelijk werk van het Ministerie van Defensie is sinds de missie in Uruzgan, waarbij vijfentwintig Nederlandse militairen de dood vonden, enorm gegroeid. In het hele land zijn tachtig maatschappelijk werkers aan het werk om nabestaanden van gesneuvelde militairen te begeleiden.

Iedere militair die wordt uitgezonden heeft voor vertrek twee adressen opgegeven van relaties die als eerste moeten worden gewaarschuwd. Defensie probeert de familie binnen anderhalf uur te bereiken. ‘Nee, nee, niet zeggen! Ik wil het niet weten’, riep de zwangere Claire Rosier toen een militair bij haar binnen wilde komen. Ze smeet de deur dicht. Na een kwartier deed ze alsnog open. De militair draaide er niet omheen. ‘Mevrouw, ik moet u dit toch vertellen. Uw man is in Afghanistan omgekomen.’

In Gesneuveld (werktitel) laat filmmaker Robert Oey, die zich in films als Wonderland, De Zwemmers en De Leugen ook al uiterst geïnteresseerd toonde in de Nederlandse volksaard, zien hoe medewerkers van Defensie nabestaanden het slechte nieuws brengen dat hun zoon of dochter is omgekomen. Hij stelt de vraag hoe het is om geholpen te worden door dezelfde organisatie die verantwoordelijk was voor het welzijn – en dus ook voor de dood – van hun dierbare.

Hij velt geen oordeel, vraagt niet naar de zin van de missie, maar laat minutieus zien op welke manier er wordt omgegaan met deze bijzondere vorm van de dood en wat voor drama zich de afgelopen jaren op tal van plaatsen in Nederland heeft afgespeeld. Ouders, grootouders, zussen en broers, collega’s; iedereen vertelt hoe het was om dat vreselijke nieuws aan te moeten horen én hoe het leven toen toch weer verder ging. Het Ministerie van Defensie zette alle deuren voor hem open; Oey mocht ook een verkenningsmissie naar Kunduz filmen, “om te laten zien dat het niet ophoudt; dat het doorgaat”.

Ook generaal Peter van Uhm komt aan het woord; Oey filmde de Commandant der Strijdkrachten in diens werkkamer op het Ministerie van Defensie in Den Haag. Van Uhm werd 17 april 2008 geïnstalleerd als opvolger van luchtmachtgeneraal Dick Berlijn. Na het feestje was hij met zijn vrouw in Den Haag blijven slapen. Toen hij de volgende ochtend voor het eerst naar zijn werkplek in het ministerie liep, zag hij helemaal niemand, herinnert hij zich achteraf. In het statige vertrek trof hij zijn plaatsvervanger, die hem vroeg even te gaan zitten: Van Uhms zoon, de 23-jarige eerste luitenant Dennis, was in Afghanistan omgekomen door een bermbom.

Ook Van Uhm schoot direct in de ontkenning. Het kon Dennis niet zijn geweest. Als officier zou hij nooit in een gepantserd voertuig gaan zitten; officiers moeten immers het overzicht behouden. “Ga maar terug”, zei hij, “met deze informatie ga ik niet naar mijn vrouw”.

Van Uhm had gelijk wat betreft het voertuig, niet wat betreft zijn zoon. Die was dood. Het enige wat in zijn werkkamer aan hem herinnert is de sabel in de vensterbank. Hij behoorde toe aan Van Uhm zelf; toen Dennis afstudeerde aan de KMA heeft hij hem cadeau gedaan. Nu heeft hij hem weer terug, tot zijn leedwezen.

Gesneuveld (werktitel) Nederland 2011 / Scenario en regie: Robert Oey / Camera: Jeroen de Bruin / Geluid: Mike van der Sluijs e.a. / Montage: Chris van Oers / Uitvoerend producent: Natascha Theunissen / Producent: Pieter van Huystee / Muziek: Reyn Ouwehand / Kleur, 90 minuten / Omroep: HUMAN / Te zien: Voorjaar 2012

01

02 2012

Duivendrechtsekade 74, 1096 AH Amsterdam, zondag 11 september 2011, 12.28 uur

van links naar rechts: Victor Horstink (met boom), op regisseur Jaap van Heusden (op de rug gezien), Boy Ooteman (met koptelefoon), Raymond Thiry en Sal Kroonenberg (met matte box camera). Foto Bob Bronshoff

In een benauwde ruimte zitten twee mannen in legeruniform voor een wand vol beeldschermen, knoppen en hendels. De oudste legt zijn duim op de rode vuurknop van zijn joystick. “Three, two, one… fire.” Hij blijft gespannen naar het scherm kijken en zegt zacht: “Three, two, one… impact!”

“Blast 04, this is Windmill-TWO-ONE” – waar het geluid precies vandaan komt, is niet duidelijk. “All clear. Mission Accomplished. Mooi werk, bedankt!”

“Windmill 21, our pleasure”, antwoordt de schutter. Hij draait zich om naar zijn maat, en slaat hem op zijn schouder. “Goeie actie Beans!”

Op de dag dat de rest van de wereld de terreuraanslagen van 11 september 2001 herdenkt, neemt Jaap van Heusden (Ooit, Win-Win) de ene na de andere scène op voor Drone, een aflevering van de HUMAN-reeks Duivelse Dilemma’s. Daarin staan, zoals de titel al aangeeft, duivelse dilemma’s centraal, de keuzes tussen twee kwaden.

Drone gaat over Victor (Raymond Thiry), een voormalige, voor moed en inzet onderscheiden F16-piloot, die in zijn nieuwe functie van 9 tot 5 missies uitvoert met onbemande vliegtuigjes (drones) boven vijandelijk grondgebied.’s Avonds schuift de familyman gewoon weer aan voor de maaltijd met zijn vrouw en zoon. Zijn gespleten bestaan gaat hem echter niet in de koude kleren zitten.

Tijdens de research kreeg Van Heusen nog alle medewerking van defensie. Het enthousiasme bekoelde toen de legerleiding in de gaten kreeg dat het in Drone draait om een man die gevechtsmissies op afstand uitvoert, zoals de Amerikanen dat doen.

Zover zijn we in Nederland in werkelijkheid nog niet. De Nederlandse Luchtmacht investeert vooralsnog alleen in drones voor verkenningsvluchten. “Maar het zijn hetzelfde soort vliegtuigen als waarmee de Amerikanen in Pakistan bommen gooien”, aldus Van Heusden. “Als de Nederlandse verkenningsvluchten eenmaal door de Tweede Kamer zijn geloodst, kunnen de hellfire-raketten er op een herfstige namiddag alsnog onder worden gemonteerd.”

Hoe het ook zij, de Luchtmacht werkte niet mee, en Van Heusden belandde in de “schimmige sector van mensen die je buiten Defensie om aan legerdingen kunnen helpen”: iemand met wat wapens in de garage; militairen die wel een dagje wilden meehelpen. De gevechtsscènes werden gedraaid vanuit een hoogwerker van 70 meter, de rest van de footage van het ‘Unmanned Aerial Vehicle’ werd bij elkaar gesprokkeld via dubieuze internetfora én het Amerikaanse leger.

Het interieur van de schuur van waaruit Victor grondtroepen in onherbergzame gebieden luchtsteun geeft, is nagebouwd in een piepkleine studio. Op de nog krappere bovenverdieping reproduceert, tussen de spullen van de kleding en de make-up, een stemacteur de teksten van Windmill-21, de soldaten in het veld.

Van Heusden noemt het een “een gigantische uitdaging” dat hij zijn ambitieuze script voor een appel en een ei moet maken. “Voor Nederland is het uitvoeren van onbemande gevechtsmissies nu nog sciencefiction. Maar het komt eraan. UAV’s zijn goedkoper en ze maken dat een gevechtsvlieger kan doden zonder zelf in levensgevaar te komen. Er lijken enkel pluspunten, maar met het inzetten van drones is een nieuwe grens bereikt in oorlogsvoering.Voordat het debat hier op gang komt of we in deze technologie moeten investeren, wil ik de kijkers de kans geven in de stoel van een UAV-vlieger te zitten.”

Duivelse Dilemma’s: Drone Nederland, 2011 Scenario en regie: Jaap van Heusden Camera: Sal Kroonenberg Montage: Bas Icke Productie: Paul Ruven, Rene Huybrechtse Art direction: Nienke de Jonge Muziek: Minco Eggersman Geluid: Victor Horstink Met: Raymond Thiry, Ko Zandvliet, Monic Hendrickx, Jaap Spijkers, Boy Ooteman, Juda Goslinga, Guido Pollemans Kleur, 40 minuten Omroep: HUMAN Te zien: 30 november, Nederland 2, 23.00 uur

 

27

10 2011