Archive for July, 2011

Verontrustende flarden uit andermans leven

Kijken en bekeken worden, daar draait het om in de wonderlijke wereld van Elmgreen en Dragset. In de Onderzeebootloods, een gigantische dependance van Museum Boijmans Van Beuningen in de Rotterdamse haven, heeft het Scandinavische kunstenaarsduo een naargeestige grotestadswijk opgetrokken. Met een grauw huizenblok, overvolle vuilcontainers, kapotte straatverlichting, en een reuzenrad dat tussen alle treurigheid voor iets van vrolijkheid moet zorgen. En met een handvol acteurs, verbonden aan het Ro Theater, die naadloos opgaan in het gewone publiek.

De Deen Michael Elmgreen (1961) en de Zweed Ingar Dragset (1968) maakten aan het begin van deze eeuw razendsnel furore in de kunstwereld met net zulke vervreemdende projecten. In de woestijn buiten Marfa, Texas plaatsten zij een permanent gesloten Prada winkel, met de collectie van 2005 op de schappen. In de kelder van een New Yorkse galerie bouwden ze een metrostation. En tijdens de Venetiaanse Biënnale van 2009 transformeerden zij twee paviljoens tot woonhuizen van kunstverzamelaars, waarin de bezoekers werden rondgeleid door een babbelzieke makelaar. Verontrustend detail: het levenloze lichaam van de eigenaar dobberde in het zwembad.

Een ellenlange tunnelbuis – het lijkt Alice in Wonderland wel – geeft toegang tot ‘The One & The Many’, zoals de Rotterdamse installatie annex performance van Elmgreen en Dragset heet. Bij een pinautomaat, halverwege, is een Maxi-Cosy achtergelaten; erin ligt een levensechte baby. De wanden zitten onder de graffiti, hier en daar hangen billboards voor een nieuwe reality show en de expositie ‘The One & The Many’ in de Onderzeebootloods.

In de schaars verlichte, bijna 5000 vierkante meter grote loods loop je direct tegen een huizenblok aan, dat bewondering oproept door de omvang én de details: de namen bij het belbord, de rolstoel en de doos met oude kranten in de entree van het huizenblok, de graffiti in het toilet (“Man, 39, zoekt jonge mannen”). Het is overigens ook gewoon leuk.

Bij sommige woningen kun je naar binnen kijken, uit sommige ramen schalt geluid naar buiten – de aangekondigde reality show, een voetbalwedstrijd, Chinese karaokemuziek. De flarden uit andermans leven – of zijn het confronterende inkijkjes in je eigen bestaan? – zetten de fantasie onmiddellijk in beweging.

Op een smoezelige matras ligt een (wassen) jongen gestrekt. Naast hem is zijn pc opengeklapt; op een homodatingsite komen steeds nieuwe berichten binnen. Vanuit het reuzenrad kan ook een blik in de appartementen op de bovenste verdiepingen worden geworpen.

Het overrompelende, surrealistische bouwwerk van Elmgreen en Dragset, die naar eigen zeggen inspiratie vonden bij filmmakers als Ingmar Bergman en Rainer Werner Fassbinder, kan worden gezien als commentaar op de deplorabele staat van West-Europa, waar mensen de ongure openbare ruimte steeds meer mijden en zich terugtrekken in hun volgestouwde woningen. Het is tevens een psychologisch experiment; hoe verhoudt de eenling zich tot de massa?

Wie de man in grijze potloodventersjas vraagt met een druk op een knop het reuzenrad in beweging te zetten, ondergaat een transformatie. Als je er weer uit stapt, is de kans groot dat je wordt aangestaard door andere bezoekers, die zich afvragen of jij net zo bent als zij of dat je misschien toch onderdeel uitmaakt van het totaalkunstwerk, zoals het donkere meisje dat de godganse dag op een bankje zit. Haar ene hand rust op de rode, lege kinderwagen die voor haar staat. In de ander houdt ze haar mobieltje. “Wie kan mij nu helpen?”, zegt ze – net hard genoeg dat omstanders kunnen meeluisteren. “Ik kan niet weg vanavond. Ik moet dat kind terug bij mijn moeder gaan halen.”

The One & The Many van Elmgreen & Dragset. T/m 25 september in de Onderzeebootloods, RDM-straat 1 Rotterdam.

28

07 2011

Zoek de 10 verschillen

Links het affiche van Richard Donners avonturenfilm The Goonies uit 1985. Rechts het affiche van de 3D animatiefilm Hoodwinked Too! Hood VS. Evil van Mike Disa, in Nederland uitgebracht als Superkapje en de Turbo-Oma’s 3D.

28

07 2011

Gezien – wildgesmurfte smurfen

Om ervoor te zorgen dat het niemand kan ontgaan dat er vanaf volgende week een Smurfenfilm in de bioscopen draait, liet filmstudio Sony Pictures vorige maand het Spaanse dorp Juzcar blauw schilderen. Er werden twaalf inwoners voor ingeschakeld, en het kostte ruim 4000 liter verf om het gat in Andalusië van onder tot boven van een blauwe laag te voorzien – huizen, bedrijven, de kerk en zelfs het kerkhof moest eraan geloven.

Volgens de geoliede publiciteitsmachine zijn de bewoners (223 aldus Wikipedia) zo in hun sas met de actie – én de te verwachten toeristenstroom – dat ze hun dorp smurfenblauw willen laten. Burgemeester David Fernandez Tirado wordt inmiddels Grote Smurf genoemd.

De Nederlandse promotieactie is minder spectaculair, maar op een bepaalde manier ook opzienbarend: met een lowbudget guerrillacampagne wordt geprobeerd ‘awareness’ te creëren voor de miljoenenproductie naar de stripboeken van de Belg Peyo.

Op tal van wildplakplaatsen zijn drie verschillende, goedkoop ogende posters opgehangen: ‘Opgelet – Overstekende smurfen’, ‘Omleiding – Smurf hier heen’ en ‘Smurf Waarschuwing – Bij verdachte Smurf activiteit ga naar www.desmurfen-film.nl’ (notabene: s(m)urf’ in plaats van ‘ga’ was consequenter geweest).

Om maar geen enkel risico te nemen hangt vanaf deze week overigens ook de officiële poster in de megaplexen. Daarop zijn niet alleen de zwarte contouren te zien, maar zijn de smurfen gewoon blauw. En 3D, net als de film.

De Smurfen 3D draait vanaf 3 augustus in de Nederlandse bioscopen.

27

07 2011

De man die een verschil wilde maken

Mooi getimed, de televisieuitzending van Bobby, vanavond om 20.45 uur op Canvas: een indrukwekkend pleidooi voor verdraagzaamheid.

Op 5 juni 1968 werd Robert Francis Kennedy neergeschoten, de jongere broer van John F. Kennedy, die hard op weg was de Democratische presidentskandidaat te worden en daarna waarschijnlijk de 37e president van de Verenigde Staten. Na zijn dankrede in de balzaal van het Ambassador Hotel in Los Angeles werd Bobby, zoals zijn roepnaam luidde, eenmaal in zijn achterhoofd geraakt en tweemaal in zijn oksel. Dat gebeurde toen hij met zijn bewakers het hotel door de achteringang verliet en het personeel de handen schudde. Robert Kennedy overleed de volgende dag in het ziekenhuis.

1968 was toch al een van de roerigste jaren in de recente geschiedenis, door de Amerikaanse aanwezigheid in Vietnam, de Parijse studentenopstand, de Russische invasie in Praag, rassenrellen en nóg een schokkende aanslag: op Martin Luther King. Het was tevens het moment waarop het westerse individualisme aan zijn bloei begon.

Bobby heet de film van Emilio Estevez, naar Bobby Kennedy. Maar Bobby is geen biografische film. Zijn veronderstelde verhouding met Marilyn Monroe blijft onbesproken, net als de samenzweringstheorieën rond zijn dood. De officiële dader, Sirhan Sirhan, wordt niet eens bij naam genoemd.

In Bobby focust Estevez op de 22 personeelsleden en gasten die in het Ambassador Hotel verbleven op het moment dat de idealistische Kennedy werd doodgeschoten. De ‘gewone’ mensen worden gespeeld door grote sterren – van Anthony Hopkins, Harry Belafonte en Martin Sheen tot Lindsay Lohan, Helen Hunt en Elijah Wood. Estevez – de oudste zoon van Sheen, voormalig Brat Packer, en acteur in films als The Breakfast Club en St. Elmo’s Fire – heeft zelf ook een rolletje. Kennedy is alleen te zien op archiefbeelden.

Het niveau van de verschillende, fictieve ‘slices of life’ varieert. Niet al te boeiend zijn de wederwaardigheden van een ambitieuze reporter uit Tsjechoslowakije. De hippie-dealer die lsd neemt om dichter bij god te komen (Ashton Kutcher) en twee jonge campagnemedewerkers die ervan dagdromen Planet of the Apes te zien onder invloed van drugs zijn nogal flauw.

Wél heel sterk is de verhaallijn over de Mexicaanse keukenhulp die L.A. Dodger Don Drysdale had willen zien pitchen in diens recordwedstrijd maar geen vrij kreeg. Sharon Stone overtuigt als schoonheidsspecialiste, getrouwd met de overspelige manager van het hotel, die de nagels moet doen van een tot op het bot verwende, alcoholische, aan lager wal geraakte nachtclubzangeres (een sterke Demi Moore).

De meeste indruk maakt Bobby Kennedy – op archiefbeelden en in voice-over. Dat is geen diskwalificatie; de idealen van Kennedy vormen het hart van de film. Estevez ontrukt Kennedy’s woorden van hoop en inspiratie, van verdraagzaamheid en meelevendheid aan de vergetelheid en geeft ze nieuwe betekenis.

Bobby begint met beelden van de Vietnam-oorlog; in voice-over zegt Bobby Kennedy dat de machtige Verenigde Staten verantwoordelijk en mild moeten zijn. De parallel met het heden is opzichtig.

Bobby doet de vraag rijzen hoe de wereld eruit gezien zou hebben als Kennedy tot president was gekozen, de man die in 1968 al iets wilde doen aan de ongelijkheid tussen blank en zwart en aan de vervuilende industrieën. Die wilde dat de Verenigde Staten zo snel mogelijk onderhandelingen zouden beginnen met Noord-Vietnam en de bombardementen wilde stopzetten. De man die een verschil wilde maken.

27

07 2011

“We wilden een sprookje maken. Met een goede fee en een boze wolf”

Jean-Pierre en Luc Dardenne

“We weten het niet”, antwoordt Jean-Pierre Dardenne op de eerste, onmogelijke vraag van een Spaanse filmjournalist hoe ze hun enorme populariteit onder festivaldirecteuren en filmjournalisten verklaren. Het is niet de voorbode van een moeizaam vraaggesprek. In tegendeel. De veelvuldige bekroonde Waalse broers mogen als nukkig bekendstaan, tijdens het afgelopen festival van Cannes, waar Le gamin au vélo door het grootste deel van de filmpers jubelend werd ontvangen, praatten ze honderduit over hun film.

“We weten echt niet hoe het werkt”, vult Luc Dardenne zijn drie jaar oudere broer direct aan. “We steken veel tijd, liefde en aandacht in onze films, maar als ze klaar zijn, laten we ze los. Dan moeten ze op eigen benen staan. De films gaan naar festivals, ontmoeten een publiek en worden besproken in de krant. Of jullie en het publiek onze kinderen mooi vinden, weten we van tevoren niet. We moeten elke keer maar weer afwachten.”

Zo langzamerhand kunnen de Dardennes toch wel enigszins gerust zijn. Hun speelfilmdebuut La Promesse (1996) moest het nog doen met een plekje in de nevensectie Quinzaine des Réalisateurs van het festival van Cannes (en won direct de belangrijkste prijs van het bijprogramma). Alle films die ze daarna maakten, werden geselecteerd voor de Gouden Palm-competitie. Rosette werd in 1999 bekroond met de Gouden Palm en de prijs voor de beste actrice, Le fils in 2002 met de prijs voor de beste acteur. Met L’enfant wonnen de broers in 2005 hun tweede Gouden Palm, La silence de Lorna leverde hen in 2008 de prijs voor het beste scenario op. Afgelopen mei wonnen ze met Le gamin au vélo de Grote Prijs, de op een na belangrijkste prijs van het festival.

Read the rest of this entry →

21

07 2011

Gezien – Mediamatic

In de discussie over de kunstbezuinigingen wordt vaak de Joint Strike Fighter van stal gehaald: 200 miljoen korten op kunst, terwijl er miljarden worden uitgegeven aan oorlogstuig dat nog lang niet vliegt. Schande!

Jos Houweling zette onlangs in een gloedvol betoog kunst en asfalt tegenover elkaar: “7,3 miljard subsidie voor snelwegen, dat is 365 maal de bezuiniging op cultuur. Het asfalt is 365 maal belangrijker dan cultuur.”

Zo worden er meer aanschouwelijke maar oneigenlijke vergelijkingen gemaakt om de waanzin van Halbe Zijlstra’s plannen te illustreren. Mediamatic, het in Amsterdam gevestigde ontwerpbureau annex podium voor nieuwe media, kunst, cultuur en maatschappij, maakte dertien posters waarop de kunstbegroting wordt afgezet tegen zaken als de Rijksbegroting en de hypotheekrenteaftrek, de HSL en de Noord/Zuidlijn, de JSF en de EU, en de feestdagen, vakanties en ‘vreten, zuipen & roken’.

Dit alles is treffend verbeeld in heldere, felgekleurde pictogrammen. Het aandeel kunst is zwart: het staartje van het spaarvarken, een van de twaalf sterren in het logo van de Europese Unie.

Dat de verhoudingen niet helemaal kloppen doet er niet toe; de infographicposters zijn zo populair dat de hele voorraad op is. Maar niet getreurd, Mediamatic biedt op zijn website nu pdf’s aan, die op posterformaat uitgeprint kunnen worden.

Niet íedereen is enthousiast. “Wat een sneue stompzinnige plaatjes”, schrijft ene Johannes op de site. “Wat ik eruit concludeer: als de kunstsector nou gewoon ophoudt met vreten, roken en zuipen en belooft om geen AOW te ontvangen, kan ze met het bespaarde geld zichzelf bedruipen.”

De Duchamp van de Lage Landen

Pieter Engels, Strike Project Visualization of an Inactivity Period of Pieter Engels March 1 1971, foto courtesy Stedelijk Museum Amsterdam

Het idee stamt uit 1971, maar heeft een prikkelende actualiteitswaarde. Kunstenaar Pieter Engels stuurde minister van cultuur Marga Klompé een brief waarin hij voorstelde om in ruil voor het belastingvrije bedrag van 25 miljoen gulden geen beeldend kunstwerk meer te vervaardigen. Klompé ging niet op het aanbod in, gelukkig maar, en Engels ging gewoon door met het maken van provocerende kunst.

Recent werd hij onderscheiden met de Arti-medaille 2011, het tweejaarlijkse eerbetoon van Arti-leden aan een eigentijdse collega-kunstenaar. “Pieter Engels neemt een bijzondere plek in binnen de Nederlandse kunst van de afgelopen 50 jaar”, aldus de jury. “Zijn oeuvre heeft een sterk conceptueel karakter dat zich ontwikkelde in het brede gebied van museale presentaties, acties en cultureel ondernemerschap.” Als bijkomstigheid is in Arti et Amicitiae nu een kleine, fijne overzichtstentoonstelling te zien van Engels, die de 70 inmiddels is gepasseerd maar nog steeds actief is.

Midden jaren ’60 richtte Engels het bedrijf EPO op, de Engels Product Organisation, dat geen kunst maar prototypes maakte en die exposeerde in een showroom. Hij creëerde het alter ego Simon Es dat promotiecampagnes bedacht en gladde reclameteksten schreef, hees zich in strakke pakken en verkocht aandelen (‘mind shares’) die geestelijke rijkdom garandeerden.

Pieter Engels, Frame for a Possibility for an Endless Painting, Disappearing into the Universe in 4 Directions. foto courtesy Stedelijk Museum Amsterdam

Pieter Engels, lies about scale BLUE CROSS, foto courtesy Stedelijk Museum Amsterdam

Voor 25 gulden kwam de flamboyante Engels een auto beschadigen; voor 100 gulden deed hij het op een artistieke manier. Wie Engels twee gelijkwaardige bankbiljetten gaf, zag er een in zijn borstzak verdwijnen. Het andere biljet kreeg de aanbieder weer terug – kunstzinnig doormidden geknipt en gesigneerd.

Het bleef niet onopgemerkt. In 1967 nam Engels deel aan de Biënnale in Parijs, in 1968 aan de Documenta in Kassel. Hij had grote overzichtstentoonstellingen, onder meer in het Van Abbemuseum en het Stedelijk, dat een aantal werken aankocht. Daar maakte Engels dan weer nieuw werk van: ‘Pieter Engels in het Stedelijk Museum Amsterdam together with its director W. de Wilde looking for a suitable spot to hang this work of art’, heet een foto uit het begin van de jaren ’70, waarop de kunstenaar en de museumdirecteur samen naar een lege museummuur staan te turen. ‘Narcistic event A/A nr. 4’, krabbelde Engels ook nog onderaan de foto.

Engels’ recentere werken zijn al even talig, ironisch en tongue-in-cheek. ‘The absence of a painting’ staat er op een bordje dat bovenaan op een lege, houten schilderijlijst is geschroefd. En op het bordje op de onderkant: ‘The absence of a painting framed by the absence of this painting’. Het is niet voor niets dat Engels wel de Duchamp van de Lage Landen wordt genoemd.

Pieter Engels – Style as dogma is the vehicle of standstill. T/m 24 juli in Maatschappij Arti et Amicitiae, Rokin 112 Amsterdam.

19

07 2011

Zoek de 10 verschillen

Links de teaserposter van All Stars 2: Old Stars, Jean van de Velde’s langverwachte opvolger van All Stars die 13 oktober in de Nederlandse bioscopen wordt uitgebracht. Rechts de teaserposter van Gooische vrouwen, de meest succesvolle Nederlandse film van de laatste jaren, Het zal ook in dit geval geen toeval zijn, beide posters zijn gemaakt door Gijs Kuijper…

18

07 2011

Zoek de 10 verschillen

Links het affiche van Bridesmaids, bejubeld als de film waarmee de Vierde Feministische Golf is begonnen. Rechts de cover van het jubileumnummer van het mannenblad JFK. Op allebei staan vijf verleidelijke vrouwen…

18

07 2011

Als Linda klaarkomt, wisselen beelden van vuurwerk, een raketlancering en klokgeschal elkaar af

In 1972 maakte Gerard Damiano in zes dagen tijd, voor nog geen 25 duizend dollar, de bizarre seksfilm Deep Throat, over een vrouw wier clitoris achter in haar keel zit. ‘Dat is beter dan helemaal geen clitoris’, zegt de dokter. Hij raadt haar orale seks met fors geschapen heren aan. Als zij klaarkomt, wisselen beelden van vuurwerk, een raketlancering en klokgeschal elkaar af.

Deep Throat werd een klassieker: de film bracht wereldwijd meer dan 600 miljoen dollar op én speelde een belangrijke rol bij de seksuele emancipatie; porno werd mainstream. In de rommelige, maar amusante documentaire Inside Deep Throat doen Fenton Bailey en Randy Barbato dertig jaar na dato een poging het succes te verklaren.

Het was geen goede film, vindt bijna iedereen nu. ‘Ik dacht dat ik Luc Godard was’, zegt regisseur Damiano, een voormalige dameskapper. Alle ‘usual suspects’ komen aan het woord: Larry Flynt, dokter Ruth, Hugh Hefner. Zij zwijgen over de maffia, die de film financierde en er met de winst vandoor ging. Ook over de overleden hoofdrolspeelster Linda Lovelace bijna geen woord. Zij beweerde later onder dwang haar rol te hebben gespeeld, en werd fanatiek bestrijder van porno.

Inside Deep Throat, zaterdag 16 juli, 23.50 uur, Nederland 3.

16

07 2011