Archive for May, 2011

Gezien – The Tree of Life

Vorige week zondag werd het filosofische epos The Tree of Life van de Amerikaanse regisseur/kluizenaar Terrence Malick op het festival van Cannes bekroond met de prestigieuze Gouden Palm.

De bekroning zal door de Nederlandse distributeur Independent Films met gejuich zijn ontvangen; alle beetjes helpen om de film aan man te brengen. Dat lijkt voorwaard geen eenvoudige opgave: het verhaal, zo daar al sprake van is, is niet of nauwelijks samen te vatten. Regisseur Terrence Malick mag door filmkenners dan worden gezien als een levende legende, bij het grote publiek is hij nauwelijks bekend. Brad Pitt, die de film ook coproduceerde, speelt weliswaar een belangrijke rol, maar een échte hoofdrol is het niet. En het is ook geen rol zoals de Brad Pitt-fans hem graag zien. De rol van Sean Penn is overigens nóg veel kleiner.

De problemen met de positionering zijn af te lezen van de posters die in verschillende landen worden gebruikt. De Duitse poster belooft een mainstreamfilm, met een gezellige hoofdrol van Brad Pitt; op het Franse affiche lijkt het alsof Sean Penn de hoofdrol speelt; de Amerikaanse poster vat de film samen in 70 beelden. Ook de verschillende teaserposters hebben allemaal een andere focus: op de een staat de boom des levens, op een ander de oerknal, en op een derde een zachtroze kindervoetje.

Die laatste teaserposter hangt al enige tijd in de Nederlandse bioscopen. De prikkelende poster die deze week worden verspreid, is een vervolg: hetzelfde kindervoetje wordt nu gestreeld en bewonderd door een man in wie met enige moeite Brad Pitt te herkennen is. Zijn naam staat voor de zekerheid in de buurt, net als die van Penn. Persquotes en het Gouden Palm-logo (half Engels, half Frans: “Winner Palme d’Or”) zouden de rest moeten doen.

Laten we het hopen; The Tree of Life is de moeite waard.

NB Er komt hulp uit onverwachte hoek: ook Nivea lijkt reclame te maken voor The Tree of Life…

The Tree of Life draait vanaf 2 juni in 15 zalen, waaronder Kriterion, Cinecenter en Pathé Tuschinski.

31

05 2011

Gezien – Toneelgroep Amsterdam

“Wij halen elk jaar vrij stabiel 100.000 bezoekers, met heel verschillende programma’s” vertelde Toneelgroep Amsterdam-regisseur en -directeur Ivo van Hove onlangs in deze krant. “Dat betekent dat wij een publiek hebben dat graag komt kijken naar de grille weg die TGA inslaat en dat ervan houdt verrast te worden. Ook als het een keer minder is haken ze niet af.”

Het posterbeleid van TGA is sinds Van Hove er de scepter zwaait op dezelfde gedachte gestoeld: er word geen reclame gemaakt voor een bepaalde voorstelling (zoals vroeger gebeurde, onder meer met de spraakmakende affiches van Anthon Beeke), het gezelschap wordt aan de man gebracht.

Dat gebeurt met een huisstijlaffiche; hetzelfde grid met een andere titel en foto bij iedere nieuwe voorstelling. De herkenbaarheid van het gezelschap staat voorop; alle voorstellingen van dit gezelschap zijn even goed, wordt zo gecommuniceerd.

Het stramien met de contour van een T werd tien jaar geleden bedacht door het Amsterdamse designbureau Koeweiden Postma. Het eerste T-affiche was van Kruistochten, een ontwerp van Jan Versweyveld met een foto van Jasper Zwartjes. Bij de herneming werd een paar jaar later een scènefoto van Versweyveld gebruikt.

Ook de typografie werd aangepast. Vroeger werd de typografie van de voorstellingstitel vaak op fraaie wijze in de T verwerkt, op de recentere posters is het titelbeeld vaak wat minder speels. De scènefoto’s van Versweyveld zijn wat minder uitgesproken dan Jaspers speciaal gemaakte, strakke studiofoto’s.

Voor het affiche van Spoken pakt dat fletse overigens heel goed uit: zo flets ziet een spook eruit.

31

05 2011

Cannes slot – De prijzen

De Amerikaan Terrence Malick heeft zondagavond in Cannes de Gouden Palm gewonnen voor zijn filosofische epos The Tree of Life. Malick was niet in het Festivalpaleis om de prijs in ontvangst te nemen; de producenten Bill Pohlad en Dede Gardner namen de honneurs waar voor de legendarische kluizenaar-regisseur. Zij vertelden dat ze de ‘extreem verlegen’ Malick hadden gebeld en dat hij “heel erg blij” is met zijn prijs. Ook memoreerden zij aan de lange weg die de film heeft afgelegd: de eerste plannen voor The Tree of Life stammen uit het einde van de jaren ’70; de opnamen eindigden drie jaar geleden al, en vorig jaar werd er in Cannes ook al vurig op The Tree of Life gehoopt. 2 juni verschijnt de film al in de Nederlandse bioscopen.

The Tree of Life is pas de vijfde film van Malick, die in 1973 debuteerde met Badlands. Met de opvolger Days of Heaven won Malick in 1979 in Cannes de prijs voor de beste regie, maar nadat die film flopte aan de kassa verdween hij twintig jaar uit beeld. Pas in 1999 keerde Malick terug met het poëtische anti-oorlogsdrama The Thin Red Line. In 2005 regisseerde hij The New World, zijn interpretatie van de Pocahontas-legende.

The Tree of Life is Malicks magnum opus: al zijn thema’s en stokpaardjes komen samen in een 138 minuten durende, adembenemend mooi gefotografeerde, caleidoscopische parabel over de verbondenheid van al het leven op aarde. De hoofdrol wordt gespeeld door de Hollywoodster Brad Pitt, die de film ook coproduceerde. The Tree of Life was een van de favorieten voor de hoofdprijs, hoewel lang niet iedereen positief was; na afloop van de persvoorstelling klonk ook boegeroep.

Juryvoorzitter Robert De Niro verklaarde na de uitreiking dat de schaal en ambitie van The Tree of Life de doorslag hadden gegeven. De Niro liet doorschemeren dat de jury niet unaniem was geweest. “Slechts weinige films zijn 100 procent, Maar de meesten van ons vonden hem geweldig.”

De verdeeldheid bleek ook uit de toekenning van de Grote Prijs, de op een na belangrijkste prijs van het festival. Die ging ex aeque naar het poëtische Once Upon a Time in Anatolia van de al meermaals in Cannes bekroonde Turkse regisseur Nuri Bilge Ceylan en het fraaie sprookje Le gamin au vélo van de tweevoudige Gouden Palm-winnaars Jean-Pierre en Luc Dardenne. De Juryprijs, zeg maar de bronzen medaille, ging naar Polisse van en met de Franse actrice annex regisseuse Maïwenn.

De Deen Nicolas Winding Refn (Pusher, Valhalla Rising) won zeer verrassend de prijs voor de beste regie met Drive, een snoeiharde actiefilm met een hoofdrol voor Ryan Gosling. De Israëlier Joseph Cedar kreeg de prijs voor het beste scenario voor Footnote, over een rivaliserende vader en zoon, beiden expert in de Talmoed. Le Havre van de Fin Aki Kaurismäki werd bekroond door de internationale filmkritiek.

Het luidste applaus tijdens het gala was voor de Fransman Jean Dujardin, die de (woordeloze) hoofdrol speelt in de zwart-witfilm The Artist, een lichtvoetige hommage aan de zwijgende films van de jaren twintig, die pas op het allerlaatste moment naar de competitie was overgeheveld. De Amerikaanse Kirsten Dunst kreeg de prijs voor de beste actrice voor haar fenomenale rol in Lars Von Triers Melancholia. “Wow, het was me het weekje wel”, zei Dunst enigszins van haar stuk. Ze bedankte vervolgens de festivalleiding dat de film niet uit de competitie was genomen nadat Von Trier tijdens een persconferentie een aantal misplaatste, grappig bedoelde opmerkingen had gemaakt over de Tweede Wereldoorlog, Joden en Hitler. Ook bedankte ze Von Trier – die voor straf tot ‘persona non grata’ was verklaard en daardoor het slotfestijn niet mocht bijwonen – dat hij haar de kans had gegeven zo veel moed te tonen en zo vrij te zijn.

23

05 2011

Cannes dag 11 – zaterdag 21 mei

Geen festival zonder prijzen! Voor de goede orde: het onderstaande lijstje is niet wat ik denk dat het wordt, in tegendeel, dit zijn mijn persoonlijke favorieten. Wat ik dan wel denk dat ‘t wordt? Mmmmh… de prijzen gaan naar The Tree of Life (Gouden Palm), Jean-Pierre en Luc Dardenne (beste regie), Le Havre (Speciale Juryprijs), Michel Piccoli (beste acteur) en Tilda Swinton (beste actrice). Zondagavond weten we hoe de jury erover denkt!

Gouden Palm: The Tree of Life van Terrence Malick

Speciale Juryprijs: Hanezu no tsuki van Naomi Kawase

Beste regie: Once Upon a Time in Anatolia van Nuri Bilge Ceyan (ongezien…)

Beste scenario: Jean-Pierre en Luc Dardenne voor Le gamin au vélo

Beste acteur: Thomas Doret in Le gamin au vélo

Beste actrice: Tilda Swinton in We Need To Talk About Kevin

Beste debuut: Michael van Markus Schleinzer

Beste film van het festival: Elena van Andrei Zvyangentsev (volkomen ten onrechte gepasseerd voor de Gouden Palm-competitie)

Meest bespottelijke rol: Sean Penn in This Must Be The Place (Hij zal er wel een Oscarnominatie mee verdienen…)

Domste uitspraak van het festival: “I’m a Nazi” door Lars Von Trier (Met “Ik word nog liever blootgesteld aan radioactiviteit dan dat ik weer een Nederlandse film ga zien” van een Belgische filmjournalist als goeie tweede)

Meest ontroerende moment tijdens de persconferenties: de Italiaanse meester Berandro Bertolucci, die de aanwezige journalisten bedankt voor hun aanwezigheid terwijl hij geen nieuwe film presenteert en niets nieuws te vertellen heeft: “Dus u heeft nu niets om over te schrijven, waarvoor mijn excuses”.

Zoetste film: Le Havre van Aki Kaurismaki (met Restless van Gus Van Sant als goeie tweede)

Slechtst acterende regisseur in eigen film: Nanni Moretti (m.) in Habemus Papam en Maïwenn (v.) in Polisse

Meest overbodige 3D: Hara-kiri van Miike Takashi

Meest overbodige remake: Hara-kiri van Miike Takashi

Meest misplaatste film in de Gouden Palm-competitie: Drive van Nicolas Winding Refn (prima film hoor, maar had gewoon een midnight-screening moeten zijn)

Beste Nederlandse film van het festival: Code Blue van Urszula Antoniak (er draaide maar één Nederlandse film op het festival…)

Wat verder niet onvermeld mag blijven: Blue Bird van Gust van den Berghe en Play van Ruben Östlund. En niet te vergeten: de gerestaureerde versie van George Méliès’ Le Voyage dans la Lune…

21

05 2011

Cannes dag 10 – vrijdag 20 mei

Mijn laatste competitiefilm gezien van deze editie: This must be the place, de eerste Engelstalige productie van de Italiaanse regisseur Paolo Sorrentino. Daarin speelt Sean Penn een op The Cure-voorman Robert Smith geënte rockzanger, met zwarte piekharen en vuurrood gestifte lippen, die op zoek gaat naar de kampbeul die het leven van zijn vader tot een hel heeft gemaakt. Pretentie en cliché’s vechten vervolgens om voorrang, in een groteske roadmovie boordevol shots die allemaal spectaculair en duizelingwekkend willen zijn, krankzinnige types, David Byrne als zichzelf en tegeltjeswijsheden begeleid door de bespiegelmuziek van Arvo Pärts. De reacties waren behoorlijk positief; ik vond het helemaal niks. Krijg ook David Byrne’s This must be the place (‘hooooome…’) – het (muzikale) thema van de film – niet meer uit mijn hoofd. Dat kan geen toeval zijn, ik wil zo langzamerhand wel weer naar huis…

Aansluitend toch even naar de persconferentie, die zoals altijd werd geleid door de Franse ijdeltuit Henri Béhar. Nadat hij iedereen had geïntroduceerd, was ook de stokoude Duitse acteur Heinz Lieven aangeschoven, die de kampbeul op oudere leeftijd speelt.

“Ah, er is nog een acteur bij ons komen zitten… Dames en heren, helemaal rechts aan de tafel…” Béhar bladerde nog wat door zijn papieren, maar kon de naam waar hij naar zocht niet vinden. “Helemaal rechts… de nazi!”

Was er toch een nazi op het festival.

Na de persconferentie razendsnel door naar mijn groepsgesprek met Kirsten Dunst, die bijzonder veel te vertellen had. Daarna een geweldig één-op-één-gesprek met mijn favoriete Russische regisseur Andrei Zvyangentsev, en daarna nog een groepsgesprek met Pedro Almodovar.

Toen was het wel weer mooi geweest. Hooooome…

20

05 2011

Cannes dag 9 – donderdag 19 mei

Op de laatste dagen van het festival staan nog enkele grote namen geprogrammeerd. De Spaanse meester Pedro Almodovar bijvoorbeeld; zijn La piel que habito is een soort kruising tussen psychologisch drama, melodrama en horror, met een fijne hoofdrol voor Antonio Banderas, die zijn carrière begon in de films van Almodovar. Omdat Penelope Cruz niet beschikbaar was, toverde Almodovar haar evenbeeld uit een hoge hoed: Elena Anaya.

De tweede vraag op de aansluitende persconferentie was of Almodovar misschien ook een nazi is. Nee, luidde zijn afgemeten antwoord. Het moet allemaal niet veel gekker worden.

Daarna naar mijn interview met Lars Von Trier. De vorige negen keren dat hij voor het festival van Cannes was geselecteerd, zat hij in Hotel Du Cap, bijna een uur met de taxi. Dit keer had hij zijn intrek genomen in La Mas Candidde, óók een hotel-restaurant annex spa dat bijna net zo luxe is als het resort in zijn film. Ook alleen maar per taxi bereikbaar.

Onderweg bereikte ons het bericht dat Von Trier persona non grata was verklaard gedurende de laatste dagen van het festival. De Deense regisseur maakte zich woensdagochtend onmogelijk tijdens de persconferentie na de wereldpremière van Melancholia, met uitspraken over de Tweede Wereldoorlog, Hitler en de Joden.

Het liet festivalpresident Gilles Jacob, die in de loop van de jaren een persoonlijke vriend van Von Trier is geworden, geen andere keus dan deze maatregel, die uniek is in de geschiedenis van het festival, dat ‘idealen van menselijkheid en gastvrijheid’ al 64 jaar hoog in het vaandel draagt. Von Trier is zondag niet welkom op de prijsuitreiking en de slotceremonie. Zijn film Melancholia is overigens niet uitgesloten van de competitie. Over mogelijke repercussies in de toekomst wordt nog nagedacht.

Nog even Pim Hermeling van de Nederlandse distributeur WildBunch gebeld: “Bij iedere nieuwe film doet Lars weer pogingen zichzelf onmogelijk te maken. Het is grievend en totaal onnodig. Ik distantieer me van zijn uitspraken; een groot regisseur als Lars Von Trier heeft dit niet nodig. We hopen maar dat het niet ten koste gaat van de film; díe verdient alle aandacht”.

Von Trier nam tijdens het interview overigens geen woord terug van wat hij gezegd had. Sterker: hij ging er nog een keer vol in. Als hij Hitler was – hij is Hitler niet, maar stel dat hij Hitler was een meesterwerk had gemaakt, dan zou het festival dat gewoon moeten vertonen, toch? Tot slot van het rondetafelgesprek liet hij zijn rechterhand zien. Daarop had hij kortgeleden – Von Trier is 55 jaar – F U C K laten tatoeëren. Zijn dochter heeft hem daarna toegesproken alsof hij een klein kind was, vertelde Von Trier met een vreemde mengeling van trots en schaamte. “Weet je wel dat het er nooit meer af kan”, had ze gezegd.

Daarna naar Elena van Andrei Zvyangentsev, een van mijn favoriete hedendaagse regisseurs. Het is een topfilm, die naadloos aansluit bij de even subtiele als bombastische voorgangers The Return en The Banishment: een Robbert Bresson-achtige moraliteit over arm en rijk en bloedbanden.

Het betrof een marktscreening, in eerste instantie bedoeld voor distributeurs, maar de markt loopt op zijn einde, dus er was plek genoeg. Dat het festival nog maar een paar dagen duurt, kun je ook zien aan de vakbladen. Aan het begin van het festival zijn ze heel erg dik, aan het einde dun. Variety en The Hollywood Reporter verschijnen niet eens meer op donderdag, als om te benadrukken dat het echt alleen maar om de advertenties gaat en de redactionele tekst op de achterzijde van de advertenties slechts bladvulling is. (Wie wil zien hoe groot het verschil is tussen Cannes met en zonder festival kan terecht op de site van de Libération, voor een geweldige vergelijkende fotoserie).

Tot slot nog naar Drive, de eerste Amerikaanse film van de Deense regisseur Nicolas Winding Refn (Pusher, Valhalla Rising) met een hoofdrol voor de nieuwbakken Hollywoodster Ryan Gosling. Niet omdat ik er zin in had, maar omdat het met met pas met stip nog makkelijk kon. Snoeiharde, vermakelijke onzin. Maar wat doet het in hemelsnaam in de Gouden Palm-competitie?

20

05 2011

Cannes dag 8 – woensdag 18 mei

De dag goed begonnen, met het einde van de wereld op zijn Lars Van Triers. In Melancholia doorleven twee zussen ieder op hun eigen manier de laatste dagen. De op het eerste gezicht nogal wispelturige Kirsten Dunst vindt een bepaalde rust in de momenten voor de fatale confrontatie met de losgeslagen maan Melancholia; de op het eerste gezicht veel stabielere, oudere en dominante Charlotte Gainsbourg begint juist te panikeren.

Na afloop waren de reacties een beetje lauw; dus begon Von Trier op de persconferentie zelf maar over zijn pornoproject met Dunst en Gainsbourg en over Joden en Adolf Hitler. Het bleef nog lang onrustig in Cannes.

Daarna naar La conquête van Xavier Durringer, over de Franse presidentsverkiezingen van 2007. Daar was al een hoop gedoe over in Cannes, zonder dat er een centimeter van de film te zien was geweest. Dat was ook de voorwaarde waarop ik regisseur Xavier Durringer eerder deze week had kunnen spreken. Niet dus.

Vond de film niet heel geweldig; het is een soort Den Uyl en de Affaire Lockheed-achtige televisiefilm, waarin de nadruk ligt op Sarkozy’s afhankelijkheid van zijn grote liefde Cécilia. Denis Podalydes is fantastisch als Sarkozy, vooral zijn stem en gebaartjes. Bernard Le Coq is nog beter als de zittende president Jacques Chirac/ Dat wel, maar de Fransen hadden gehoopt dat het allemaal wat verder zou gaan; al te veel nieuws zit er voor hen ook niet in.

Koffie met Gerard Huisman, die opgewekt vertelde dat hij drie van de meest bijzondere, tegelijk moeilijkst uit te brengen films heeft aangekocht: Elena van Zvyagentsev, Once Upon a Time in Anatolia van Nuri Bilge Ceylan en Hors Satan van Bruno Dumont. Daarna naar Blue Bird van de Vlaamse regisseur Gust Van Den Berghe, amper 25, wiens Little baby Jesus of Flandr vorig jaar ook al in de Quinzaine des réalisateurs te zien was. Het oogstrelend mooi, in duizendeneen blauwtinten gefotografeerde Blue Bird is een vrije variatie op een verhaal van Maurice Maeterlinck, over twee kinderen die op zoek gaan naar hun blauwe vogel en onderweg wijze lessen leren over leven en dood worden. Prachtig mooi!

Ook nog de charmante Vlaamse kortfilm Badpakje 46 van Wannes Destoop gezien, de Vlamingen zijn deze editie weer goed vertegenwoordigd, en Takashi Miike’s Hara-Kiri, de allereerste 3D-film die meedingt naar de Gouden Palm. Dat viel niet mee: traag en weinig diepgang. Ging de festivaldag toch nog als een nachtkaars uit…

18

05 2011

Cannes dag 7 – dinsdag 17 mei

Moe. Het kost ’s ochtends steeds meer moeite uit bed te komen, en tijdens de films dommelen journalisten steeds vaker even in slaap. Het is onvermijdelijk, en heeft niets te doen met de kwaliteit van de film. De hectiek en het structurele gebrek aan slaap gaan opbreken. De laatste film eindigt ‘s avonds rond een uur of 12, dan naar huis en nog wat tikken, meestal tot een uur of half 2, 2. En om half 7 weer op: stukken nog eens doorlezen en versturen, douchen, ontbijten en weer naar de bioscoop. De eerste film begint dagelijks om half 9.

De eerste film van vandaag was Le Havre, de nieuwe van Aki Kaurismaki. Die speelt voor het eerst niet in Finland, maar in Frankrijk en is niet Fins maar Frans gesproken. En toch zie je binnen drie tellen dat het een film van Aki Kaurismaki is. Een hele leuke bovendien, over een zelfzuchtige oude man, die zich als zijn vrouw in het ziekenhuis ligt over een Afrikaanse jongen ontfermt, die per container op weg was naar zijn moeder in Londen.

Daarna naar de Tree of Life-interviews met Jessica Chastain en Brad Pitt. Vooraf moesten allerlei verklaringen ondertekend worden, daarna moest vooral heel erg lang worden gewacht, met veel meer journalisten dan was afgesproken, in een kleine, benauwde, warme hotelkamer. Alles voor de Parool-lezers!

Direct daarna door naar het dakterras van een volgend duur hotel voor een interview met de Dardenne-broers over Le gamin au velo (die ik direct al goed vond en alleen maar beter wordt).

Vervolgens naar Hanezu no Tsuki van de Japanse Naomi Kawase, een van mijn favoriete regisseurs, en wat een feest was het weer: dit ongelukkige liefdesverhaal is pure poëzie, met schitterende beelden van de overweldigende natuur, in duizendeneen groentinten, en close-ups van wonderlijke insecten.

Op straat IDFA-directeur Ally Derksen tegengekomen, die in Cannes was voor een ‘documentaire brunch’ en daarna naar de documentaire The Big Fix, over de naweeën van de olieramp in de Golf van Mexico. Na een bijna twee uur durende aaneenschakeling van ellende, was er toch nog een sprankje hoop voor de mensheid. Als we nu tenminste met zijn allen in actie komen. Erna als een blok in slaap gevallen…

18

05 2011

Cannes dag 6 – maandag 16 mei

Vorig jaar werd de film ook al in Cannes verwacht, maar nu was het dan eindelijk zover: Terrence Malicks The Tree of Life. En het was het wachten waard: TTOL is een adembenemend mooi gefotografeerde, caleidoscopische parabel over de verbondenheid van al het leven op aarde, waarin naast de Hollywoodsterren Brad Pitt en Sean Penn plek is ingeruimd voor met de computer vervaardigde dinosauriërs. De film bevat met behulp van de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA gecreëerde beelden van het ontstaan van de aarde, en zo goed als abstracte beelden van een celdeling. The Tree of Life is, kortom, Malicks magnum opus: al zijn thema’s en stokpaardjes komen samen in 138 minuten.

Direct na de film door naar de afgeladen persconferentie. Malick was er niet. Een verrassing was het natuurlijk niet, maar daarom niet minder jammer. Brad Pitt nam de honneurs waar, en sprak niet alleen met liefde over Malick, maar ook voor de vermaarde regisseur annex kluizenaar.

Direct na de persconferentie had ik een interview met de Oostenrijker Markus Schleinzer over zijn regiedebuut Michael. Ruim een half uur met hem gepraat, met alleen een collega uit Portugal. Het leek bijna op een normaal gesprek; was al bijna vergeten dat het zo ook kan…

Ten kantore van een Finse productiemaatschappij een drie minuten durende promo bekeken van Iron Sky, over een geheime nazi-missie naar de maan anno 1945. Als ik het goed begrepen heb, willen de nazi’s in 2018 middels een ‘meteor blitzkrieg’ terugkeren op aarde, waar een Sarah Palin-achtige vrouw president is van de Verenigde Staten. De pay off van het werkje, waarvan San Fu Maltha executive producer is: “This war on terror has all the Reich moves”.

Vervolgens geweigerd bij de marktscreening van Amsterdam Heavy, een actiefilm met o.a. Michael Madsen en Fajah Lourens. “Invitation only”, meldde het meisje bij de deur. Zij kon er ook niets aan doen. Dat het misschien wel leuk was voor Het Parool, ging er bij haar niet in. Ik was overigens niet de enige die er niet in mocht. “Of Amsterdam Heavy is zo goed dat ze het geheim willen houden of zo slecht dat ze de film niet aan de Nederlandse pers durven te laten zien.” twitterde René Mioch.

Dan maar naar Hors Satan, een weerbarstige Bruno Dumont-film in de lijn van L’humanité, met overweldigende landschapsopnamen en talrijke religieuze verwijzingen. Vervolgens een afspraak op de trappen van het festivalpaleis met de Russische regisseuse Yelena Demikovsky, die een poëtische documentaire heeft gemaakt over de dichteres Vera Pavlova. Daarna nog even naar de inloop van The Tree of Life-première staan kijken. Brad Pitt en Angelina Jolie waren er, en Sean Penn was er ook. Maar ook hier liet regisseur Terrence Malick verstek gaan. Op het grote scherm was te zien dat er wel een stoel was met een A4-tje met zijn naam erop. Maar ook het persbureau DDA kon niet met zekerheid vertellen of Malick de wereldpremière zou bijwonen.

De fijne afsluiter van de avond was de door Serge Blomberg gerestaureerde klassieker Le voyage dans la lune van George Méliès uit 1902. Die was te zien op de openingsavond, maar er stond verder geen enkele vertoning ingeroosterd. Heb daarop een mail gestuurd of er een mogelijkheid was de film te zien, en blijkbaar was ik niet de enige. De 15 minuten durende, oergeestige Jules Verne-verfilming sprankelt als nooit tevoren. De nieuwe muziek van het Franse synthesizerbandje AIR maakte de ingekleurde beelden nóg psychedelischer. Daarna heerlijk geslapen…

17

05 2011

Cannes dag 5 – zondag 15 mei

Om zes uur wakker, en ik wist direct dat ik geen oog dicht meer zou doen. Dus ben ik maar een uurtje gaan rennen – terwijl de straten werden schoon gespoten, de laatste party-gangers naar huis zwalkten en de zon boven de berg uitkwam. Heerlijk!

Nu eens niet begonnen met een film uit de hoofdcompetitie, maar met Play van het Zweedse talent Ruben Östlund. In deze fraaie opvolger van het ook al behoorlijk geslaagde Involuntary worden twee welgestelde witte jochies en hun Aziatische vriendje in een winkelcentrum lastiggevallen door vijf net iets oudere, donkere mannetjes. Wat begint als kinderspel loopt behoorlijk uit de hand. Na afloop duwde een verslaggeefster van de Zweedse radio haar microfoon onder mijn neus. Ik kon haar vertellen dat ik Play een fraaie, ogenschijnlijk simpele, maar diepgravende parabel vind over de multiculturele samenleving en ‘haves and have-nots’, racisme en omgekeerd racisme, groepsdruk, groepsdynamiek. Ze was blij dat te horen.

Direct daarna door naar Urszula Antoniaks Code Blue, de enige Nederlandse film die deze editie op het festival van Cannes te zien is. De opvolger van de veelgeprezen arthousehit Nothing Personal is geselecteerd door de Quinzaine des réalisateurs, het nevenfestival dat in het verleden makers presenteerde als Rainer Werner Fassbinder, de Dardennes, Michael Haneke en Anton Corbijn. Voor aanvang van de persvoorstelling kwam Antoniak een tikje nerveus een kijkje nemen bij de rij. Dat was niet nodig; de zaal zat helemaal vol.

In het serene, ongemakkelijke en extreme Code blue snijdt Antoniak thema’s aan als eenzaamheid, euthanasie en verlossing, zelfopoffering, intimiteit en seksualiteit. De Vlaamse Bien de Moor speelt Marian, een verpleegster die ‘helpt’ terminaal zieke patiënten uit hun lijden te verlossen. Uit compassie; ze denkt zeker te weten dat ze hen helpt.

Tijdens de persconferentie vertelde Antoniak dat een persoonlijk ervaring de directe aanleiding was voor de film: ze ervoer dat er niets zo intiem is als het begeleiden van iemand die dood gaat. Nog even staan napraten, en daarna met producent Frans van Gestel en Hans Schwarz alles in gereedheid gebracht voor Ajax-Twente. Maar de streams werkten niet en ook de digitale radio haperde. De oplossing: in Nederland een laptop voor de tv en kijken via Skype. Het was geweldig; alle films krijgen vandaag drie sterren!

Daarna naar een etentje van distributeur eOne, die er toch maar mooi in was geslaagd (bijna) alle Nederlandse filmjournalisten aan één tafel te krijgen – van Eric Koch (De Telegraaf), Ab Zagt (AD) en Robbert Blokland (ANP) tot Bor Beekman (de Volkskrant), Coen van Zwol (NRC Handelsblad) en het team van de VPRO.  Het was er niet zo rumoerig als op het Museumplein, maar ook over dit samenzijn zal ongetwijfeld nog wel even worden nagepraat…

16

05 2011