Archive for the ‘Beeldende kunst’Category

Open deuren en quasidiepzinnige schimpscheuten op oversized post-its

De Botton Armstrong

De Botton Armstrong

Ze zijn niet groter dan een centimeter of 15 bij 20, en toch zijn ze maar al te vaak voer voor discussie: tekstbordjes in musea. Wat staat er? En vooral: wat staat er niet? Voor wie is de tekst geschreven; voor ingewijden of voor Henk en Ingrid? Zijn ze feitelijk of interpreterend; staat erop te lezen wat er op het schilderij te zien is of geven ze achtergrondinformatie bij museumobjecten, waardoor de bezoeker er wellicht iets van opsteekt?

De huis-tuin-en-keuken-filosoof Alain de Botton en de filosofische kunsthistoricus John Armstrong gooien het in het Rijksmuseum over een andere boeg. Zij plakten bij 200 schilderijen, prenten, beelden en andere kunstwerken enorme, gele post-its die niet de kunst, maar de bezoeker centraal stelt: ‘jouw ambities, jouw telerstellingen, jouw ergernissen en jouw verlangens. Daarover heeft kunst vaak specifieke en nuttige dingen te zeggen’.

Workaholics dienen tot rust te komen bij een kerkinterieur van Saenredam, roemzoekers krijgen de suggestie eens goed naar Het straatje van Vermeer te kijken en meer waardering op te brengen voor het gewone leven. Overal hangen gele bordjes met dit soort betuttelende ‘filosofische graffiti’ – van de garderobe en de toiletten tot het café (‘wat zou Adriaan Coorte hier zien?’) en de draaideuren. Met dezelfde kinderachtige krul aan de onderkant en bedrukt met een lettertype dat dan weer veel te klein is voor van die oversized post-its – het ontbreekt er nog maar aan dat er een handschrift-lettertje is gebruikt.

Rijks3

Rijks1

En telkens keert dezelfde, op niets gebaseerde stelling terug, vaak in afschuwelijk Nederlands: ‘Sommige werken die we als meesterwerken zouden moeten beschouwen, doen ons vaak eigenlijk gewoon niets’. Of: ‘Omdat dit schilderij in het Rijksmuseum hangt en omdat we het wellicht al vaker in boeken of op ansichtkaarten zijn tegengekomen, denken we waarschijnlijk dat Van Ruisdael ons iets moois toont’. Bij Lucas van Leydens drieluik De dans om het gouden kalf staat: ‘Als we heel eerlijk zijn over hoe we ons in musea voelen, moeten we toegeven dat vrij veel objecten ons koud laten en dat onze gedachten opvallend vaak naar koffie met appeltaart in het museumcafé afdwalen’. We? Ons? Praat voor jezelf!

Zo gaat het maar door – er zijn zelfs zalen waarin ieder werk van een post-it is voorzien –, steeds weer volgens hetzelfde procedé: De Botton en Armstrong trappen een open deur in of beweren iets mals en zeggen vervolgens dat dat mal is. Of preciezer: ze zeggen dat ‘wij’ dat toch anders ervaren.

Rijks4

De meeste quasidiepzinnige schimpscheuten zijn volstrekt inwisselbaar; vrijwel elke post-it had ook bij een ander schilderij kunnen hangen. Sommige teksten komen meermaals terug, zoals de prikkelend bedoelde vraag ‘Uit welk jaar is dit schilderij?’. Het maakt benieuwd naar de interventies die De Botton tegelijkertijd uitvoerde in de Art Gallery of Ontario (Canada) en de National Gallery of Victoria (Australië). Bij welke werken zal De Botton daar dezelfde vraag hebben gehangen?

Ook bij de museumwinkel hangt een mega-post-it. ‘In een ideale wereld zouden we geen Vermeer-souvenirs hebben, maar objecten die Vermeer mooi zou vinden als hij nu zou leven. Suggestie: een Vermeer-theedoek…’ Huh?

Rijks5

Pal onder het bordje liggen enorme stapels met De Bottons vorig jaar verschenen Phaidon-uitgave Kunst als therapie, boekjes met 20 ansichtkaarten uit de expositie, en een als post-it vormgegeven catalogus die geen catalogus is. Met een stuk of 50 lege, gele pagina’s aan het einde, waarop de kopende bezoeker desgewenst zijn eigen gedachten kan noteren. Ernaast liggen canvastassen, à 42 euro.

De Bottons mag dan op talrijke talrijke post-its betogen dat consumentisme slecht is, geld stinkt niet.

Art Is Therapy van Alain de Botton. T/m 7/9 in het Rijksmuseum.

De niet te reproduceren reproducties van Ryan McGinness

13435492913_2c55de0b41_z

Een van de fijnste werken in het Rotterdamse Museum Boijmans Van Beuningen is een beeld van Maurizio Cattelan: de Italiaanse kunstenaar liet een gat zagen in de vloer van een zaal vol negentiende-eeuwse schilderijen en posteerde daarin een naar zijn eigen beeld geschapen mannetje dat met onbevangen blik naar de oude meesters kijkt.

Dit zelfportret, waarmee Cattelan een overtuigend spel speelt met echt en namaak, werkelijkheid en suggestie, is een van de tweehonderd werken uit de vaste collectie van het Boijmans die de Amerikaanse kunstenaar Ryan McGinness natekende voor zijn expositie ‘Art History Is Not Linear (Boijmans)’, nu te zien in VOUS ETES ICI.

Untitled (Black Hole, Dark Energy 24.4) (2014)

McGinness (Virginia Beach, 1972) groeide op aan de westkust van de VS, was na zijn studie een tijdje assistent-curator in het Andy Warholl Museum in Pittsburgh en werkte vervolgens als grafisch ontwerper. Nu woont en werkt hij in New York; zijn kunst is aangekocht door onder meer het MoMA en de Saatchi Gallery

Hij is sterk beïnvloed door de surf- en skate-cultuur, door graffiti en pop-art, zo tonen de stripachtige symbolen die McGinness destilleerde uit de iconische werken uit het Boijmans. Van die, met de computer gestroomlijnde icoontjes liet hij vervolgens mallen maken, zodat hij ze zo vaak als hij maar wilde kon reproduceren.

cattelan

Ryan McGinness_Art History is not Linear

Acht grote, kleurrijke, vrolijk stemmende schilderijen zijn het resultaat. Het zijn gelaagde zoekplaatjes, waarin je meer ontdekt naarmate je er langer naar kijkt. Als je er niet uitkomt, kun je te rade gaan bij de zwart-witposter bij de entree van de galerie. Daarop zijn alle 200 werken afgebeeld. Erbij staan nummers die verwijzen naar drie vuistdikke ringbanden, waarin alle schetsen en tussenstadia zijn opgenomen. Het proces is net zo belangrijk als de werken zelf.

Dat is ook het uitgangspunt van een tweede expositie, in de galerie van Ron Mandos: ‘Everything is Everywhere’ met schilderijen uit de series ‘Mindscapes’ en ‘Black Holes’. In een zaal is precies te zien hoe de expositie tot stand is gekomen, op een groot scherm draait een kortfilm waarin McGinness aan het werk is in zijn studio in New York.

Ryan McGinness_Everything is Everywhere

Ook in de ‘Mindscapes’ zijn onnoemlijk veel strak-gestroomlijnde figuurtjes over, door en aan elkaar aangebracht, van punaises, een haas op de rug van een schildpad, Man Ray’s metronoom met oog, mannetjes die zo uit de schilderijen van Jeroen Bosch lijken te zijn weggelopen en Glassex-flesjes met armen en vrouwelijke heupen. Sommige zijn rechtstreeks op de galeriemuren aangebracht: reproduceerbaar en toch site-specific.

De ‘Black Holes’ bestaan eveneens uit ontelbare lagen. Hier echter geen figuurtjes, maar geometrische figuren, die uit een spirograaf afkomstig lijken. Grijs en zwart op zwart of in alle kleuren van de regenboog.

Year_2008_1

Het mooist zijn de fluoriserende zwarte gaten in een verduisterde ruimte achterin de galerie: het zijn hallucinante cirkels met zwierige tentakels aan de randen. De uitgekiende belichting zorgt voor een magische ervaring. Een ervaring die niet reproduceerbaar is.

Notabene: in the American Book Center is zaterdag 12/4 de presentatie van het kunstenaarsboek Everything Is Everywhere met werken uit beide exposities. Ryan McGinness zal vanaf 15.00 uur zijn boek signeren. De ‘Art History Is Not Linear (Boijmans)’-poster is voor € 50,00 te koop bij VOUS ETES ICI.

Ryan McGinness, Everything Is Everywhere, t/m 10/5 in Galerie Ron Mandos, Prinsengracht 282. Art History Is Not Linear (Boijmans), t/m 10/5 in VOUS ETES ICI, Ms. van Riemsdijkweg 41A

17

04 2014

“Mijn kunst loopt altijd een beetje mijn leven achterna”

vanderwerve

“Mijn kunst loopt altijd een beetje mijn leven achterna. Ik ben klaar met sport-projecten; ik ga me nu richten op mijn eigen geest”, vertelde beeldend kunstenaar Guido van der Werve donderdagavond in een openbaar interview met Stedelijk Museum-conservator Bart Rutten, voor de vertoning van zijn magistrale Gouden Kalf-winnaar nummer veertien, home.

Hij is geen ‘studio-kunstenaar’ die dagen achtereen in zijn atelier gaat zitten broeden, zei Van der Werve verder. Dat kan ook helemaal niet. De afgelopen tijd trainde hij 22 uur per week; Van der Werve hoopt zich eind juli te kwalificeren voor het WK Iron Man in Zwitserland.

Dat is het laatste van de drie doelen die hij zichzelf ooit stelde; de andere twee waren een marathon binnen de drie uur lopen en een zwart T-shirt bemachtigen aan de finish van de triatlon van Norseman, Noorwegen. Beide wapenfeiten zijn opgenomen in het kloeke boek nummer vijftien, at war with oneself, een bundeling van de werken van Van der Werve uit de periode 2008-2012, allemaal gebaseerd op sport.

Van der Werve noemt hardlopen een vorm van meditatie voor actieve mensen. Het zorgt voor een betere doorbloeding van de frontale hersenkwab, een scheidingsfilter die je helpt inzien wat al dan niet belangrijk is. Hardlopen zelf vindt hij niet bijzonder leuk; hij ziet het als investering. “Door sport kan ik heel veel doen in weinig tijd.”

Je leert er bovendien door afzien, en dat is goed voor een kunstenaar. “Ook al zie je ergens de zin niet van in, je blijft toch doorgaan.” Inmiddels werkt hij aan nummer zestien, dat een tegenhanger moet worden van nummer veertien. “nummer veertien gaat over het verleden en de dood, nummer zestien over het nu. nummer veertien gaat over het lichaam, nummer zestien over de geest. En de muziek in nummer veertien is in een 12 mineur toonladder, de muziek in zestien wordt een 12 majeur toonladder.”

Van der Werve had gehoopt zijn nieuwe project te kunnen realiseren voor het Nederlands paviljoen op de 56ste Biënnale van Venetië, maar het plan dat hij samen met Bart Rutten indiende haalde de shortlist van het Mondriaan Fonds niet. Dat heeft ook voordelen, want hij houdt niet van deadlines en de stress die die met zich meebrengen.

Hij hoopt dat zijn persoonlijke films het publiek raken. “Als een popliedje waarvan je denkt dat het over jou gaat.” Zijn films moeten beslist niet worden gezien als maatschappijkritiek, aldus Van der Werve. “Ik vind kunst daar niet het juiste podium voor. With art you can move people. But you can’t move them in a certain direction. Als ik politieke aspiraties zou hebben, zou ik de politiek in gaan.”

Om daar direct aan toe te voegen: “Het enige wat ik wilde laten zien aan al die PVV-stemmers is dat kunstenaars niet lui zijn.”

10

04 2014

Beatrix Ruf directeur van het Stedelijk

Persbericht nieuwe directeur Stedelijk Museum Amsterdam-1

“Ladies and Gentlemen: we got him!”, zei Paul Bremer, het hoofd van de Amerikaanse bezettingsmacht in Irak, toen Saddam Hoessein op 13 december 2003 eindelijk was gevonden.

“Ladies & gentleman: we got her! Beatrix Ruf is de opvolger van Ann Goldstein”, twitterde Karin van Gilst, zakelijk directeur van het Stedelijk Museum toen dinsdagmiddag, na een maandenlange zoektocht, eindelijk een nieuwe directeur was benoemd.

Tsja.

Het Parool berichtte eind vorig jaar al dat de Duitse Ruf, op dit moment directeur van de Kunsthalle Zürich, de opvolgster van de Amerikaanse Goldstein zou worden. Dat werd destijds door alle betrokkenen ontkend. Sterker: Alexander Ribbink, voorzitter van de Raad van Toezicht, was not amused en deed Rufs kandidatuur af als ‘een onzinverhaal’.

Wat zal er sindsdien allemaal zijn gebeurd?

Hoe dan ook. De Raad van Toezicht roemt Rufs oog voor kwaliteit en voor jong talent, haar uitgebreide netwerk, het herkenbare, radicale en zelfverzekerde programma dat zij neerzette in de Kunsthalle Zürich en de bevlogen manier waarop zij persoonlijk het instituut aan de buitenwereld presenteerde en onderdeel maakte van het culturele debat.

Dat komt zo ongeveer overeen met alle kwalificaties die Ann Goldstein vier jaar geleden werden toegedicht (“Haar kennis van de kunst van de 20e en 21e eeuw zal zeer relevant zijn voor haar nieuwe positie in het Stedelijk, evenals haar progressieve, goed geïnformeerde en prikkelende ideeën over de rol van een museum in deze tijd. Goldstein beschikt over een uitgebreid internationaal netwerk van kunstenaars, curatoren, wetenschappers en verzamelaars. Vanuit Amerika heeft ze altijd aandacht gehad voor Europese kunstenaars en instituten. Naast haar prestaties op kunstgebied, worden haar jaren bij het MOCA gekenmerkt door sterk leiderschap en goede resultaten in fondsenwerving. Als senior staff member bij het MOCA beschikt Goldstein over de ervaring en de kwaliteiten die vereist zijn om een museum te leiden”).

Ruf gaat samen met Van Gilst de directie vormen. “Ik zie erg uit naar de samenwerking met Beatrix Ruf” laat Van Gilst weten. “Dit is een uitstekend moment om samen met haar het artistieke DNA, wat natuurlijk het allerbelangrijkste is voor het museum, verder te ontwikkelen.”

Hier rijst de vraag wie het voor het zeggen krijgt in het Stedelijk; de artistiek directeur of de zakelijk directeur? Of hebben beiden precies even veel te vertellen over het artistieke DNA van het museum?

We gaan het zien. Ruf toont zich in ieder geval een teamspeler. ”Ik ben zeer vereerd en ook geroerd dat ik het vertrouwen en de kans krijg om directeur van het Stedelijk Museum te worden en samen met het hele team vorm te geven aan de collectie en het uitzonderlijke programma. De uitdagende en toonaangevende tentoonstellingen, zowel de hedendaagse als de kunsthistorische, en de wereldberoemde collectie moderne en hedendaagse kunst en vormgeving, waren altijd een voorbeeld en een baken voor mijn eigen werken en denken, en een leidraad in de discussies met kunstenaars en collega’s. Het Stedelijk is een museum dat ons laat zien hoe te leven in het nu en hoe de toekomst kan worden gebouwd op traditie. Ik vind het geweldig om voor dit unieke instituut aan de slag te gaan, met dit team en deze collectie.”

Oja, Saddam Hoessein werd twee weken nadat Paul Bremer zo triomfantelijk ‘We got him!’ riep, geëxecuteerd…

08

04 2014

Zoek de 10 verschillen: Edward Hoppers Morning Sun

morning sun

Links het affiche van Shirley – Visions of Reality, waarin de Oostenrijkse regisseur Gustav Deutsch een groot aantal schilderijen van Edward Hopper op grandioze wijze tot leven wekt. Rechts het omslag van de door Joep Dohmen samengestelde bloemlezing Over levenskunst – De grote filosofen over het goede leven, met een werk van de Amerikaanse fotograaf Richard Tuschman, die in zijn ‘Hopper Meditations’ taferelen uit Hopper-schilderijen naar eigen inzicht opnieuw ensceneert.

hopper-morning-sun

Het is niet de eerste keer dat Hoppers fraaie Morning Sun (1952) wordt gebruikt. Hieronder een greep uit de kopieën, odes en goedkope imitaties.

shirley01_c_kgp-gabriele-kranzelbinder-production-jerzy-palacz2

635068029902881309-morning-sun-after-edward-hopper

8449357681_bf79ee588f

hopper_dsc_0207_klein-large

4314529936_d5531e9ab6

self-portrait1

Corinne 01

Animatie en installaties op het HAFF

still01_Happen_Chao Wu_A-1

Animatie wordt toegepast in een breed spectrum van audiovisuele verschijnings-vormen – van cartoons, muziekvideo’s, motion graphics op tv en special effects in speelfilms tot games, webdesign en toepassingen in mobiele telefonie. En ook op het snijvlak van beeldende kunst en film zijn de afgelopen jaren bijzondere animatie-installaties gecreëerd.

Het combineren van de mogelijkheden van animatiefilm én ruimtelijke kunst levert een geheel eigen beeldtaal op en een nieuwe wijze van presenteren, zo tonen de installaties die te zien zijn op het HAFF.

Recycled_0826

Recycled van Lei Lei en Thomas Sauvin in De Oude Hortus, Lange Nieuwstraat 106.

Het Chinese multitalent Lei Lei (hij is filmmaker, grafisch ontwerper, graffitikunstenaar en muzikant) en zijn Franse evenknie Thomas Sauvin (fotograaf, editor, curator, verzamelaar en archivaris) wonnen vorig jaar de Grand Prix HAFF 2013 voor non-narratieve shorts met Recycled, samengesteld uit de duizenden familiefoto’s en vakantiekiekjes die Lei Lei vond op een enorme vuilnisbelt in Beijing. Het poëtische werkje dient nu als uitgangspunt voor een al even indrukwekkende installatie: een enorme berg foto’s met schermen waarop nóg meer gevonden foto’s te zien zijn.

Lei Lei komt naar Nederland om tekst en uitleg te geven bij zijn installatie, over het gebruik van gevonden materiaal en zijn keuze om te switchen tussen de verschillende disciplines. Hij heeft bovendien carte blanche gekregen om een filmprogramma samen te stellen met zijn eigen favorieten.

still02_Happen_Chao Wu_B-3

Happen van Chao Wu in Galerie Jaap Sleper, Lange Nieuwstraat 34

Chasing van de jonge Chinese kunstenares Chao Wu, een associatieve, emotionele korte film over najagen en verlies, verminking en verderf, was een van de grote verrassingen van het vorige HAFF. Nu keert Chao Wu terug in Utrecht met Happen, een installatie met vier schermen, waarin ze met sensitieve animaties en geluid de invloed van maatschappelijke, economische en sociale veranderingen op het individu aan de orde stelt. In haar werk staat de mens centraal, het wezen van de mens en hoe het individu zijn weg vindt in een veranderende maatschappij. Chao Wu spreekt zelf van ‘experimenteel animatietheater’.

Chao Wu komt naar het HAFF om te praten over de betekenis van haar werk en de keuze voor het medium.

still01_PaulVester_300dpi

For a Clock van Paul Vester in De Oude Hortus, Lange Nieuwstraat 106.

De Brit Paul Vester werkt als animatiefilmmaker, installatiekunstenaar en docent aan de afdeling Experimental Animation van de prestigieuze opleiding CalArts in Los Angeles.

Op het HAFF presenteert hij zijn installatie For a Clock (Blue Beat Version). Vester is gefascineerd door het verstrijken en meten van de tijd: “Als je ervan uitgaat dat tijd is ontstaan met de schepping van het heelal, en dat tijd verandering is, dan is alles wat vooruit kan tellen een klok”. Zijn handgemaakte animatie meet 12 minuten: 12 minuten van 60 seconden van 30 frames. Zijn uiteindelijke doel: een installatie van 24 uur.

Vester reist met zijn installatie mee naar het HAFF, dat tevens twee programma’s met werk van CalArts vertoont.

still01_NormanMcLaren

The Art of McLaren, Different Canvas, Different Perceptions in de Nicolaïkerk, ingang via Universiteitsmuseum Utrecht, Lange Nieuwstraat 106.

De Schotse, meermaals bekroonde animator Norman McLaren (1914-1987) sloot zich in 1941 aan bij de National Film Board of Canada. Hij richtte er de animatieafdeling op en bracht een veelomvattend oeuvre tot stand, met innovatieve technieken zoals krassen en verven op film, knipselanimatie en pixelation.

Ter gelegenheid van McLarens honderdste geboortedag heeft HAFF de wereldpremière van een bijzondere, experimentele installatie met werk van Norman McLaren: vier projectoren bieden een geheel nieuw perspectief op zijn films.

Ook is er een filmprogramma, McLaren Classics, waarin twaalf films van zijn hand zijn opgenomen. Producent Marc Bertrand komt vertellen over de beweegredenen om dergelijk belangwekkend cultureel erfgoed in een andere vorm en context te presenteren.

tumblr_mwijt9JJVa1qiu5xgo2_500

Patterns of Motion van Erdal Inci in het Stadhuis, Stadhuisbrug 1. Op werkdagen van 9:30 – 17:00

De Turkse beeldend kunstenaar/videokunstenaar Erdal Inci maakt hypnotiserende digitale loops, waarin hij beelden eindeloos herhaalt. Vaak zijn meerdere fases van een beweging of alledaagse handeling tegelijkertijd te zien; de patronen van traditionele ambachten en dans inspireren hem in zijn streven beelden te maken die net zo effectief zijn als muziek.

Inci’s installatie is te zien in het Stadhuis, in de nis tussen de hoofdingang en de trouwingang op de begane grond. Erdal Inci is tijdens het HAFF aanwezig in Utrecht om zijn werk toe te lichten. Zijn werk is gedurende het festival ook te zien in het festivalcentrum Louis Hartlooper Complex.

18

03 2014

Political in Suzanne Biederberg Gallery: kunstenaars slaan de handen ineen om een statement te maken tegen de bezuinigingen in de kunst

Stem-ROB_1

Oud-Salto-presentator Rob ‘Hallo fans!’ Zwetsloot heeft een politieke partij opgericht: ROB, kort voor Radicale Oppositie Beweging. Speerpunten in het verkiezingsprogramma zijn het afschaffen van de deelraden, het legaliseren van softdrugs, meer openbare toiletten en gratis openbaar vervoer. Maar het áller-belangrijkste thema van Zwetsloots partij betreft kunst en cultuur. “Nu de gevolgen van de cultuurbezuinigingen zichtbaar zijn, wil ROB Amsterdam als cultureel centrum terug op de kaart zetten zodat kunstenaars betaald en gehoord worden.”

Bijna de gehele lijst-ROB is kunstenaar of doet iets in de kunstwereld. De kunstparagraaf in het partijprogramma is omvangrijk: meer geld naar kunst en cultuur, kantoorruimte wordt blijvend vrijgemaakt voor goedkope werkruimte voor de kunst en cultuursector, en er moet structureel Amsterdamse kunst te zien zijn in een nieuwe nieuwe vleugel aan het Stedelijk. “Stadslucht moet weer vrij maken, de verbeelding aan de macht!”

Om de ambities op het culturele vlak te onderstrepen, heeft het campagneteam van ROB zijn intrek genomen in Suzanne Biederberg Gallery in de Jordaan. Het pand is behangen met tientallen speciaal ontworpen verkiezings- en propagandaposters, onder meer van graffitikunstenaar Hugo Kaagman; binnen is kunst te zien van sympathiserende en bevriende kunstenaars.

SONY DSC

Kopers ondersteunen de campagne, maar de expositie overstijgt het partijpolitieke denken, aldus Suzanne Biederberg. Kunstenaars slaan de handen ineen om een statement te maken tegen de bezuinigingen in de kunst.

In de kleine galerie staat onder meer een met aluminiumfolie ingepakte kabouter, gemaakt door Maaike Visser. In zijn hand houdt hij een bord met de tekst ‘Every society gets the artist it deserves’. Zo. Op een balustrade staat een bronzen werkje van Nelson Carrilho, Het oordeel, voorstellende het oordeel dat de elite over de kunstwereld velt. Oscar Peters bevestigde een gipsen vuist aan een motortje. Als dat aan staat, beweegt de vuist monotoon-mechanisch op en neer. Protest luidt de titel. Naast een kindertekening hangt een illustratie van René Windig, die zijn stripkat Heinz een bordje in zijn poot laat houden. ‘STEMT ROB’ staat erop.

Lang niet al het werk is politiek. Phil Bloom bracht gewoon een aardig schilderijtje langs. Op een computer is Robbob te zien, een geestig filmpje van Agnès de Ruijter, waarin tientallen Robs en Bobs (van Bolland, Bouma, Haarms en Malasch tot De Nijs, Scholte, Witschge en… Zwetsloot) hun voornaam zeggen.

Oscar Peters_Protest

Pyranography van Zoro Feigl is het resultaat van een experiment dat de Amsterdamse beeldend kunstenaar in 2012 uitvoerde op de expositie Kunst Werkt in Dordrecht. Daarvoor vulde hij een aantal grote glazen bollen met water, waardoor ze gingen werken als lenzen. Ze bundelden de stralen van de zon, die zo heet werd dat er brandplekken schroeiden in een stuk hout. Aldus werd, afhankelijk van de stand van de zon en de kracht van de straling, dag na dag de baan van de aarde met het vuur van de zon in het hout geschreven.

Dat gaat over beweging en verandering, niet over politiek. Erg is dat niet; politiek is ook niet alles.

POLITICAL. T/m 22/3 in Suzanne Biederberg Gallery, Eerste Egelantiersdwarsstraat 1.

Ook het Stedelijk is trots op Steve McQueen

e129bdb2cb27d72ff49d170495ffbc002030e0dd.593

Steve McQueen, zo moeten ze bij het Stedelijk Museum hebben gedacht nadat hij was bekroond met een Oscar, die kennen wij toch? Met die Amsterdamse Brit hebben wij toch een project uitgevoerd in het Vondelpark toen het museum nog gesloten was?

Het trof, het museum had in de nadagen van Ann Goldstein’s directoraat nog twee werken van hem gekocht (Goldstein verwierf meer dan 1500 werken voor de collectie van het Stedelijk voordat ze haar functie als artistiek directeur op 1 december 2013 neerlegde). Fluks werd er een persberichtje in elkaar gedraaid.

Mees, After Evening Dip, New Year’s Day, 2002 is een foto uit 2005 van een bibberend jongetje dat net een nieuwjaarsduik heeft genomen. Running Thunder is een 11 minuten durend filmpje uit 2007, waarop een paard bijna bewegingloos is de wei ligt.

media_xl_2137276

“We zijn bijzonder trots op deze dubbelaankoop. Het museum koestert een lange vruchtbare relatie met McQueen en had al een prachtig werk van hem in de collectie”, aldus conservator Bart Rutten. Dat werk is 7th Nov, een installatie uit 2001.

Een foto en een loop, daar moet wel een zaaltje voor te vinden zijn, zou je denken. Maar nee, het duurt nog tot 13 december alvorens de werken van de Amsterdamse Oscarwinnaar met wie het Stedelijk al zo’n lange, vruchtbare relatie koestert te zien zijn.

04

03 2014

Het KASBOEKcollectief stelt vragen bij het instituut ‘museum’

Kasboek1

‘Museum KASBOEK XI’ is de naam van het prikkelende museum in de tentoonstellingsruimte van Nieuw Dakota in Amsterdam Noord. Het is gemaakt door KASBOEK, een kunstenaarscollectief dat de grenzen tussen kunst, commercie en maatschappij verkent, bestaande uit edelsmid Cathalijne Postma, grafisch ontwerper Debbie van Berkel en beeldend kunstenaar Jojanneke Postma.

Het museum bestaat uit vier verdiepingen. Of beter: op de vloer is met witte, rode, grijze en zwarte lijnen de indeling van de vier verdiepingen van het museum aangegeven. Dwars door elkaar heen; het is net een gymzaal. Er gelden strikte regels. ‘Uitsluitend te betreden met de daarvoor bestemde handschoenen’, staat er onder meer in de bezoekersvoorwaarden. Die handschoenen zijn overigens in geen velden of wegen te bekennen.

Met KASBOEK XI neemt het KASBOEKcollectief de waarde van het instituut ‘museum’ onder de loep. Welke waarde heeft een museum voor bezoekers, kunstenaars en een stad, in een tijd die wordt gedomineerd door marktdenken. In een tijd waarin culturele instellingen steeds vaker op veilig spelen door grote publiekstrekkers te organiseren, in hun door subsidiënten en politici ingegeven streven steeds bredere doelgroepen te bereiken. In een tijd waarin steeds minder ruimte is voor het experiment; voor zoekende, soms zelfs hermetische tentoonstellingen, die een bijdrage leveren aan het discours. Voor exposities zoals Museum KASBOEK XI.

Kasboek2

“De opkomst van publiek wordt onder invloed van media-aandacht totaal overschat” zei auteur annex/curator Alex de Vries tijdens een ‘openbare discussieperformance’ waarmee het tijdelijke museum werd ingeluid. “Tegenwoordig doet het museum dienst als social hub”, wist kunst- en cultuurjournalist Paul Steenhuis.

De bezoeker van Museum KASBOEK XI wordt uitgedaagd zelf na te denken over de taken van een museum. Hoe belangrijk zijn een museumshop, museumcafé en een activiteiten- en educatieprogramma eigenlijk voor een museum? En wat is nog de toegevoegde waarde van een museum voor kunstenaars?

Bij elk voorwerp in KASBOEK XI rijst de vraag: hoort het bij het museum, is het onderdeel van de tentoonstelling, is het een kunstwerk of een gebruiksvoorwerp? Soms lijkt het antwoord evident, bijvoorbeeld in het geval van de typische museumsnuisterijen, zoals potloden (2,20 euro), ansichtkaarten (1,00 euro), buttons (1,00 euro) en linnen tasjes (16,50 euro).

kasboek3

Maar wat te denken van de potjes acrylverf (White Cube-wit gaat voor 16,50 euro). Of van de fraaie catalogus (15 euro) en de échte kunstwerken van het KASBOEKcollectief, die eveneens te koop zijn. In Museum KASBOEK XI is namelijk álles te koop, óók de bewakingscamera én de hygrometer (825 euro), waarmee de vochtigheid in het museum wordt gemeten.

Het museum kan ook in zijn geheel worden gekocht. De totaalprijs ligt rond de 50.000 euro, maar fluctueert. Als er (kunst- of merchandising-)producten worden verkocht gaat de prijs van het museum naar beneden; bij ieder bezoek neemt de waarde met een euro toe, zo laat de kassa bij de entree zien.

Het is nog t/m zondag 2 maart mogelijk om zelf invloed uit te oefenen op de museumwaarde. Dat is best een belevenis.

Museum Kasboek XI door het KASBOEKcollectief. T/m 2/3 in Nieuw Dakota, Ms. Van Riemsdijkweg 41b

01

03 2014

Eerste uitreiking Cultuurprijs Noord!

Noordprijs-beeld2

 

Choreograaf/danser Bryan Druiventak, regisseur Sam de Jong, beeldend kunstenaar Saskia Noordhuis, fotograaf Jitske Schols en muzikant Jeroen Zijlstra zijn genomineerd voor de Cultuurprijs van Amsterdam-Noord, die maandagavond 24 maart voor de eerste keer wordt uitgereikt in M-Lab.

De Cultuurprijs Noord bestaat uit een geldbedrag van 7.500 euro en een gedicht van Thomas Möhlmann en is bestemd voor een (individuele) kunstenaar die op wat voor wijze dan ook van betekenis is (geweest) voor het stadsdeel.

Er zijn presentaties van de genomineerden, speeches van scheidend Stadsdeelvoorzitter Rob Post en Ferry Kesselaar, de voorzitter van de Adviescommissie Kunst en Cultuur, en optredens van onder meer stadsdeelcomponist Jurriaan Berger en de Big Band All Stars.