Archive for the ‘Beeldende kunst’Category

Twee kunnen meer dan één

20131030TypeA 002

De film is uitgevonden door de broers Auguste en Louis Lumière, de beste popsongs zijn geschreven door het duo Lennon-McCartney, Apple is opgericht door Steve Jobs en Steve Wozniak, en Nederlands’ meest succesvolle modeduo heet Viktor & Rolf.

In de beeldende kunst overheerst echter nog steeds het cliché van het artistieke genie dat solistisch te werk gaat, stelt curator Jelle Piersma. Maar ook steeds meer beeldend kunstenaars kiezen voor samen in plaats van solo, zo laat zijn tentoonstelling ART DUO | DUO ART in Nieuw Dakota zien. Zo overtuigend, trouwens, dat je je bijna gaat afvragen waar het cliché op gestoeld is.

Twee kunnen niet alleen meer dan één, ze kunnen ook dingen die in je eentje helemaal niet mogelijk zijn, toont het schrandere, grappige werk Stand: Weight van Type A, een samenwerkingsverband tussen de Amerikaanse conceptuele kunstenaars Andrew Bordwin en Adam Ames. Het is een gefotografeerd verslag van performance, waarin Bordwin en Ames op een provisorische weegschaal staand de competitie én samenwerking tussen mannen onderzoeken.

Op de eerste foto slaat de weegschaal duidelijk door naar de boomlange Bordwin, die is getraind in de Japanse krijgskunst Aikido; op de middelste foto draagt de kleine Ames een stapeltje bakstenen met alle gevolgen van dien; er is evenwicht. Op de rechter foto slaat de balans door naar Ames, die nu twee keer zo veel stenen tilt. “Toen we Stand maakten, realiseerden we ons dat de verschillen tussen ons de sleutel vormen” stelt Ames.

Piersma selecteerde verder (oude en nieuwe) installaties, beelden, schilderijen, foto’s en video’s van Nederlandse en internationale kunstenaarsduo’s als Gilbert & George, de Chapman Brothers, Fischli/Weiss, Miktor & Molf en Driessens & Verstappen, waarbij het telkens de vraag is waarin ze elkaar aanvullen, waar het wringt en wat de co-creatie concreet oplevert.

Werk van Driessens & Verstappen is gelijktijdig te zien bij de buren van Vous êtes ici; iets verderop, in het filmmuseum EYE is fraai werk te zien van de eeneiige, onmogelijk van elkaar te onderscheiden tweeling Stephen en Timothy Quay.

ART DUO | DUO ART. T/m 26/1 in het platform voor hedendaagse kunst Nieuw Dakota, Ms. Van Riemsdijkweg 41b Noord.

03

01 2014

Het beste van 2013

master

Film: Ik kan niet kiezen; The Master van Paul T. Anderdon, La vie d’Adèle van Abdellatif Kechiche, Post Tenebras Lux van Carlos Reygadas en The Act of Killing van Joshua Oppenheimer hadden allevier op 1 kunnen eindigen.

Nederlandse film: Ne me quitte pas van Niels van Koevorden en Sabine Lubbe Bakker en Boven is het stil van Nanouk Leopold.

adele

Debuut: Adèle Exarchopoulos in La vie d’Adèle (tevens leukste, meest spontane interview)

Nederlandse kortfilm: Nummer veertien, home van Guido van der Werve.

Korte documentaire en kunstfilm ineen: 15 Attempts van Aliona van der Horst.

TV-documentaire: deel 3 en 4 van Oeke Hoogendijks Het Nieuwe Rijksmuseum (Het wachten is op de bioscoopversie; komt die niet een beetje als mosterd na de maaltijd?!)

Tentoonstelling: Kazimir Malevich en de Russische avant-garde in het Stedelijk.

Tentoonstelling van een Nederlandse kunstenaar: COMMUNITAS van Aernout Mik in het Stedelijk en One Group Show van WassinkLundgren in Foam.

Minst betreurde afscheid: Ann Goldstein van het Stedelijk.

Meest betreurde afscheid: Sergio Herman van Oud Sluis.

Galerie-tentoonstellingen: Mother van Helen Verhoeven bij Galerie Stigter Van Doesburg; Flying Carpet Works van Cristina Lucas bij Tegenboschvanvreden; The Sun That Never Set van Persijn Broersen & Margit Lukács bij Akinci; Me Walking van Wim Claessen in Galerie Roger Katwijk; MWMW van Jan van der Ploeg bij Gerhard Hofland; Roger Hiorns bij Annet Gelink (en in De Hallen, Haarlem, als onderdeel van Dread: Fear in the Age of Technological Acceleration).

Kunst in de openbare ruimte: Tank Man van Fernando Sánchez Castillo, onderdeel van de kunstmanifestatie Call of the Mall in Hoog Catharijne.

barkie

Clip: Een Barkie van De jeugd van tegenwoordig.

Marketingcampagne: Lars von Triers Nymph()maniac en de zuivelpakkenactie van het Rijksmuseum.

Filmposter: de teaser voor Lars von Triers Nymph()maniac, gemaakt door het Deense reclamebureau The Einstein Couple.

SOLLEWITTl

Nederlandse filmposter: Sol Lewitt, gemaakt door Gijs Kuijper.

Theaterposter: Het Nationale Ballet, Corps, ontwerpen door Martin Pyper, fotografie Erwin Olaf.

Fotoboek: An Atlas of War and Tourism in The Caucasus van Rob Hornstra en Arnold Van Bruggen (The Sochi Project); Voedsel van Henk Wildschut

Game: Taxodus – mapping assets offshore van Femke Herregraven.

Achterkant_4_Sofie Knijff

Toneelstuk: De achterkant van de Warme Winkel. Ook heel bijzonder: Schwalbe zoekt massa van Schwalbe en Spectaculaire voorstelling van Oostpool.

Woord: selfie. (En absoluut níet sletvrees)

selfie-obama-soweto_m

Selfie: van de Deense premier Helle Thorning Schmidt met de Amerikaanse president Obama en de Britse premier Cameron tijdens de herdenkingsdienst voor Nelson Mandela.

Filmervaring: de wereldpremière van Borgman op het festival van Cannes. Iedereen was er. En iedereen maakte selfies en foto’s van elkaar op de rode loper. Laten we hopen dat we niet opnieuw 38 jaar moeten wachten…

Over bijna al deze onderwerpen is meer te vinden op mijn site. Op- een aanmerkingen, of eigen lijstjes? Reageer via de knop in de linker balk!

29

12 2013

Wetering Galerie sluit na 40 jaar zijn deuren met ‘The Last Picture Show’

Michiel Hennus_foto Jan Pieter Ekker

“Het gekke is dat het de laatste tijd eigenlijk vrij goed gaat. Er was een tijd dat het heel slecht ging. Toen heb ik anderhalf jaar geleden mijn tweede ruimte afgestoten, en sindsdien heb ik eigenlijk weinig te klagen. Het bleek beter te functioneren dan die grote galerie, omdat ik weer solotentoonstellingen ging maken. Dat sloeg aan; van die kleine, compacte tentoonstellingen van één kunstenaar. Het was goed en het was leuk. En toch had ik geen zin meer om hier vier middagen per week te zitten.”

In zijn galerie aan de Lijnbaansgracht, temidden van de tentoonstelling The Last Picture Show, met werk van 28 kunstenaars met wie hij de laatste jaren werkte, vertelt Michiel Hennus over de afsluiting van zijn 40-jarige galeriebestaan. Het was niet nodig om te stoppen, benadrukt hij, maar toen een oude, wijze vriend hem tijdens een etentje voorhield dat hij er beter mee op kon houden terwijl hij nog vitaal was, raakte dat een snaar.

“Ik vond het een zeer interessante gedachte om te stoppen in mijn vitaliteit, en niet te wachten tot het niet anders kan. Wat ik ook leuk vond, was om er een slotfeest aan vast te knopen. Als je gedwongen wordt te stoppen, heb je daar natuurlijk helemaal geen zin in. Vorige week had ik een tent van 12 bij 6 meter op straat staan. Die stond bomvol, het was spectaculair. Ik had dezelfde wijn die ik al vijftien jaar schenk, maar iedereen vond hem opeens verschrikkelijk lekker! En ook niet onbelangrijk: er is goed verkocht. Tijdens het feestje zijn 16 van de 28 werken verkocht.”

Wetering Galerie Michiel Hennus 1973

Michiel Hennus voor de Wetering Galerie_foto Tomek Whitfield

Tijdens het slotfeest heeft een van zijn kunstenaars ook al een nieuwe galerie gevonden; een aantal andere kunstenaars had al een tweede galerie. “Voor de overigen is het een kans om eens iets nieuws te beginnen. Je wordt gedwongen op pad te gaan. Dat is niet alleen maar opportunistisch gedacht, dat geloof ik echt. Mijn nichtje Elspeth Diederix, bijvoorbeeld, heeft hier een tijdje geëxposeerd toen ze net van de academie kwam. Maar ik geloof dat ik haar al na drie jaar heb gezegd dat ze weg moest. Zij is misschien een specifiek geval, maar als je heel comfortabel bij een galerie zit, heb je op een gegeven moment geen drive meer.”

Voor sommigen zal het moeilijk worden, beseft Hennus, want hij heeft ook kunstenaars in zijn stal van wie hij maar heel weinig heeft verkocht, maar met wie hij nu eenmaal een speciale band heeft. “Ik houd van tamelijk ambachtelijke kunst; van kunst die getuigt van een zekere verfijning, en…”

Precies op dat moment stapt een jongeman de galerie binnen, die vraagt naar tekeningen van Gummbah. “In de la met GU”, antwoordt Hennus droog. Terwijl zijn assistente, de kunstenares Hinke Schreuders, die ook tot zijn ‘stal’ behoort, drie mappen met tekeningen tevoorschijn tovert, praat Hennus rustig verder. “Een zekere verfijning dus. Er zit wel een soort lijn in, maar het is moeilijk om precies te benoemen wat het nu is. Er moet een soort eenvoud aan ten grondslag liggen. En het moet een eigen signatuur hebben.”

Klant

“Kijk zelf maar”, zegt Hennus, terwijl hij wijst van werk naar werk. Van schilders als Sander van Deurzen en Ad Gerritsen, van de fotografen Awoiska van der Molen en Scott Neary. Van Hinke Schreuders, die op linnen borduurt, van Kim van Norren, die citaten uit speeches en songteksten verwerkt in geschilderde kleurvlakken, en van Gummbah. “Ik heb een enorm zwak voor Gummbah. Dat heeft vooral met taal te maken.”

De klant kijkt op. Hij heeft zijn keuze gemaakt: een tekening waarop een vrouw een papiertje met het getal 27 richting haar date schuift. “Dit is, kort samengevat, mijn telefoonnummer”, zegt ze. “Dat zal ik wel missen”, zegt Hennus. “Dat je je kunstenaars kunt bellen om te vertellen dat je weer een werk hebt verkocht.”

The Last Picture Show. T/m 28/12 in Wetering Galerie, Lijnbaansgracht 288.

14

12 2013

Schrander spel met Hollywood-clichés

akinci1

Terwijl Sunset Boulevard beetje bij beetje oplicht onder de koplampen van een auto die zich een weg door de nacht baant, vertelt een scenarist over zijn in het slop geraakte carrière: “Ik zat daar maar originele verhalen te schrijven. Maar ik was het kwijt. Misschien waren ze niet origineel genoeg. Misschien waren ze wel té origineel. Wat ik wel wist, was dat ze niet verkochten.”

Hij doet denken aan tientallen films, maar de voice-over is gemodelleerd naar die van Joe Gillis, de verteller uit Sunset Blvd., Billy Wilders klassiek geworden film noir uit 1950. Bij het Amsterdamse kunstenaarsduo Persijn Broersen & Margit Lukács dient hij als opmaat naar een verhaal over de echte wereld en Hollywood, over realiteit, massamedia en fictie.

Akinci4

De twee studeerden aan het Sandberg Instituut en de Rijksakademie en maakten naam met hun herinterpretatie van de Disney-klassieker Bambi – maar dan zonder alle beesten en zonder het verhaal. Voor Beyond Sunset & Sunrise – die in galerie Akinci wordt vertoond als onderdeel van hun solotentoonstelling The Sun that Never Setgaan Broersen & Lukács niet alleen aan de haal met Sunset Blvd., maar putten ze ook uit andere Hollywoordklassiekers, zoals All About Eve (Joseph L. Mankiewicz, 1950), The Last Picture Show (Peter Bogdanovich, 1971) en Wild at Heart (David Lynch, 1990). ‘En meer’, zoals op de aftiteling vermeld staat.

Maar Beyond Sunset & Sunrise is niet bedoeld als zoekplaatje; als spelletje voor filmbuffs. Het is een even fraai als snedig commentaar op onze maatschappij die steeds virtueler wordt, en in het bijzonder op de rol die Hollywood daarin speelt.

akinci2

Zoals Hollywood een virtuele werkelijkheid creëert waarin de kijker zich kan onderdompelen, creëren Broersen & Lukács hun eigen droomwereld. Met filmische middelen die ze hebben afgekeken uit iconische producties, en met acteurs en actrices die hun sporen hebben verdiend in Hollywood. Ook de dagelijkse realiteit van de hoofdrolspelers kreeg een plek in de film; de opnames vonden plaats in de villa van Nancy Ferguson, die werkte met David Lynch. (Ze kocht ’m trouwens van Brian de Palma, de regisseur van films als Carrie en Blow Out.)

De intrigerende kortfilm wordt in Akinci gecombineerd met werken die er op het eerste gezicht niets mee te maken hebben. Maar schijn bedriegt. Les Zones Terrestres, het droomlandschap dat is afgedrukt op de binnenmuren van een houten hutje in het midden van de galerie, is, zo stellen de makers, een verwijzing naar de allervroegste virtuele werkelijkheden: in de 19e eeuw konden mensen die het zich konden permitteren zich met panorama’s omringen door elke gewenste wereld.

Het oneindig landschap van Broersen & Lukács is gemaakt in de computer. De 3D-computermodellen van het utopische, allesomvattende landschap zijn laag voor laag gereconstrueerd en vervolgens gezeefdrukt op blankhouten panelen.

akinci3

Details uit het landschap zijn afgedrukt als ‘unieke’ schilderijen, die de algoritmen zichtbaar maken waaruit de bergen, blaadjes en bomen zijn opgebouwd. Ze hangen op spaarzame stukken witte muur, de rest is voorzien van behang met motieven die zijn ontleend aan de ‘sprookjesfilms’ The Wizard of Oz, E.T. the Extra-Terrestrial en Avatar.

Ook dit zijn geen letterlijke verbeeldingen; het zijn hun herinneringen aan de films, de stukjes die in de hoofden van Broersen & Lukács zijn achtergebleven. Het gezeefdrukte behang is te koop. Wie wil, kan zich thuis onderdompelen in de gordiaanse knopen, die – reep aan reep – patronen vormen als een eindeloze cerebrale cortex.

The Sun That Never Set van Persijn Broersen & Margit Lukács. T/m 21/12 bij Akinci, Lijnbaansgracht 317.

 

02

12 2013

15 Attempts is een ultiem, bij vlagen hilarisch kunstenaarsportret

640x380_15attemps

Een van de beste documentaires van het vorige IDFA, 15 Attempts van Aliona van der Horst, is op dvd verschenen. Het is een portret van beeldend kunstenaar Suchan Kinoshita, die in 1992 de Prix de Rome won voor haar beeldende kunst in de openbare ruimte en in 2011 een grote tentoonstelling had in De Paviljoens: Het verkeerde moment op de juiste plek.

Daar ontstond het idee voor 15 Attempts, een experiment in de geest van Kinoshita en haar werk. In Brussel, waar de kunstenares kort voor de opnames naartoe is verhuisd, doen Kinoshita en Van der Horst (die vooral bekendheid geniet door haar fraaie, meermaals bekroonde portret van de jong gestorven Russische dichter Boris Ryzhy) in eendrachtige samenwerking 15 pogingen, of anti-pogingen, waaruit beetje bij beetje duidelijk wordt waar het in haar werk om draait: om het loslaten van verwachtingen, om verwarring en misverstand en het niet-begrijpen.

De leukste feature van de dvd: 15 Attempts kan random worden afgespeeld. Het toeval bepaalt dus de volgorde van de scènes van dit ultieme, bij vlagen hilarisch kunstenaarsportret. Kinoshita, die een co-regie-credit afsloeg, spreekt zelf overigens van “complete onzin”.

14525.kinoshitadvd_2

01

12 2013

Een groter, breder en nieuw publiek voor beeldende kunst in Amsterdam

Rijkak1

Met een PechaKucha-programma in de überhippe Club Trouw is donderdagavond de tweede editie van het Amsterdam Art Weekend van start gegaan. Kunstenaars, galeriehouders en museummedewerkers vertelden enthousiast over de toegevoegde waarde, zowel voor henzelf als voor de stad. Om de breedte van de kunstmanifestatie te onderstrepen waren er aansluitend performances, onder meer van mediakunstenaar Geert Mul en componist Michel Banabila.

Het Amsterdam Art Weekend, gemodelleerd naar succesvolle initiatieven in Genève en Berlijn, werd vorig jaar in het leven geroepen om het wat ingeslapen Amsterdamse beeldende kunstwereldje terug op de kaart te zetten. “En dat is gelukt”, meent Adriana Gonzalez Hulshof, de directeur van de organiserende stichting Capital A. “De reacties van de deelnemers waren onverdeeld enthousiast en de bezoekersaantallen waren spectaculair. Als je op een reguliere zaterdag twintig bezoekers in je galerie krijgt is dat best goed, maar tijdens het weekend kwamen in sommige galeries honderden bezoekers per dag. En daar is het ons om te doen; het trekken van een groter, breder en nieuw publiek. Iedereen moet zich welkom voelen, van cultuur-geïnteresseerden tot professionals en verzamelaars. Uit binnen- en buitenland.”

Rijkak2

De tweede editie is nóg omvangrijker dan de eerste. In 22 galeries opent een nieuwe tentoonstelling, ook in de overige deelnemende galeries zijn speciale activiteiten, zoals artist talks. De Stadsschouwburg biedt onderdak aan De Grote Kunstshow, in De Appel is een paneldiscussie en in het Stedelijk is een ontvangst voor professionals. In een aantal galeries zijn muziekoptredens en heeft Absolut Vodka cocktailbars ingericht, Jeanine Hofland Contemporary Art en Boetzelaer | Nispen organiseren een ‘zeer kleine kunstbeurs’, waarop twaalf internationale galeries zich kunnen presenteren, en in de Oude Kerk vinden performances plaats van Feiko Beckers en Francesca Grilli. “Beiden hebben een galerie in Amsterdam, beiden hebben gewerkt aan de Rijksakademie. Dat past helemaal in ons straatje, want we focussen deze editie op talentontwikkeling”, aldus Gonzalez Hulshof.

Dus opent ook de Rijksakademie dit weekeinde weer zijn deuren. In een doolhof van studio’s tonen 47 jonge talentvolle kunstenaars hun werk in alle denkbare disciplines – van film, (geluids)installaties, performances en poëzie tot fotografie, grafiek, muurschilderingen en schilderijen. Elin Austbø plaatste voor de Rijkakademie een pantservoertuig tegen een met varkensbloed overgoten container; Daniëlle van Ark was tien dagen non-stop bezig met het leggen van een zeer verfijnd tapijt van vogelzand.

Rijkak4

Een belangrijke nieuwe ‘aanwinst’ van het AAW is het documentairefestival IDFA. Dat vertoont videowerk van kunstenaars als Juul Hondius, Charlotte Dumas en Saskia Olde Wolbers in het Tuschinski Theater. “We hebben een open call gehouden onder de aangesloten galeries, de Rijksakademie en De Ateliers. IDFA-programmeur Joost Daamen en Stedelijk-curator Bart Rutten hebben vervolgens een selectie gemaakt. Er waren zoveel aanmeldingen dat er drie blokken te zien zijn in plaats van één, zoals aanvankelijk de bedoeling was,” vertelt Gonzalez Hulshof enthousiast. “Vrijdag is al uitverkocht. Terwijl het toch niet het kleinste zaaltje is; er kunnen 150 mensen in, dus het zijn niet alleen de kunstenaars en hun vaders en moeders. We bereiken hiermee echt een ander publiek.”

Amsterdam Art Weekend is van 29/11 t/m 1/12. RijksakademieOpen is van 30/11 t/m 1/12. IDFA duurt nog t/m 1/12.

Rijkak3

Barbara Visser over Take 0: “Ik wilde de film niet kopiëren, maar ben met dezelfde principes het proces ingegaan”

Take0

Beeldend kunstenaar en filmmaker Barbara Visser (Haarlem, 1966) stelde op uitnodiging van het IDFA’s Paradocs een filmprogramma samen. Ze koos vijf making ofs, documentaires over de totstandkoming van een speelfilm, waaronder Chris Markers A.K., over Akira Kurosawa’s meesterwerk Ran (“Kurosawa beweegt met zijn pink en die enorme machinerie treedt in werking”) en Henri-George Clouzot’s Inferno van Serge Bromberg en Ruxandra Medrea, over een film die aan zijn eigen ambities ten onder ging. “Hearts of Darkness, gefilmd op de megalomane sets van Apocalypse Now, stond ook op mijn longlist. Dat is een grote favoriet, maar hij viel af omdat-ie te bekend is, bijna te mainstream.”

Met de vijf documentaires wil Visser – vorig jaar maakte ze de intrigerende documentaire C.K., over de boekhouder van het Fonds BKVB die 15,8 miljoen euro achterover had gedrukt – laten zien dat het maken van een film een spannender verhaal oplevert dan het boy meets girl-verhaaltje zelf. “Filmmaken is bovendien heel camerageniek. Schrijven, om maar wat te noemen, is ook een moeilijk proces, maar de worsteling blijft vaak onzichtbaar. Bij het maken van een film moet een regisseur een groot aantal mensen aansturen, manipuleren. Door dat gemanipuleer krijgen alle karakters op de set meer inhoud. Ze gaan zich roeren, en vervolgens wordt duidelijk of de regisseur met tegenslag kan omgaan.

Barbara Visser en Joost Daamen bij de opening van Paradocs

Een mooi voorbeeld is The Humiliated, aldus Visser, Jesper Jargils film over de totstandkoming van de geruchtmakende Dogma-film The Idiots. “Lars von Trier is niet van zijn stuk te brengen, zo lijkt het. Je ziet een arrogante kwast aan het werk; iedereen op de set haat hem, maar Von Trier lijkt overal schijt aan te hebben. Maar de voice-over vertelt een ander verhaal. Daarin leest Von Trier voor uit het dagboek dat hij tijdens de opnames bijhield. Dan hoor je dat hij zich eigenlijk ontzettend veel zorgen maakt, maar dat hij er alles aan doet om het niemand te laten merken.”

Haar grootste ontdekking is Symbiopsychotaxiplasm: Take 1 van William Greaves uit 1968, een kruising tussen melodrama, avant-garde en cinéma vérité, tussen experiment en documentaire. “Die film is zo bijzonder! Dat iemand dat in die tijd heeft kunnen maken. In de film is te zien hoe Greaves een korte speelfilm probeert te maken met twee method actors. Maar zijn verborgen agenda was om het proces in beeld te brengen.”

Louise Greaves en Barbara Visser P1010313

Symbiopsychotaxiplasm vormde het uitgangspunt voor Vissers fraaie, intrigerende driescherms-filminstallatie Take 0: The Making of Symbiopsychotaxiplasm. Daarin combineert ze fragmenten uit de film en het vervolg, Take 2 1/2 uit 2005, met zelf geschoten beelden van Central Park anno nu en van een door haar geëntameerde workshop waarin New Yorkse theaterstudenten aan de slag gaan met de dialogen uit Symbiopsychotaxiplasm. Op de geluidstrack zijn interviews hoorbaar die Visser maakte met een aantal cast- en crewleden, onder wie Louise Greaves, de vrouw van de regisseur, die ook in de film te zien is.

“Omdat Symbio zo onbekend is en hij zo uniek is dat er geen hokje voor bestaat, wilde ik er iets extra’s mee doen. Ik wilde de film niet kopiëren, maar ben met dezelfde principes het proces ingegaan. Ik hoop dat je daardoor niet alleen meer te weten komt, maar vooral dat je heel erg veel zin krijgt om Symbiopsychotaxiplasm te gaan zien.”

Barbara Vissers Take 0: The Making of Symbiopsychotaxiplasm is te zien in De Brakke Grond. IDFA duurt t/m 1/12. www.idfa.nl.

27

11 2013

IDFA@Stedelijk: met een ‘documentaire blik’ door de collectie

idfa@stedelijk1

Een van de interessantste onderdelen van het IDFA is Paradocs, het progamma-onderdeel dat laat zien wat er gebeurt buiten de kaders en tradities van documentaire filmmaken, op de grenzen tussen film en kunst, waarheid en fictie, en vorm en verhaal. Een goed voorbeeld is IDFA@Stedelijk: een rondleiding met een ‘documentaire blik’ langs vijf werken uit de collectie van het stedelijk.

Tijdens de rondleiding komt aan de orde hoe moderne kunstenaars omgaan met begrippen als representatie en de werkelijkheid? Welke vormen gebruiken zij ons om een maatschappelijk geëngageerd verhaal te vertellen. Wat is echt en wat is onecht? Wat herbergt meer waarheid en realiteit: een 19e-eeuws straatschilderij van Hendrik Breitner, een zeefdruk naar een politiefoto van Andy Warholl, een fotoreeks van Allan Sekula, een volledig geënsceneerd kunstfilmpje van Roderick Hietbrink, of een conceptueel kunstwerk van Hans Haacke?

Het antwoord – het laat zich raden – is niet zo makkelijk te geven, maar dat geeft niks; IDFA@Stedelijk maakt dat je op een andere manier naar kunst gaat kijken, en daardoor ook naar de realiteit. Wat dat ook moge zijn…

De (Engelstalige) rondleiding in het Stedelijk Museum Amsterdam, onder leiding van Floortje Zonneveld en Iona Hogendoorn, begint dagelijks om 11 uur en duurt 1,5 uur. Meer info op de site van het Stedelijk.

idfa@stedelijk3

idfa@stedelijk2

idfa@stedelijk4

Gaat dat zien! (week 48)

Roy Villevoye_Madonna

Natuurlijk moet iedereen deze week naar IDFA, en naar de reguliere bioscoop voor Omar, Like Father Like Son, Captain Phillips en The Hunger Games: Catching Fire. Maar er is meer te zien en te doen. Een greep uit het culturele aanbod.

In het kunstcafé van het Centrum Beeldende Kunst Zuidoost aan het Anton de Komplein gaat Anke Bangma, conservator hedendaagse kunst bij het Tropenmuseum, zaterdag 30/11 van 15:00 tot 16:30 uur in gesprek met kunstenaar Roy Villevoye. Villevoye maakt sculpturen, foto’s, video’s en installaties; de belangrijkste inspiratiebron voor zijn werk is de cultuur van de Asmat, een volk dat leeft en woont in Papoea.

Pommes Frites

Voorafgaand aan The Hunger Games is in een groot aantal Pathé-bioscopen Pommes frites te zien, een drie minuten durend animatiefilmpje dat Balder Westein in eendrachtige samenwerking met Jochem Meijer maakte. Life-action gecomineerd met stop motion à la Thunderbirds, met daaroverheen een laag animatie. Monnikenwerk, kortom.

Lucas

Bij Tegenboschvanvreden staat t/m 7/12 nog de monumentale driescherms video-installatie Flying Carpet Works, waarmee de Spaanse kunstenares Cristina Lucas de burgerslachtoffers ten gevolge van bombardementen in kaart heeft gebracht sinds de Italiaanse luitenant Giulio Cavotti op 1 november 1911 de Ottomaanse stellingen bestookte door vier bommen van elk 2 kilogram uit zijn Taube-vliegtuigje te laten vallen.

RH130319_SP30_Rosa_Khutor_120

Journalist en filmmaker Arnold van Bruggen is samen met fotograaf Rob Hornstra verantwoordelijk voor het grandioze The Sochi Project, een multimediaal slow journalism-project dat het schaduwverhaal vertelt van de aanstaande Olympische Winterspelen, in het subtropische, door conflictgebieden omgeven Sochi. Nu te zien in het Fotomuseum Antwerpen en op het IDFA, waar het project meedingt naar de DocLab Award. Van Bruggen is ook verantwoordelijk voor de interactieve webdocumentaire en (dEUS)videoclip Hidden Wounds, waarin het aangrijpende verhaal van Nederlandse, Britse, Belgische en Amerikaanse oorlogsveteranen met een post-traumatische stressstoornis (ptss) wordt verteld.

Rogier Alleblas

In de OBA aan het Javaplein 2 is nog tot half december de expositie Oude muren, nieuwe buren te zien, waarvoor fotograaf/journalist Rogier Alleblas twee jaar lang de renovatie van een woonblok in de Gorontolastraat in Amsterdam-Oost heeft gevolgd. Alleblas spendeerde veel tijd ter plekke en maakte contact met de oude, de tijdelijke en de nieuwe bewoners, en de bouwvakkers. Hij ontwikkelde ook een relatie met de huizen, hun interieurs, de lege wanden, de achtergelaten bezittingen en andere sporen van huurders. De foto’s zijn gebundeld in Oude muren, nieuwe buren, uitgegeven d’Jonge Hond/Uitgeverij Komma Den Haag, in een oplage van 750 met 25 verschillende soorten behang als kaft.

22

11 2013

Disco: niet te veel nadenken!

The Sanchez Brothers, The hurried child, 2005, Inkjet print 152 x 192 cm  Courtesy Flatland Gallery, Amsterdam and Torch Gallery, Amsterdam

De lichtgevende dansvloer en glitterbol zie je niet veel meer, maar disco is springlevend, zo toont de vermakelijke documentaire Disco van popprofessor Leo Blokhuis en regisseur Arjan Vlakveld. Alleen heten Kool & The Gang, Bee Gees, Giorgio Moroder en Donna Summer nu Bruno Mars, Daft Punkt, Robin Thicke, Rihanna en Armin van Buuren.

Dat disco veertig jaar nadat de term door Vince Aletti werd gemunt in een artikel in Rolling Stone ook op andere gebieden nog altijd invloedrijk is, bewijst de gelijknamige expositie in Flatland Gallery. Daarop zijn werken te zien van zeventien kunstenaars, meest foto’s. Slechts een klein deel is afkomstig uit de eigen ‘Flatland-stal’, daarnaast is er werk van ‘concurrerende’ galeries, uit museale collecties en van particuliere verzamelaars.

orange-dog

Uitgangspunt bij de samenstelling vormde een quote van de Amerikaanse beeldend kunstenaar Jeff Koons, wiens werk doorgaans niet wordt getypeerd als ‘disco’, maar als postmodern, camp of über-kitsch: “My work is a support system for people to feel good about themselves”. Wat vrij werd vertaald als: disco geeft je structuur om je goed te voelen (over jezelf).

Dat geldt voor Koons Balloon Dog, gemaakt van oranjerood, oogverblindend glanzend roestvrijstaal, gepresenteerd op een zilveren bling bling-bordje (de originele Balloon Dog werd deze week overigens voor een recordbedrag geveild bij Christie’s: 58,4 miljoen dollar!). Het geldt zeker voor de glanzende, fonkelende, zeg maar gerust kitscherige sculpturen van Hans van Bentem: een jerrycan, een olievat, tientallen bloemetjesschaaltjes, een ‘brainfish’ en een soort ‘King of Pop’-achtig borstbeeld, allemaal van porselein in alle kleuren van de regenboog. Kijk ernaar, en er verschijnt als vanzelf een glimlach op je gezicht.

Maar je kunt je afvragen of het ook geldt voor I am so high I could eat a star II van mode- en portretfotografe Cornelie Tollens, een foto die ook op de uitnodiging is gebruikt. Daarop staat als clown uitgedoste vrouw, met een veelkleurige pruik en een rode neus. En blote borsten en een opengesperde mond, waarboven witte klodders zweven. Disco?

Cornelie Tollens I am so high i could eat a star II, Pigment print, epoxy, 2013, 80 x 106,5 cm Courtesy Flatland Gallery, Amsterdam

Een recente, gelikte foto van een zoenend stel in een limousine, gemaakt door Pieter Henket die wereldwijd doorbrak met zijn portret voor het albumhoesje van Lady Gaga’s The Fame, is hier net zo goed disco als een met de computer gemanipuleerd onderwaterportret van Danielle Kwaaitaal. Die laatste is eind jaren negentig gemaakt, toen Kwaaitaal furore maakte met het VJ-collectief Techno Creations, waarmee zij haar werk presenteerde in clubs als Mazzo en de Chemistry.

Er zijn bewegende, in de computer gegenereerde natuurbeelden van Eelco Brand en schilderijen van knalroze flamingo’s van Jeroen Allarts; een close-upfoto van aidsremmers van Damien Hirst en modefoto’s van Inez van Lamsweerde & Vinoodh Matadin.

Anuschka Blommers - Niels Schumm, LP, 2005

Een ander vermaard fotografenduo, Anuschka Blommers en Niels Schumm, maakte een intrigerende foto van een inktzwarte, mysterieus zwevende elpee. Nadere bestudering leert dat het om Nebraska gaat, Bruce Springsteens album uit 1982 – bepaald geen ‘four-on-the-floor’.

Maar misschien is het niet de bedoeling om heel goed te kijken en al te veel na te denken – zoals je beter ook niet naar de teksten van de meeste discoliedjes kunt luisteren. Disco moet je gewoon over je heen laten komen; het draait om de magische momenten.

Disco, met werk van o.a. Damien Hirst, Inez van Lamsweerde & Vinoodh Matadin, Jeff Koons, Pieter Henket en Danielle Kwaaitaal/ T/m 19/12 in Flatland Gallery, Lijnbaansgracht 312-314. De documentaire Disco is nog te zien op Uitzendinggemist.nl.

16

11 2013