Archive for the ‘Boeken’Category

Zoek de 10 verschillen

Saul Bass’ duizelingwekkende Vertigo-affiche blijft een onuitputtelijke bron van inspiratie. Het stond recent model voor de thriller Buried en de Deense film Alting bliver godt igen en het heeft er alle schijn van dat ook de vormgeving van de boekcover van The Terrible Privacy of Maxwell Sim (De afschuwelijke eenzaamheid van Maxwell Sim) erdoor is beïnvloed.

Die tandenborstels staan er overigens ook niet voor niets: de titelheld van de nieuwe satire van Jonathan Coe is vertegenwoordiger in milieuvriendelijke tandenborstels…

Post to Twitter Tweet This Post

29

06 2010

‘Wanneer doorziet iemand mijn gebrek?’

‘Boeken maken is wat ik het liefste doe. En ik denk ook dat dat is wat ik het beste kan…’ Irma Boom ontwerpt boeken. En hoe: Booms boeken zijn kunstwerken, vrij van elk compromis, waarmee ze iedere keer weer de begrenzingen van de gemiddelde drukpers overschrijdt. Ze won tientallen onderscheidingen voor haar werk – van de Gutenbergprijs en de titel het Best Verzorgde Boek tot een gouden medaille voor het mooiste boek ter wereld. Ze doceert aan de universiteit van Yale en heeft opdrachtgevers over de hele wereld. Architect Rem Koolhaas en kunstenaar Sheila Hicks staken de loftrompet op Boom, ter gelegenheid van haar solo-expositie in Bijzondere Collecties – ze is daar de eerste levende ontwerper met een solo boekententoonstelling. Recent waren haar boeken al te zien op de expositie elles@centrepompidou in het Centre Pompidou in Parijs; het MoMA in New York heeft Booms boeken eveneens opgenomen in de vaste collectie en heeft haar ook een tentoonstelling in het vooruitzicht gesteld.

En toch is Boom uitermate kritisch over het gros van haar boeken. ‘Ik ben zelf mijn grootste criticus’, zegt ze. ‘Ik beschouw mezelf helemaal niet als een goede ontwerper. Ik denk altijd: wanneer doorziet iemand mijn gebrek?’

Read the rest of this entry →

Post to Twitter Tweet This Post

12

06 2010

Een vrije geest in de toegepaste kunst

Vijfentwintig jaar zit hij in het vak, ontwerper Swip Stolk, een mijlpaal die wordt onderstreept met een monografie. ‘Swip Stolk. Is getekend – Zwart op Wit’ luidt de titel die het vuistdikke werk even woordspelig als adequaat samenvat: het bevat namelijk ontelbare getekende schetsen, en het in zijn geheel in zwart-wit.

Stolk (Zaandam, 1944) is autodidact én nadrukkelijk een kind van de jaren ’60: een vrije geest die zien brood verdient met toegepaste kunst. ‘Misschien is het mijn geluk geweest dat ik nooit een echte opleiding heb gehad’, zegt hij zelf. ‘Ik hoef niets af te leren, niets te overwinnen. Schroom om iets aan te pakken en tot aan de rand te gaan heb ik niet.’

Die instelling resulteerde in talrijke spraakmakende ontwerpen, voor klanten als het Nederlands Zuivelbureau, de Bijenkorf en de Nederlandse Spoorwegen. Stolk ontwierp het VARA-logo met de nurks kijkende haan met lellen als kloten en – veel later – onder meer het logo van hippe bladen als Dutch, Zoo, Stile en Chiq en affiches voor het Groninger Museum, waaronder de controversiële poster waarop een vrouw een man in de mond plast, voor een overzichtstentoonstelling van de Amerikaanse kunstenaar Andres Serrano.

Maar, schrijft Willem Ellenbroek in de informatieve inleiding van ‘Is getekend – Zwart op Wit’, er is meer. Veel meer. En alles houdt verband met elkaar en intervenieert van het een naar het ander. ‘Wat aanvankelijk papier was, zie je later terug in zacht rubber, roestvrij staal, Venetiaans glas of zwart perspex. Wat eerst een louter grafisch ontwerp was, wordt later een zelfstandig kunstwerk.’

Het begrip ‘visuele irritatie’ is volgens Stolk onlosmakelijk verbonden met zijn doorlopend experiment. Een ontwerp moet kunnen fascineren, in het netvlies haken. ‘Het gaat er niet om of mensen een bepaald ontwerp mooi vinden, maar of ze er door worden getroffen. Ze moeten de neiging hebben zich om te draaien en nog eens te kijken wat er precies aan de hand is.’

‘Swip Stolk. Is getekend – Zwart op Wit’ – een bijzonder luxe uitgave, gedrukt op verschillende papiersoorten en in verschillende technieken – staat vol van dergelijke ontwerpen. Ornamenten en dingbats waarin klavertjes vier, Maori- en bezweringssymbolen uit Oosterse culturen zijn te herkennen, logo’s in oneindig veel variaties, en ontelbare schetsen en voorstudies. En dan zijn er de wonderschone letters, zwierige symbolen en tekens en zelfs een compleet geheim alfabet, de Swip uit 2003, dat alleen te ontcijferen is met een (even onbegrijpelijke) decoderingskaart.

Elk teken staat voor een letter uit het gewone alfabet, maar heeft daarnaast een tweede, diepere betekenis. Zo staat de A voor Angry, de B voor Born, de L voor Love, de V voor Violence, de W voor Woman, de X voor X-ray en de Z voor Zodiac. De hiëroglyfen kwamen terug in een oorring, een broche en een tafelonderstel. De posters voor een tentoonstelling in het American Institute of Graphic Arts in 2004 in San Francisco voorzag Stolk ermee van een geheim stemadvies: No Bush. Hoe ingenieus ook, geholpen heeft het niet…

Is getekend – Zwart op wit. Vijftig jaar visuele statements. Swip Stolk (ontwerp en samenstelling) en Willem Ellenbroek (tekst). Uitgeverij De Buitenkant. prijs € 39,50, ISBN 9789076452791.

Post to Twitter Tweet This Post

16

03 2010

Maar het boek was beter

Zondagnacht worden in Los Angeles de Oscars uitgereikt. De Amsterdamse freelance ontwerper Woes van Haaften heeft daarom posters in de stad verspreid met het felbegeerde gouden Oscarbeeldje. Lezend welteverstaan; de rechterhand rust niet op het zwaard maar heeft een boek vast. ‘Maar het boek was beter’ staat er onder het mannetje.

Van Haaften maakt niet alleen reclame voor de Oscars (de Academy zal overigens ongetwijfeld met rechtzaken dreigen als ze de uiting in het vizier krijgen) en voor de boekhandel (Scheltema wilde het postertje overigens niet ophangen), maar natuurlijk vooral voor Woes van Haaften zelf. Meer fraai werk staat op zijn website.

Post to Twitter Tweet This Post

05

03 2010

Wat is de wat! Maar waarom?

Wat is de wat van Dave Eggers is verkozen tot Het Mooiste Boekomslag van 2009. Het omslag, met een bloedrode voetafdruk in de vorm van Afrika, is ontworpen door Dog and Pony. Het winnende ontwerpbureau kreeg een bokaal, de winnende uitgever Lebowski Publishers een wisselbeker. De verkiezing, die voor de negende keer plaatsvond, is een initiatief van Boekblad en Stichting De Best Verzorgde Boeken. De uitreiking was donderdag bij de Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam.

Het ontwerp van Dog and Pony siert de midprice-versie van Dave Eggers’ autobiografie van de Afrikaanse jongeman Valentino Achak Deng; de eerste drukken hebben een roestbruine foto van een rennende jongen op het omslag. Beide versies worden ontsierd door hetzelfde, enorme citaat van Khaled Hosseini, de auteur van De vliegeraar.

Voor de prijs waren twaalf boekomslagen genomineerd door een jury bestaand uit zeven boekverkopers. Daarbij zaten de covers van Herman Kochs Het diner, Paul Austers Onzichtbaar en Rob Wijnbergs Nietzsche & Kant lezen de krant, die net als de winnende boekcover ontworpen door het Amsterdamse ontwerpbureau Dog and Pony, bestaand uit Bart Heideman, Pol van Haren en Robert Adriaansen.

Bij het nomineren hield de jury met de effectiviteit van de cover: ‘brengt het omslag het boek naar het publiek’, en reageert de koper op de voorkant van het boek. Maar hoe die boekverkopers dat precies meten, dat vertelt het persbericht niet…

Post to Twitter Tweet This Post

12

02 2010

Joe Speedboot getorpedeerd

Het zelfgebouwde vliegtuig van Joost Conijn, dat een belangrijke rol speelt in Joe Speedboot. © Joost Conijn

Producent IJswater Films heeft het hoger beroep verloren tegen het vonnis van de Amsterdamse rechtbank over de verfilmingsrechten van Joe Speedboot. De rechtbank had in maart 2008 al besloten dat IJswater het boek van Tommy Wieringa (uitgegeven door De Bezige Bij) ondanks een optie niet mocht verfilmen, omdat de schrijver zich niet in het scenario van Heleen Suèr kan vinden. Dat banaliseert zijn verhaal, vindt Wieringa.

In de bekroonde, tragikomische bestseller Joe Speedboot raakt Fransje Hermans, de zelfbenoemde chroniqueur van het dorp Lomark die na een ongeluk invalide is geraakt en zijn spraakvermogen is verloren, in de ban van de durfal Joe Speedboot.

Wieringa was van oordeel dat zijn verhaal door IJswater cum suis werd teruggebracht tot een actiefilm waarin de fijnzinnigheid, de gelaagdheid en de psychologische ontwikkeling die kenmerkend zijn voor het boek ontbreken.

Regisseur André van Duren: ‘Een schrijver van een roman heeft te weinig distantie om de kwaliteit van een scenario naar zijn boek te beoordelen. Elke wijze romancier houdt zich erbuiten. Wieringa is op ons gebied een beginneling.’ Ook producent Marc Bary toont zich onaangenaam verrast door de uitspraak van de rechter, die volgens hem grote gevolgen heeft voor filmmakers én schrijvers. ‘Ik ken geen enkele Nederlandse auteur, van Harry Mulisch tot Carry Slee, die een vetorecht heeft bij het maken van een film. Ik denk dat het wenselijk is dat er op korte termijn overleg wordt gevoerd tussen de filmsector en de uitgevers. Dit is in niemand belang. Op deze manier zal geen producent meer een optie op een boek nemen.’ Wieringa stelt dat ‘afspraken over verfilmingen van boeken sowieso zakelijker moeten worden. Producenten nemen veel te gemakkelijk opties op boeken’.

In 2005 won IJswater een pitch die door uitgeverij de Bezige Bij was uitgeschreven onder zes producenten. ‘Het liefst had ik ze alle zes willen zien, maar IJswater Films wist me te overtuigen dat hun versie de beste zal worden. En ze hadden hun naam mee: IJswater. IJswater en Speedboot… Zoiets valt niet te negeren’, zei Wieringa destijds. In het optiecontract werd vastgelegd dat hij zelf de dialogen zou schrijven. Bary: ‘Wij hebben altijd open gestaan voor commentaar, maar Tommy heeft nooit een letter op papier gezet.’ Wieringa: ‘De samenwerking is nooit van de grond gekomen. Dus heb ik ook geen dialogen geschreven.’

Volgens de makers heeft Wieringa de laatste versie van het script, op basis waarvan subsidie is verstrekt, niet eens gelezen. Marina Blok, hoofd drama van de NPS: ‘Een boekverfilming is een lastige klus, en ook in dit geval zij we door diepe dalen gegaan. Maar iedereen is blij met het script dat er nu ligt. Alleen Tommy niet. Hij heeft het hele proces van een enorme afstand, met veel dédain bekeken.’

Van Duren: ‘IJswater heeft een Gouden Beer gewonnen, bij mij op de schouw staan de nodige Kalveren en persprijzen. Twee sjieke buitenlandse coproducenten, een prachtige omroep en een grote distributeur hadden hun vertrouwen in het project uitgesproken. Maar Wieringa stelde dat wij een stelletje prutsers zijn. Wij hebben de rechten gekocht toen er 3000 exemplaren van het boek waren verkocht. Nu zijn er 350 duizend verkocht. Misschien heeft hij ons nu niet meer zo hard nodig.’

Wieringa weerspreekt dat hij de boel loopt te traineren en dat hij de definitieve versie moedwillig niet heeft gelezen. ‘Dat zouden ze wel willen, dan hadden ze een poot om op te staan. Maar die spookversie waar ze het over hebben, die is nooit aangeboden bij mij, de Bezige Bij of bij mijn advocaat. Overigens stel ik me zo voor dat die niet wezenlijk anders is dan we wél hebben gezien. En over die vorige versies ben ik zeer stellig. Ze weten zelf ook dat het niet goed is. André heeft mij op een gegeven moment gezegd dat ik hem maar carte blanche moest geven. Dat ik maar moest vertrouwen op zijn artistieke visie. Maar dat vind ik een te wankele basis.’

Dat alle andere partijen enthousiast zijn, zegt Wieringa weinig. ‘Ze hebben allemaal een belang, want Joe Speedboot is een bestseller met een groot potentieel bereik onder het filmbezoekend publiek. Maar mijn artistieke belang weegt zwaarder, vind ik.’

De schrijver sluit niet uit dat het boek alsnog wordt verfilmd. ‘Er hebben zich genoeg producenten gemeld die ook interesse hebben. Maar voorlopig houd ik de boot even af.’

Post to Twitter Tweet This Post

21

01 2010

Boekenboeken

boeken

In twee recente boeken wordt de liefde voor drukwerk beleden: Boekwerk – 28 katernen van het wereldboek en Op basis van Bas Oudt / Based on Bas Oudt, allebei uitgegeven door het onvolprezen De Buitenkant.

Boekwerk – 28 katernen van het wereldboek, samengesteld door Martin Veltman en Frans Lasès, is een indrukwekkende staalkaart van druktechnieken en teksten over drukwerk; een reisgids door de wereld van het boek, met proza, poëzie, essays en interviews.

Stansen, laseren en scheuren, rillen en vouwen, steendruk en irisdruk – alles kan, als het maar naar een formaat van maximaal 30 bij 40 centimeter gevouwen kon worden, zodat de bijdrage in de speciaal ontworpen cassette kan worden opgeborgen. De litho bij een tekst van Naema Tahir, ‘De Koran in mijn leven als vrouw’ bepaalde de oplage op 500. De zeven drukgangen werden als gescheiden vormen op lithostenen getekend en handmatig gedrukt. Illustratrice Sylvia Weve en de vrijwilligers in het Nederlands Steendrukmuseum in Valkenswaard waren er zeven dagen zoet mee.

Op basis van Bas Oudt / Based on Bas Oudt is, zoals de titel al aangeeft, gemaakt in de geest van Oudt door een aantal van zijn ex-Rietveldstudenten onder leiding van Richard Niessen en Esther de Vries.

Het is bepaald geen saai plaatjesboek geworden, met afbeeldingen van affiches op postzegelformaat. De makers zijn erin geslaagd de invloed, de fysieke kwaliteiten, de verhoudingen tussen het werk, en de voorkeuren van Oudt samen te brengen. Al bladerend kom je in zijn universum terecht.

Oudt is tevreden met zijn boek, vertelden de makers toen ik ze kortgeleden interviewde. Niessen: ‘Hij vindt het een heel geslaagd winterboek voor grafische ontwerpers.’ De Vries: ‘Je weet wel, van die vakantieboeken van Donald Duck enzo, waar je de hele zomer in kunt kijken en je telkens iets nieuws ziet…’ Niessen: ‘Alleen dat full color-gedeelte, daar is hij niet zo uitgesproken over.’ De Vries: ‘Als ik Bas was zou ik er heel erg blij mee zijn. Maar hij bekijkt het het boek natuurlijk anders. Hij ziet nog maar een heel klein beetje met één oog. Met een speciale loep heeft hij de pagina’s gescand. Dat is eigenlijk wel een goeie manier. Het is niet de bedoeling dat je het boek van A tot Z gaat lezen.’

Post to Twitter Tweet This Post

18

06 2009

Het zwarte gat na Cannes

coelho1

Een van de weinige aardige bijkomstigheden van de nieuwe vormgeving van de Volkskrant is het piepkleine rubriekje over de vormgeving van boekcovers in de wekelijkse bijlage Kunst & Boeken. Kort geleden vertelde Nico Richter, die jaarlijks zo’n vijftig omslagen ontwerpt voor de uitgeverijen De Arbeiderspers, Balans en Archipel, over het omslag van De winnaar staat alleen van Paulo Coelho. ‘Ik kreeg de prent aangeleverd: eentje waarop persfotografen zich verdringen op de rode loper in Cannes. Daar speelt het verhaal zich af. Het enige wat ik hier aan heb veranderd, is de oorspronkelijk behoorlijk brede trap versmallen, zodat die figuurtjes terzijde groter werden. En dat ze tot op de rug doorlopen, dat is ook mijn inbreng.
‘En de typografie, in dit geval de letter Fournier. Ja, en dan natuurlijk het gebruik van zilverfolie, voor het sterretje midden boven op de trap, voor het woord ‘roman’ en voor het logo van de uitgever. Dat vond ik wel kunnen hier, het zilverfolie past goed bij die flitslampen. Dat ze allemaal tegelijk flitsen, die fotografen, wijst er volgens mij op dat die foto flink is gemanipuleerd.’

Volgens mij is dat flitsen niet gemanipuleerd, maar dat er vreemde dingen zijn uitgehaald met de foto is overduidelijk. En daarna dus nog ene keer, door verschillende ontwerpers in verschillende landen.

Hoe geslaagd de cover ook is, het boek ga ik niet lezen. Mijn zwarte gat na Cannes vul ik met de memoires van oud-Cannes-directeur Gilles Jacob La vie passera comme un rêve. Daarin haalt Jacob herinneringen op aan Martin Scorsese, Orson Welles, Federico Fellini, François Truffaut, Clint Eastwood, Sharon Stone en vele, vele anderen, en klapt hij uit de school over de jury in 1977, die Ettore Scola’s meesterwerk Una giornata particolare negeerde en de Gouden Palm gaf aan Padre padrone van de Taviani’s. Voor het volgende jaar stelde Jacob vijftien regels op, waarvan de vijftiende overigens ‘Heb geen regels’ luidde.

Ook goed om af te kicken van Cannes: de trailer met een rode loper vanuit de zee naar de diepzwarte sterren, begeleid door het Carnaval des Animaux van Saint-Saëns, die voor iedere film uit de officiële selectie wordt vertoond. Nog mooier is de trailer van de Quinzaine – zowel het filmpje van Olivie Jahan als de muziek van Cyril Moisson. In de nieuwste versie is ook de naam van de Nederlandse fotograaf/filmmaker Anton Corbijn verwerkt, wiens Control in 2007 een van de grote ontdekkingen uit de Quinzaine-selectie was.

Post to Twitter Tweet This Post

29

05 2009

Nazi-pornoboekjes

stalags

Smoezelige boekjes zijn het, met alleszeggende titels als I Was Colonel Schultz’s Private Bitch. Op de covers staan sexy vrouwen met diepe décolletés; om hun bovenarm zit een rode band met hakenkruis. Ze zijn gesitueerd in de stalags, nazi-gevangenkampen. Amerikaanse en Britse gevangenen – mannen met stoere torso’s – liggen in benaderde posities en krijgen een pak rammel met venijnige zweepjes.

De boekjes dateren uit de jaren 60, ten tijde van het proces tegen Adolf Eichmann, en werden gretig gelezen. Omdat er geen andere pikante lectuur voorradig was, en omdat aan het einde de gevangenen steevast wraak namen op hun blonde beulen – ook weer door middel van mishandeling en verkrachting.

Ari Libsker maakte een documentaire over de nazi-pornoboekjes: Stalags. Die is helaas lang zo goed niet als het onderwerp zelf. Libsker – de kleinzoon van holocaustoverlevenden, zo meldt het persbericht – legt verbanden die er niet zijn, bewandelt talrijke zijpaden, en legt zaken die toelichting behoeven dan weer niet uit.

Het rommelpotje was eerder al te zien op het festivalletje Film IsReal, deze week draait Stalags in het Amsterdamse Ketelhuis.

Post to Twitter Tweet This Post

Tags: ,

28

05 2009

Unverfroren identiteit

‘Nu ook voor NRC-lezers!’, staat er in een kleine advertentie voor Mijn vrouw & andere stukken op de voorpagina van NRC Handelsblad. Het betreft een bundeling van de colums die Ronald Giphart op de voorpagina van het eertijdse tweede katern van de Volkskrant schreef, op de plek van Martin Bril, toen die te ziek was om zijn taak te vervullen.

Het zijn fraaie, zorgvuldige stukjes, waarmee Giphart zich een verrassend waardig vervanger van Bril toonde. Zullen de NRC-lezers er net zo over denken? Of hebben NRC-lezers een andere smaak dan Volkskrant-lezers? Zoals Volkskrant-journalisten radicaal andere stukken schrijven dan hun collega’s van NRC? Volgens Marja Pruis in De Groene Amsterdammer is dat namelijk zo. ‘Nergens komt de unverfroren identiteit van beide kranten zo pregnant tot uiting als in hun kunstkritiek. Want of het nu gaat om films, om toneel of om literatuur, bij de Volkskrant zitten de chagrijnen en bij NRC Handelsblad de positivo’s’.

Met een handvol voorbeelden werd de boude stelling vervolgens ‘bewezen’, terwijl met een paar andere voorbeelden precies het tegenovergestelde beweerd had kunnen worden.

Volgens mij heeft de Volkskrant, zoals iedere krant, niet eens één stem. Het bewijs: ik typeerde Witte vis van Remy van Heugten (zondag 26 april om 20.15 uur op Nederland 2) onlangs in een verzamelstuk over de huidige lichting Telefilms als een ‘schematisch drama’. Eelco Meuleman, een van de redacteuren die sinds kort de films op televisie voor hun rekening nemen in de Volkskrant, spreekt van ‘mooie beelden’ en ‘sterke rollen’. Het een sluit het ander niet uit, toch lijken onze oordelen als dag en nacht te verschillen (ik de chagrijn, hij de positivo).

Post to Twitter Tweet This Post

26

04 2009